DANS

Clusterbom

Julidans

Julidans heeft lang last gehad van een imagoprobleem. Het werd toch een beetje gezien als het festival dat aan het einde van het theaterseizoen en in de schaduw van het Holland Festival ook nog zo nodig een boel dans van niet altijd even hoge kwaliteit moest laten zien. Wie dat nu nog zegt heeft ongelijk: de laatste jaren heeft Julidans zich ontwikkeld tot een volwaardig internationaal dansplatform waar de meest spraakmakende hedendaagse dans van over de hele wereld wordt geprogrammeerd. Voor de 21ste editie staan onder meer op de rol een wereldpremière van Wim Vandekeybus, de Nederlandse première van Wim Wenders’ 3D-eerbetoon aan Pina Bausch, de laatste creaties van Maguy Marin, Mathilde Monnier, Sidi Larbi Cherkaoui en een pittige randprogrammering Julidans Next in de Melkweg. Dansliefhebbers kunnen de zomervakantie maar beter twee weken uitstellen.

Op 1 juli ging het festival van start met het wonderlijke Ich sah: Das Lamm auf dem Berg Zion, Offb. 14,1 van de Duitse choreograaf VA Wölfl. Hoewel Wölfl al zo'n 25 jaar de drijvende kracht is achter het gezelschap Neuer Tanz in Düsseldorf is hij bij het Nederlandse publiek niet bekend. Ten onrechte, zo bleek. Oorspronkelijk geschoold als beeldend kunstenaar (hij studeerde schilderkunst en fotografie bij Oskar Kokoschka en Otto Steinert) noemt hij zichzelf liever geen choreograaf maar chorograaf, waarmee hij bedoelt dat hij zijn stukken niet zozeer benadert vanuit beweging, maar vanuit het gebruik van de ruimte.

Dat is evident vanaf het moment dat je de zaal binnenloopt. Tussen de stoelen staat een twintigtal metershoge cipressen opgesteld. Hierdoor word je niet alleen prompt uit de schouwburgcontext gegooid (want in welk theater zie je nu een voorstelling tussen het groen?), maar ook meteen met de fysieke ruimte van het theater geconfronteerd: het is toch heel anders kijken en ondergaan als een deel van het podium aan je zicht wordt onttrokken door een boom.

Tussen de cipressen door ontvouwt zich vervolgens een onderkoeld, beetje macaber spektakel waarin een negental dansers, evenveel pistolen, klassiek ballet en het gedragen ritme van John Dowlands melancholische lied Flow My Tears de belangrijkste bouwstenen zijn. Scène na scène, soms bruusk van elkaar gescheiden door heftig gekleurde lichtflitsen of verpletterende orgelakkoorden, zien we de dansers in strak maatkostuum of mantelpak voortbewegen door hun bestaan dat wordt beheerst door etiquette (klassiek ballet), gevaar (de geweren die de dansers de hele voorstelling door in hun hand hebben) en gesublimeerd existentieel verdriet (Flow My Tears).

Toch is Ich sah geen zwaar of treurig stuk; Wölfls fenomenale gevoel voor esthetiek maakt dat je als kijker vooral geniet van de absurde beelden die hij oproept en de prachtige composities die hij op het podium creëert. Bovendien heeft hij genoeg gevoel voor humor, zodat de sluimerende spanning die onder het stuk ligt regelmatig wordt doorbroken en de voorstelling een bijna camp randje krijgt. Zo breekt een danseres, na zichzelf symbolisch door het hoofd te hebben geschoten, totaal onverwacht uit in een korte coloratuuraria, steekt zij droogjes een microfoon in de fik (versterkt!) en blijken de cipressen in de zaal ook bijzonder elegant pirouetten te kunnen draaien.

Ich sah is een clusterbom van ideeën die door Wölfl uiterst gecontroleerd tot ontploffen wordt gebracht. Een voltreffer.

Julidans, Ich sah: Das Lamm auf dem Berg Zion, Offb. 14,1 door Neuer Tanz, Düsseldorf, choreografie: VA Wölfl, gezien op vrijdag 1 juli in de Stadsschouwburg Amsterdam