Ceci est un kunstkop (9)

Een DA-drogist, een Blokker, een Kruidvat, een Dixons, een Hema, wat muzak, een plastic overkapping, een dixielandband in de regen op zaterdagmorgen - ziedaar het gemiddelde Nederlandse stads- en dorpscentrum.

Je kunt in je onderwijs Rembrandt en Van Gogh stoppen, Jacob Obrecht en Palestrina, P. C. Hooft en Van Baerle, Descartes en Spinoza, Erasmus en de familie Huygens, de uitkomst is een DA-drogist, een Blokker, een Kruidvat, een Dixons, een Hema, wat muzak, een plastic overkapping en een dixielandband in de regen op zaterdagmorgen.
Want uiteindelijk zijn we onzeker en voelen we ons eenzaam. Uiteindelijk willen we allemaal met elkaar praten. Uiteindelijk willen we allemaal vrede en elkaar niet storen. De beste oplossing tegen al die angst, de beste waarborg voor vrede is gelijkvormigheid.
De mensen zijn niet gelijk; ze willen het wel worden.
Je kunt misschien nooit een kwaliteitsoordeel geven over kunst, je kunt wel de effectiviteit beoordelen.
Gelijkvormigheid is bijzonder effectief. Hoeveel boeken gaan er op het ogenblik in de Nederlandse literatuur niet over incest? Hoeveel autobiografische romans zijn er niet. Hoeveel reisromans zijn er niet.
Doe allemaal hetzelfde en je bent gelukkig; een boodschap die als een wave door het stadion gaat. Alles gaan we in thema’s onderbrengen waarin de gelijkvormigheid verzameld kan worden. Bloemlezingen met poezie over moeders, over begrafenissen, over poezie, over vaders, over kinderen, over nonsens, over oorlog. Aparte winkels voor vrouwenliteratuur, reisliteratuur, New Age- literatuur, literatuur over architectuur, over kunst, over muziek. Alles wordt opnieuw ondergebracht en in nieuwe mapjes gedaan: een mapje kunst voor de Tweede Wereldoorlog, kunst na de Tweede Wereldoorlog, impressionisten, expressionisten, postmodernen, minimalen. In sommige mapjes zit van alles wat, want dat mag ook.
Smaak is niets meer; goede smaak is alleen duurder dan slechte smaak; een goed aforisme is net zo veel waard als een dikke roman.
De beste citaten worden gebloemleesd, je beste verhalen trouwens ook. Alles komt wel ergens terecht. Nergens wordt zo gerecycled als in de kunst.
Hoe gelijkvormiger alles is, hoe minder angst er is. Hoe minder oorlog.
Kunst moet eigenlijk oorlog voeren, maar niemand weet meer waartegen.
De nieuwe cliches: jezelf zijn, je grenzen overschrijden, jezelf ontwikkelen, je passies en hartstochten volgen, je emoties uitbouwen, dingen ontdekken - het is niet eens meer om te lachen of te huilen; het is impotente taal. Als we het niet meer weten, gaan we plagieren en noemen dat ‘citaat’.
Nederlandse kunst is oorlog voeren met waterpistolen. Je mag wel iemand nat spuiten - dat is nog wel leuk - maar hem echt verwonden mag niet. Ik ben erg tegen oorlog - maar niet in de kunst.
Niemand durft te zeggen dat hij eigenlijk niet kan kijken. Niemand weet hoe hij moet kijken. De coach van Ajax, Louis van Gaal, zei dat je een wedstrijd eigenlijk moet kunnen 'lezen’. Hij bedoelde daarmee te zeggen dat een wedstrijd een eigen grammatica heeft die je moet leren. Als je die grammatica kent, kan je niet alleen lezen, maar ook zelf iets schrijven.
In het boek Doorkijkjes van Piet Meeuse, dat een prachtige analyse geeft over kijken, staat ook weer dat we kunst meer moeten lezen dan bekijken.
Ote ote boe: kunst is een taal die eigenlijk niemand meer kan lezen en spreken, maar we doen wel allemaal of we hem verstaan. Wat we verstaan is een DA-drogist, een Blokker, een Kruidvat, een Dixons, een Hema, wat muzak, een plastic overkapping en een dixielandorkest in de regen.