Cambodjaanse vissers klagen Walmart-leveranciers aan

Phnom Penh – Mijlenver verwijderd van het vasteland waren ze het slachtoffer van uitbuiting en dwangarbeid. Sommigen zagen de dood in de ogen en vreesden hun familie nooit meer terug te zien.

Nu klagen enkele Cambodjaanse vissers hun Thaise werkgevers aan en de Amerikaanse bedrijven die over hun rug geld verdienen. In hun aanklacht, die bij een rechtbank in Californië is ingediend, beschuldigen de zeven Cambodjanen vier Thaise en Amerikaanse bedrijven van mensenhandel en aanzetten tot dwangarbeid in de Thaise visindustrie. De bedrijven leveren onder meer aan Walmart, een van ’s werelds grootste supermarktketens.

De verzetsdaad komt ruim een jaar nadat internationale media onthulden dat duizenden migranten uit Cambodja, Laos en Birma in de Thaise visindustrie een slavenbestaan leiden. Volgens de migranten, vaak arm en kansloos in hun eigen land, werden ze onder valse beloften de schepen op gelokt. Aan boord werden ze blootgesteld aan extreem lange werkdagen, intimidatie en geweld.

Het groepje Cambodjanen dat verschillende bedrijven heeft aangeklaagd, verklaarde dat ze hun paspoorten moesten inleveren, minder salaris ontvingen dan hun was beloofd en niet vrij waren om naar huis te gaan. Ze hopen op een financiële compensatie.

Volgens Papop Siamhan is het voor het eerst dat ook de afnemers zijn aangeklaagd. De advocaat staat vaak slachtoffers bij van mensenhandel en uitbuiting. ‘Het is een moeilijke zaak’, zegt hij, ‘maar als zij de link weten te leggen tussen de boot waarop zij werkten en de Amerikaanse inkopers kunnen ze de zaak winnen. Dat zou het begin kunnen zijn van veel meer rechtszaken.’

De druk op de vissers zal groot worden, voorspelt hij: ‘Intimidatie en omkoping van getuigen komen veel voor. Wij hebben meegemaakt dat een advocaat naar Cambodjaanse vissers stapt en geld aanbiedt om te zwijgen over wat er is gebeurd. Of dat ze zo worden geïntimideerd dat ze zich in de rechtszaal niet durven uitspreken.’

Thailand, onder druk van een met een boycot dreigende EU, zegt de wantoestanden in de visindustrie aan te pakken. Vissersboten en migranten worden geregistreerd, rechtszaken tegen booteigenaren en mensenhandelaren zijn gaande. Dat ook internationale afnemers mogelijk verantwoording moeten afleggen, vindt Siamhan terecht: ‘Misschien dat ze zeggen dat ze niets weten van de uitbuiting, maar het lijkt me onmogelijk dat ze hun ogen ervoor sluiten.’