Camera’s boven de stamtafel

Het wordt tegenwoordig aan elke borreltafel gezegd. De media zijn zelfgenoegzaam, oppervlakkig en hysterisch. Als er wat op te blazen valt, wordt het opgeblazen. Officieel gaat het in de media om vrije nieuwsgaring en ontmaskering van onrecht; in de praktijk jagen journalisten primeurs vooral na ter meerdere eer en glorie van zichzelf en dient het met verontwaardiging gebrachte nieuws vaak bovenal als amusement. Nieuws op de tv wordt gemonteerd als een speelfilm, een dramatisch muziekje erbij en een vleugje goedkoop moralisme - et voila: de grens tussen facts en fiction is opgeheven. Nergens bewegen de media zich zozeer op die grens als in Amerika. Denk aan de dagelijkse soap met de titel Monicagate die miljoenen Amerikanen aan de buis houdt gekluisterd. Denk aan de succesvolle series over Anita Hill en O.J. Simpson.

Al deze dingen worden graag gezegd boven een biertje. En zoals vaker geldt bij dingen die aan de borreltafel klinken: er is nog iets van waar ook.
Zelfgenoegzaamheid, oppervlakkigheid, persoonlijke ambities en valse morele verontwaardiging - het zijn de ingrediënten waarmee Tom Wolfe zijn satire over een actualiteitenprogramma van een New-Yorks televisiestation kruidt. In Hinderlaag bij Fort Bragg gaat het om een morsige, dikbuikige tv-producer Irv Durtscher die denkt dat hij de scoop gevonden heeft die al zijn frustratie zal wegspoelen. Hij heeft verborgen camera’s opgehangen in een nachtclub in Fort Bragg, boven de stamtafel van drie soldaten. Die nagelen zichzelf aan het kruis als ze opsnijden over de moord op een homoseksuele recruut. De opname met hun ongewilde bekentenis moet de moord tot een oplossing brengen en Irv Durtscher - ‘de Sergej Eisenstein, de Federico Fellini van deze nieuwe tak van kunst, dit nieuwe ethische wapen, de televisiejournalistiek’ - wentelt zich in tevredenheid.
Voordat Irv van zijn finest hour kan genieten, dat wil zeggen vóór de uitzending van het item op prime time, moeten de soldaten worden geconfronteerd met het belastende materiaal. Er volgt een bespottelijke hinderlaag: een nachtclubdanseresje lokt de soldaten uit de nachtclub naar een camper waar de anchor woman van het programma ze hardhandig moet ondervragen. Natuurlijk laten de soldaten zich niet regisseren, natuurlijk krijgt de confrontatie een onvermoede wending. Maar na afloop is er nog altijd de montagetafel.
Het heeft iets pikants dat Tom Wolfe, ooit een van de pleitbezorgers van de faction in de literatuur, in Hinderlaag bij Fort Bragg de toenemende neiging tot het maken van faction in de journalistiek op de korrel neemt. Wat de kunst mag, mag de journalistiek niet. Hoe moeilijk de grens tussen feit en fictie soms ook is te trekken, de journalistiek moet de grens blijven bewaken. Daarin heeft Wolfe groot gelijk.
Het gelijk van Wolfe is meteen het zwakke punt van zijn kleine roman. Hoe verleidelijk Wolfe zijn boek ook heeft geschreven, hoe mooi de karaktertekening van Durtscher, de hoogblonde anchor woman en de soldaten ook is - de inzet van zijn satire is te voor de hand liggend. Hinderlaag bij Fort Bragg is niet verontrustend. Het gaat over dingen waar men het aan de borreltafel roerend over eens is.