Clou wordt complot

Peter Høeg
De stilte en het meisje
Uit het Deens (Den stille pige, 2006) vertaald door Edith Koenders, Jytte Kronig en Lucy Pijttersen. Meulenhoff, 455 blz., € 22,50

Na tien jaar eindelijk weer een nieuw boek van de auteur van Smilla’s gevoel voor sneeuw. Of je wekt ontzag door heel lang over een meesterwerk te doen, of je schrijft het in een vloek en een zucht, daartussen zit de middelmaat. Het zou mij verbazen als Høeg (1957) hiervoor meer dan een jaar nodig heeft gehad; het is niet voor niets zo dik. Al in eerdere boeken, zoals het inderdaad tien jaar geleden verschenen De vrouw en de aap, liet hij zien hoe mooi materiaal om zeep geholpen kan worden door effectbejag en veel te goede bedoelingen.

De veertiger Kasper Krone is een internationaal gevierde muzikale clown met een rijk verleden als belastingfraudeur, speler en vooral geluidsgenie. Sinds hij op zijn twaalfde bij een act zijn rug brak en genas, kan hij, dichtbij en in de verte, alles en iedereen aan geluid identificeren. Zo herkent hij alle mensen aan hun toonsoort; in iedereen zit muziek. Naast zijn circuswerk adviseert hij op alle gebieden, op akoestisch gebied maar ook in de kinderpsychiatrie, omdat hij tot de klankessentie van kinderen kan doordringen. En zo leert hij een klein meisje kennen, KlaraMaria: zij is juist uitzonderlijk stil. Van haar soort is er een twaalftal kinderen uit de hele wereld bijeengebracht, door mensen met boze bedoelingen. Eind jaren negentig ontstaat er namelijk een nieuw soort criminaliteit dat werkt met controle over het bewustzijn. De kinderen zouden in staat zijn aardschokken te voorspellen – of zelfs teweeg te brengen – en daarmee hebben vastgoedhandelaren in Kopenhagen, dat toch al poreus is van onderen, goud in handen. Zij kunnen niet alleen het meisje maar ook het geluidsgenie goed gebruiken.

Høeg wilde rond de geluidsman per se een verhaal weven, een plot werd meteen een allesomvattend complot: alle ontmoetingen, tot en met de amoureuze die hem al jaren achter een vrouw aan laat hollen, blijken onderdeel van een masterplan. Alsof dat nog niet genoeg is, wordt het misdaadverhaal en de liefdesgeschiedenis bemand met martiale nonnen uit een koptische kloosterorde. De thriller wordt behalve sf-verhaal ook nog een vertoog over religie, het Kwaad, muziek, stilte, liefde, en een lofzang op het circus. Høeg kan en weet veel, het boek bevat echt mooie scènes, alleen kan hij geen maat houden en wil hij behalve zijn kennis van Bach en de tektoniek ook nog een verzameling etherische boodschappen kwijt. De ontknoping maakt zeker van de laatste paar honderd pagina’s een lachertje.