Koningshuis niet voor het eerst in verband met criminelen

Connecties van Oranje

De affaire rond Mabel Wisse Smit is niet de eerste keer dat Oranje in één adem wordt genoemd met de Nederlandse onderwereld. Ook Willem-Alexander en de voormalige huisadvocaat van koningin Beatrix figureerden al eens in de wilde wereld van de overleden gangsterbaas Klaas Bruinsma.

Is er nog hoop voor de aspiraties van Mabel Wisse Smit als reserve-koningin van Nederland? Het antwoord moet natuurlijk ontkennend luiden. Zoals senior royalty watcher Harry van Wijnen het deze week uitdrukte in Het Parool: «Mevrouw is niet meer te redden.» Of de aanstaande bruid van prins Friso nu wel of niet een amoureuze relatie heeft gehad met gangsterkoning Klaas Bruinsma doet er niet eens meer toe. Feit is dat Mabel via de pijplijn van de Rijksvoorlichtingsdienst heeft zitten jokken over haar band met de in 1991 door een ex-agent vermoorde hasjkoning, en daarbij is betrapt door SBS-speurder Peter R. de Vries.

Vanaf het moment dat Mabel onder druk haar eerdere verklaring over haar bezoekjes aan Bruinsma’s love boat de Neeltje Jacoba introk en toegaf dat ze Bruinsma veel intensiever had gekend, was de beer los. Premier Balkenende, ministerieel verantwoordelijk voor de gedragingen van Mabel vanaf het moment dat zij liefderijk door de koningin in de armen werd gesloten en bij de uitvaart van prins Claus zelfs werd toegelaten tot de grafkelder van het vorstenhuis, zit weer met een zure oranje-bom in de maag. Voor de Zeeuwse moraalridder was er geen onaangenamer verrassing denkbaar.

Het dilemma is keelsnoerend: als de premier nu voor Mabel in de bres springt, is de kans groot dat hij later — net als in het geval van het lichten van het sociale-dienst-dossier van Edwin De Roy van Zuydewijn — met nieuwe onaangename feiten wordt geconfronteerd, waardoor hij weer met een mond vol tanden voor de Tweede Kamer moet staan. Wat bijvoorbeeld te doen als er straks foto’s opduiken van Bruinsma en zijn «gangsterliefje»? Volgens aanhoudende geruchten bestaan die foto’s wel degelijk. Ze werden al eerder aangeboden aan de redactie van Nova, die daar toen geheel conform de dynamiek van de publieke omroep nog geen groot belang in zag. Al even hardnekkig zijn de geruchten over de zakelijke relatie die Mabels (inmiddels overleden) stiefvader Peter Wisse Smit als bankier zou hebben onderhouden met het Bruinsma-imperium. Ook daarover moet de premier wel eens wakker liggen.

Anderzijds staat Balkenende onder grote druk van het vorstenhuis om Mabel van het perscanaille te redden. Zijn huidige strategie — totale radiostilte in afwachting van een «onafhankelijk onderzoek» — wordt door Beatrix niet gewaardeerd, daar de vorstin zelf eerder al publiekelijk een nihil obstat over het curriculum vitae van Mabel heeft uitgesproken. Indien Balkenende tot het spectaculaire besluit zou komen om voor het voorgenomen huwelijk van Mabel en Friso geen toestemmingswet in te dienen bij de Tweede Kamer zou hij zich de koninklijke toorn op de hals halen. Zonder toestemmingswet zou Friso, nota bene degene bij de Oranjes die het familiekapitaal beheert, niet langer deel uitmaken van het koninklijk gezin en dus ook geen toelage van het rijk meer ontvangen. Voor de vorstin zou dat een niet te tolereren inbreuk betekenen op haar allerprivaatste leefsfeer, en in dat geval zou niemand in de schoenen van de jeune premier willen staan.

Op de verdedigingslinie die inmiddels rond Mabel is opgetrokken valt het een en ander af te dingen. Ottolien Lels, de vrouw die dinsdag 7 oktober in de Volkskrant kwam met de verklaring dat zij en niet Mabel het liefje van Bruins ma was, heeft als getuige à décharge niet zo gek veel waarde omdat zij zich nadrukkelijk presenteert als een «persoonlijke vriendin» van de kandidaat-prinses. In tijden van crisis moeten vriendinnen elkaar natuurlijk steunen, maar dat komt hun geloofwaardigheid niet automatisch ten goede. Daarnaast is Mabels reputatie in bescherming genomen door de twee Amsterdamse penosebazen Geurt R. en Etienne U. Deze beide mannen stammen uit de incrowd van Bruinsma en hebben vroom verklaard nooit van Mabel te hebben gehoord. Maar deze verklaringen kunnen makkelijk zijn voortgekomen uit welbegrepen eigenbelang. Beide heren hebben immers veel te verliezen bij een heropening van het onderzoek naar aard en wezen van het Bruinsma-imperium, dat heden in het kielzog van Mabel-gate dreigt te gaan geschieden. Daarnaast staat Etienne U. bekend als een groot vriend van het vorstenhuis. In de jaren tachtig viel zijn naam als tipgever aan de BVD bij de verijdeling van een Moluks plan om koningin Juliana te gijzelen.

Een hernieuwd onderzoek naar aard en wezen van het Bruinsma-imperium zou een nieuwe start kunnen betekenen voor de erfenis van de commissie-Van Traa en daarmee de zogeheten IRT-affaire weer nieuw leven kunnen inblazen. Een van de laatste partijen die daarop zitten te wachten, is de Amsterdamse politie. Deze zag de uitkomst van de IRT-enquête (die in wezen ging om beschuldigingen van de Utrechtse politie over banden van de Amsterdamse collega’s met het Bruinsma-imperium) immers als een rehabilitatie. Tekenend is dan ook dat er momenteel een strijd gaande is tussen de AIVD (de opvolger van de BVD) en de Amsterdamse politie over de dossiers in de zaak-Bruinsma. Volgens de Amsterdammers zijn die dossiers al uit de archieven verwijderd, omdat Bruinsma nu eenmaal dood is. Die uitspraak heeft al veel verwondering gewekt, want Bruinsma mag dan op het kerkhof liggen, zijn opvolgers in het criminele circuit zijn nog volop actief en hun dossiers ook anno 2003 nog steeds zeer relevant. Zou hier sprake zijn van een poging tot camouflage?

Het is niet de eerste keer dat het huis van Oranje wordt gekoppeld aan het milieu van wijlen Klaas Bruinsma. Zo werd prins Willem-Alexander op 1 november 1999, toen de kroonprins zich aan de marathon van New York had gezet, gefotografeerd in het gezelschap van mr. John Engelsma, op dat moment advocaat van de wijd en zijd beruchte Amsterdamse firma Engelsma & Korvinus. Engelsma maakte in New York deel uit van hetzelfde hardloopteam als de prins, toepasselijk de «Dutch Centurions» genoemd. Engelsma, die inmiddels als advocaat is afgezwaaid, stond in die tijd onder officiële verdenking bij de Nederlandse en Zwitserse justitie in een onderzoek naar de leiding van het internationale misdaadsyndicaat van de erven Bruinsma, in de regel de «Delta-organisatie» genoemd.

Nadat Bruinsma op 27 juni 1991 bij het Amsterdamse Hilton Hotel was vermoord, kwam zijn imperium terecht bij deze Delta-organisatie. Het eind 1993 ontbonden Interregionaal Rechercheteam maakte lange tijd jacht op de Delta-groep, waar volgens het irt Bruins ma’s voormalige tweede man Etienne U. de leidende figuur was. Advocaat Engelsma werd door dezelfde speurders gezien als het juridische brein van deze operatie. Vast staat dat Engelsma zich in elk geval ontfermde over Bruinsma’s schepen, waaronder de in de Mabel-affaire zo vaak genoemde voormalige reddingsboot de Neeltje Jacoba. Om te voorkomen dat het schip door de fiscus zou worden geconfisqueerd, werd de Neeltje Jacoba door Engelsma namens Bruinsma verkocht aan een stichting in Enkhuizen, de Stichting Tot Behoud van de Traditionele Motorbedrijfsvaartuigen. Engelsma verkocht het schip aan de stichting officieel voor een kleine drie ton. Volgens Het Parool betaalde de stichting in werkelijkheid helemaal niets. Bruinsma bleef het schip ook gewoon gebruiken. Tot penningmeester van de stichting werd Jan ’t Hoen benoemd, boekhouder van het advocatenkantoor Engelsma & Korvinus. Als advocaat van de stichting trad mr. Bert Lassche op, eveneens verbonden aan Engelsma & Korvinus.

Al deze ijver van mr. Engelsma ten bate van de privé-vloot van Klaas Bruinsma vermocht de entree van Engelsma tot de inner circle van Willem-Alexander kennelijk toch niet in de weg staan, getuige de broederlijke marathon door de straten van New York. Wat dat betreft zou Mabel zich dus kunnen beroepen op een koninklijk precedent.

Een ander precedent is de affaire-Salomonson. Frits Salomonson was tot enkele jaren geleden actief als juridisch adviseur van koningin Beatrix. Hij genoot een gewaardeerde vertrouwensfunctie, zo hoog dat hij lid was van de voogdijraad van Willem-Alexander, een denktank van wijze mannen die de kroonprins als minderjarige onder de hoede zou nemen indien zijn ouders hem zouden komen te ontvallen.

Het geval wil echter dat Salomonson, vroeger ook plaatsvervangend kantonrechter te Amsterdam, in een bijlage van het rapport van de commissie-Van Traa werd genoemd — weliswaar niet met naam en toenaam, maar wel zodanig beschreven dat een persoonsverwisseling uitgesloten was — in een «inventarisatie van verwijtbare betrokkenheid» bij grootscheepse witwasoperaties van het Bruinsma-imperium. Als commissaris van het beursgenoteerde high-techfonds Text Lite zou de advocaat van Oranje samen met zijn toenmalige kantoorgenoot Oscar Hammerstein zijn betrokken bij het witwassen van «ettelijke miljoenen drugsgeld» via de uitgifte van zogeheten «personeelsopties». Salomonson zette zich vervolgens met succes aan het bestrijden van deze aantijgingen — het laatste nieuws was dat hij de verantwoordelijke opstellers van dat deel van het rapport hoofdelijk zou laten vervolgen. Salomonson was als gevolg van deze affaire echter wel gedwongen zich terug te trekken als juridisch adviseur van de vorstin.

Kortom, het is niet de eerste keer dat Oranje in één adem wordt genoemd met de krochten van het Bruinsma-imperium. Ook uit hoofde daarvan zal Mabel zich wellicht kunnen beroepen op de solidariteit van haar kandidaat-schoonfamilie. Of het haar zal redden van haar kwelgeest Peter R. de Vries is echter zeer de vraag.