Commentaar: Na de ramp

De Telegraaf, rampenkrant voor Nederland, stelde de enige relevante vraag, in kleur, over de volle breedte van de voorpagina: Hoe kon dit?

De vraag stellen was hem beantwoorden. Dat kon omdat in de betreffende woonwijk honderd ton aan vuurwerk was opgeslagen, explosief spul dat ooit tot ontbranding komt, is het niet op oudejaarsavond, is het wel op het moment dat een toevallige passant een sigarettenpeuk over de omheining gooit.
Alle betrokkenen zweren bij de extreme veiligheidsmaatregelen van het betrokken bedrijf. De werknemer die al rokend wordt betrapt, vliegt eruit en de voorschriften van de Hinderwet worden elk half jaar door de autoriteiten getoetst.
Dat is mooi. Minder mooi is dat er, ondanks de overheidszorg, toch een hele woonwijk de lucht in is gevlogen, een gebeurtenis die in de geschiedenisboeken als een der grote, nationale rampen zal worden bijgeschreven.
Toch is er een verschil met de Watersnoodramp en de Bijlmerramp. Voor de Watersnoodramp kunnen wij niemand verantwoordelijk stellen, hoogstens Onze Lieve Heer. Zo ook de tragedie in de Bijlmer. Elke machine gaat op een gegeven moment stuk en dat dit in dit geval boven een woonwijk gebeurde, valt niemand persoonlijk aan te rekenen want leidt zo'n aanvliegroute niet via Amsterdam, dan leidt hij via Haarlem of Aalsmeer. Dat is nu eenmaal de consequentie van het feit dat onze nationale luchthaven midden in de overbevolkte gemeente Randstad is gesitueerd.
Bij de gemeente Enschede ligt de situatie echter een nuance anders.
Die beschikt over een wethouder die voor het milieubeleid verantwoordelijk is en een burgemeester die op alles valt aan te spreken, in elk geval op de handel en wandel van brandweer en politie. Het optreden van deze burgemeester is dezer dagen in alle toonaarden geprezen en er valt, zo te zien, inderdaad weinig op zijn crisisbeleid af te dingen. Hij heeft zijn stad onmiddellijk voor ramptoeristen afgesloten en heeft de zaak niet mooier voorgesteld dan hij is.
Alle lof. Blijft het feit dat midden in zijn stad honderd ton aan vuurwerk lag opgeslagen zonder dat hij daar, in de zes jaar van zijn bewind, iets van heeft afgeweten.
Het is te gemakzuchtig om onmiddellijk te gaan roepen dat daarom ’s mans kop moet rollen. Niettemin, politici die doodeenvoudig de consequentie trekken uit de ongerechtigheden die onder hun verantwoordelijkheid zijn geschied, lijken inmiddels uitgestorven.
De honderd ton vuurwerk die in Enschede de lucht in is gegaan zijn, zo blijkt, kinderwerk vergeleken bij de hoeveelheden die elders in het land liggen opgeslagen. In Tilburg ligt duizend ton en Leeuwarden spant, met vijftienhonderd ton, de kroon. De fabrieken annex opslagplaatsen staan níet in een woonwijk, maar op een industrieterrein, is ons geruststellend verzekerd. Dat lijkt een geruststellende gedachte, behalve als men beseft dat ook op een industrieterrein (andere) fabrieken en opslagplaatsen staan, waar mensen werken.
Het zijn alles bij elkaar krankzinnig grote voorraden, omdat Nederland na China nu eenmaal het meest vuurwerkverslaafde land ter wereld is, waarin alleen al op oudejaarsavond voor zulke immense kapitalen wordt afgeschoten dat het langzamerhand obsceen is geworden.
Bovendien is de vuurwerkverslaafdheid inmiddels naar alle sectoren des levens overgeslagen, van de discotheek tot de voetbaltribune, terwijl er geen verjaardag of jubileum kan worden gevierd zonder dat er gillende keukenmeiden aan te pas komen.
Het is inmiddels een vast onderdeel van onze cultuur, en het valt ongetwijfeld onder een soort grondrecht, zodat er helaas weinig aan te doen valt, behalve het grossieren in tamelijk stupide Postbus 51-spotjes.
Wedden dat het op de aanstaande oudejaarsavond zelfs in Enschede weer zal knallen, alsof er op zaterdag 13 mei 2000, ’s middags om half vier, niets aan de hand is geweest?
Het getroffen gebied lag in een achterstandswijk met veelal vooroorlogse woningen, bewoond door merendeels allochtonen en uitkeringsgerechtigden. Ook zij wisten van niets. Zij veronderstelden dat hun huizen door een papieropslagplaats werden begrensd. Inmiddels weten zij beter. Vreemd dat dit soort ondernemingen nooit in de Goudkust, Hillegersberg of Bezuidenhout is gesitueerd.