Catalaanse boosdoeners

Barcelona – De Catalaanse onafhankelijkheidsbeweging moet verboden worden. Dat is de laatste mode in Madrid, als we afgaan op de geluiden die de laatste weken steeds vaker klinken in politieke en mediakringen in de Spaanse hoofdstad. Een beetje begrijpelijk is het wel.

Barcelona – De Catalaanse onafhankelijkheidsbeweging moet verboden worden. Dat is de laatste mode in Madrid, als we afgaan op de geluiden die de laatste weken steeds vaker klinken in politieke en mediakringen in de Spaanse hoofdstad. Een beetje begrijpelijk is het wel.

Niets helpt, tot nu toe. Negeren, belachelijk maken, dreigen met economische boycots, uitstoting uit de EU, de euro, de Navo, de internationale gemeenschap in het algemeen en waarschijnlijk ook uit het melkwegstelsel (een onafhankelijk Catalonië zal ‘tot in de eeuwigheid der eeuwigheden door de ruimte moeten dolen’, aldus een bijbels geïnspireerde minister García-Margallo), het haalt allemaal niets uit. Want de steun voor onafhankelijkheid blijft hardnekkig groeien in Catalonië. Volgens de jongste peilingen is het zestig procent.

In de meeste verklaringen speelt de Catalaanse president Artur Mas de hoofdrol: via het onderwijs en de media heeft hij de bevolking gemanipuleerd; als tachtig procent van de Catalanen de mogelijkheid wil om net als de Schotten te kunnen stemmen over hun toekomst (in of buiten Spanje), dan zijn zij geïndoctrineerd.

Overzichtelijk is het wel, alleen geeft het geen antwoord op de vraag waarom bijvoorbeeld de steun voor onafhankelijkheid ook zo snel groeit onder de Catalanen die nog onder Franco naar school gingen. Of waarom de steun voor een referendum vele malen het aandeel van de publieke Catalaanse media overtreft.

Maar sinds kort hebben de verdedigers van de Spaanse eenheid tegen wil en dank een nieuwe boosdoener ontdekt. De burgerbeweging anc (het Catalaanse Nationale Congres), de basisdemocratische organisatie die de laatste grote manifestaties voor onafhankelijkheid organiseerde, zou volgens het rechtse dagblad ABC verboden moeten worden. Een paar dagen later noemde de ooit progressieve krant El País het programma van het anc – dat geweldloos en via de stembus de onafhankelijkheid nastreeft – ‘een aanslag op de representatieve democratie’. De Spaans-nationalistische Catalaanse partij C’s stelde voorzitter Carme Forcadell van het anc alvast verantwoordelijk voor ‘elke vorm van geweld die eventueel in Catalonië plaatsvindt’. En woordvoerder Alonso van de rechtse regeringspartij PP vond dat het ‘net zo antidemocratisch [is] om je wil op te leggen via geweld als via de stembus’. Je zou bijna denken dat sommigen uitkijken naar een potje geweld.