Chaos bij Keniaans drama

Nairobi – De glazen deuren waardoor hooggehakte Keniaansen en expats tot voor kort de wereld van croissants betraden, gingen niet meer open. Dat lukte pas toen de Keniaanse agenten voldoende kracht zetten. De oorzaak: een stapel lijken, daar strategisch opgestapeld door terroristen die op zaterdagmiddag 21 september rond lunchtijd de Westgate Mall in de Keniaanse hoofdstad Nairobi aanvielen.

‘Het dodental staat op 68’, meldde het Rode Kruis op de derde dag van het drama, de grootste terroristische aanslag in Kenia sinds de bom op de Amerikaanse ambassade in 1998 aan meer dan 250 mensen het leven kostte. De aan al-Qaeda gelieerde Somalische terreurbeweging Al Shabaab eiste de verantwoordelijkheid zaterdagavond op. Meer dan twee etmalen later was het einde nog niet in zicht. Ondertussen doneerden Kenianen massaal bloed voor de gewonden. Tribale sentimenten zijn, in ieder geval tijdelijk, verdreven door de populaire hashtag WeAreOne op Twitter. Het land dat opnieuw een trauma heeft opgelopen slaat massaal de handen ineen.

Maar alle andere feiten rond de aanslag in Nairobi blijven vaag. Chaos en verwarring overheersen als de gijzeling de vierde dag is ingegaan. Dat is vooral te danken aan de tegenstrijdige berichtgeving van de Keniaanse regering. De Keniaanse media lijken die tam te volgen. Internationale journalisten daarentegen krijgen online uitbranders voor hun ‘opruiende berichtgeving’. Het doet sterk denken aan de dynamiek tijdens de afgelopen presidentsverkiezingen.

‘De belegering is over, we hebben het onder controle’, berichtte het ministerie van Binnenlandse Zaken op dag 4. Maar van informatie of beelden van de terroristen of bevrijde gijzelaars geen spoor. Verslaggevers ter plekke spraken intussen over doorgaande schietpartijen. En toen minister van Binnenlandse Zaken Joseph Ole Lenku zei dat onder de terroristen geen vrouwen waren, meldde een ander departement dat de gezochte Britse ‘witte weduwe’ Samantha Lewthwaite tot de daders behoort.

De frustratie over de onduidelijke informatievoorziening en de speculatie die dat teweegbrengt, komt boven op de twijfel over de competentie van Kenia om de aanslag eigenhandig te verijdelen. President Kenyatta was er als de kippen bij om te zeggen dat ‘we deze interne aangelegenheid zelf zullen oplossen’. En hoewel de politie, paramilitairen, het leger en veiligheidsadviseurs zich snel verzamelden bij het winkelcentrum ontbrak het aan onderlinge coördinatie. Op niemands bureau leek een doordacht calamiteitenplan klaar te liggen. Slechts een handjevol critici werpt publiekelijk vragen op over hoe dit zo ver heeft kunnen komen. Want sinds het Keniaanse leger in 2011 Somalië binnenviel, was het wachten op revanche. De Westgate Mall, symbool van economische voorspoed, stond al maanden bekend als potentieel doelwit.