Commentaar

We noemden ze Vogelaarwijken, krachtwijken en aandachtswijken – maar uiteindelijk bleven het gewoon probleemwijken. Ruim een miljard euro vloeide er tussen 2008 en 2012 naar de veertig slechtste buurten van Nederland. Per bewoner ging het om jaarlijks gemiddeld 388 euro aan extra investeringen. Het betrof het paradepaardje van het vierde kabinet-Balkenende.

Het resultaat? ‘Geen onderscheidend gunstig effect op sociale stijging, leefbaarheid en veiligheid in de aandachtswijken’, aldus het ontluisterende oordeel dat het Sociaal en Cultureel Planbureau (scp) deze week in haar evaluatie velt. De onderzoekers vergeleken de ontwikkeling van de achterstandswijken met die van andere, vergelijkbare gebieden. Zeker, er zijn lichtpuntjes. Bij de lancering van het plan in 2007 door toenmalig minister Ella Vogelaar werd nog gevreesd voor ‘Franse toestanden’. Maar de wijken zijn gelukkig niet verder afgezakt. Bewoners tonen zich bovendien tevredener over de eigen buurt, en zeggen minder verloedering te ervaren.

Het scp concludeert ook dat mede als gevolg van grootschalige sloop en nieuwbouw er nieuwe, rijkere mensen zijn komen wonen in de wijken. Stenen stapelen helpt dus – een beetje. Dat is in lijn met eerdere evaluaties. Het maakt de slingerbeweging compleet: enkele jaren geleden waarschuwden onderzoekers van hetzelfde scp nog voor zo’n nadruk op herstructurering. Of je dat beleid succesvol mag noemen, valt ook nu te betwijfelen. Er lijkt sprake van het gevreesde waterbedeffect. De achterstanden verdwijnen niet, maar verhuizen samen met de mensen naar elders. Een echte oplossing kun je dat niet noemen. Al met al lijken de conclusies van het scp de pessimisten van destijds te bevestigen. Het rapport leest als het zoveelste bewijs dat ambitieuze megaprojecten van bovenaf niet werken. Te duur, te veel, te groot. De samenleving is niet maakbaar, zo lijkt de teneur. Je zou er bijna conservatief van worden.

Maar de evaluatie biedt net zo goed voer voor de omgekeerde conclusie. De wijkaanpak had tien jaar moeten duren. Het werd vier jaar. Een flink deel van de beoogde miljardeninvesteringen kwam er nooit. En het geld dát werd uitgegeven, werd verspreid over talloze ‘leuke’ initiatieven en vage doelstellingen: van leefbaarheid tot participatie, van buurtbarbecues tot nieuwe tuinhekjes. Niet te groot, maar te klein dus. Niet voor niets waarschuwt ook het scp voor versnippering. Dat sluit aan bij een analyse die twee Duitse politicologen enkele jaren geleden maakten. Zij constateerden een omslag in sociaal beleid van grootschalige topdown-‘programma’s’ naar allerlei decentrale, ad hoc-‘projecten’. Het gevolg is de beruchte projectentombola.

Los van de vraag of de wijkaanpak te ambitieus of te bescheiden was, staat één ding buiten kijf. Het scp-rapport maakt duidelijk dat buurtbeleid zich niet in een vacuüm afspeelt. Zijn wijkbewoners er in inkomen op voor- of achteruit gegaan? Dat blijkt vooral af te hangen van de economische conjunctuur. Criminaliteit ondanks alle maat­regelen gestegen? De onderzoekers wijzen op de crisis. De verkoop van huurwoningen levert niet de gewenste resultaten op? Logisch, nu de woningmarkt muurvast zit.

Uiteindelijk waren de investeringen in de aandachtswijken een gedurfde poging om lokaal pleisters te plakken. Maar de wonden – van structurele werkloosheid tot problemen in het onderwijs – zijn al te vaak het gevolg van landelijke en mondiale ontwikkelingen. Wat heb je aan een opgeknapt tuinhekje als je door de malaise in de bouw je baan verliest? Uiteindelijk is en blijft een miljard euro veel geld. Maar het is ook slechts een fractie van wat deze regering haar burgers aan bezuinigingen en lastenverzwaringen oplegt.

Vogelaars projectentombola