Corruptiebestrijding in Oekraïne

Terwijl de gevechten in het oosten van Oekraïne nog dagelijks slachtoffers eisen, richten voormalige actievoerders van het Maidanplein zich op het tweede front: het bestrijden van de corruptie. ‘Vroeger kon iedereen precies vertellen wat er mis was, maar niemand deed wat. Nu zijn burgers in actie gekomen. Dat is pure winst.’

Medium hh 49026080

Toen zijn 26-jarige dochter op Facebook een foto plaatste van zichzelf met Paris Hilton, feestend in een dure club in Cannes, viel de baas van de verkeerspolitie van Kiev door de mand. Journalisten ontdekten dat het gezin van Alexander Jersjov er een luxueuze levensstijl op nahield. Niet alleen reden zijn dochters en echtgenote rond in dure sportwagens, hun Porsche en Lexus bleken ook nog eens voorzien van valse kentekens. De zussen probeerden zich nog te verdedigen door te zeggen dat ze de cadeaus en snoepreisjes hadden gekregen van bewonderaars, maar het was al te laat: vader Jersjov moest diezelfde dag nog ontslag nemen.

Het ontslag van de politiechef vorig jaar is een van de wapenfeiten van het Nationale Lustratiecomité van Oekraïne, een burgerinitiatief dat als doel heeft de corruptie in het land uit te roeien. Opgericht tijdens de Euromaidan groeide het comité in korte tijd tot een van de meest omstreden en gevreesde organisaties van het land. ‘We begonnen tijdens de revolutie met een handjevol activisten, maar al gauw sloten allerlei mensen, onder wie een heleboel journalisten, zich bij ons aan’, vertelt Oleksandra Drik in haar kantoor in Kiev.

De 29-jarige blogger en pr-manager was een van de eerste vrijwilligers die zich in 2014 aanmeldden. Met haar kordate optreden schopte ze het in een jaar tijd tot directrice van het comité. Met haar korte rode kapsel en traditionele, Oekraïense kledingstijl is ze een opvallende verschijning. Drik: ‘Het is hoog tijd dat de Oekraïense overheid aan het werk gaat. Wij helpen graag door te laten zien: die en die persoon heeft meegewerkt aan het regime en moet worden ontslagen.’

De boodschap van de demonstranten op het Maidanplein in Kiev was glashelder: weg met de corrupte overheid en de graaiende functionarissen die jarenlang ongestraft de staatskas konden leegroven. Nadat president Janoekovitsj het land uit was gevlucht, bestormden woedende burgers het presidentiële paleis buiten Kiev. Ze stuitten op een onnoemelijk aantal kostbaarheden, een wagenpark vol oldtimers, een dierentuin en zelfs een twee kilo wegend gouden brood. Janoekovitsj had op het laatst nog gepoogd zijn paperassen te vernietigen door ze in de presidentiële vijver te gooien, maar activisten visten ze één voor één uit het water. Onder leiding van onderzoeksjournalist Denis Bigos plakte een team van honderd activisten maandenlang geshredderde, gescheurde en kleddernatte documenten aan elkaar om zo de corrupte handel en wandel van de oud-regering in kaart te brengen. Het resultaat geeft een unieke inkijk in de werkwijze van de gehate elites die het land jarenlang leegroofden.

In een kwart eeuw onafhankelijkheid slaagde Oekraïne erin uit te groeien tot een van de meest corrupte landen ter wereld. Iedere trede op de maatschappelijke ladder heeft zijn prijs: een veilige bevalling in een ziekenhuis, een plekje op een crèche of universiteit, een baan met toekomst. Het is een spel met één simpele regel: succes kost geld. De gemiddelde Oekraïner, die moet rondkomen van tweehonderd euro per maand, is dat spel al jaren een doorn in het oog.

‘Lustratie’ werd het toverwoord in de strijd tegen corruptie. Oorspronkelijk een Romeins reinigingsritueel, verwierf de term na de val van de Sovjet-Unie een nieuwe betekenis: het zuiveren van het door de sovjet-elites volledig gecorrumpeerde systeem. In Polen, Tsjechië en de Baltische Staten kwam begin jaren negentig een maatschappelijke discussie op gang over de manier waarop afgerekend diende te worden met het sovjetverleden. Er werden wetten geschreven en campagnes gestart om het communistisch spook te verdrijven uit de overheidsinstanties, in ieder land anders en met wisselend succes.

Oekraïne miste de boot. Voor de toenmalige president Kravtsjoek hadden hervormingen geen prioriteit en onder zijn opvolger Koetsjma kwam midden jaren negentig het merendeel van de Oekraïense industrie en bedrijven voor een habbekrats in handen van een kleine groep oligarchen. Met hun duizelingwekkende rijkdom konden ze de politiek gemakkelijk naar hun hand zetten, ten koste van de gewone burger.

Ondanks de chaos waarin Oekraïne nu al meer dan twee jaar verkeert, zijn de hervormers nog steeds vast van plan die schade in te halen. Niet alleen moet de regering worden gezuiverd van de aanhang van Janoekovitsj, ook de oud-communisten die de instituties nog altijd bevolken moeten eindelijk eens worden aangepakt. Maar hoe ontmantel je een schaduweconomie die zo’n vijftig procent van het bbp beslaat? Dat was de vraag waarmee Oleksandra Drik en haar collega’s in 2014 aan de slag gingen.

Aanjager van de Oekraïense lustratie-campagne is de 39-jarige parlementariër Jegor Sobolev. Als financieel en politiek journalist deed Sobolev jarenlang onderzoek naar corruptie. Hij begon in Donetsk, toen nog een welvarende industriestad en thuishaven van veel oligarchen. Tijdens de Oranjerevolutie in 2003 onthulde Sobolev verschillende corruptiezaken. Hij werd presentator bij de televisiezender Kanaal 5 waar hij het vanwege zijn onthullingen aan de stok kreeg met de eigenaar en latere president Porosjenko die hem al gauw de laan uit stuurde. Daarop begon Sobolev een platform voor onderzoeksjournalistiek en richtte de actiegroep Volja (Wil) op, die in 2013 bekendheid verwierf door de bestorming van het Kievse gemeentehuis, na mislukte pogingen een nieuwe burgemeester te kiezen. Hij groeide uit tot een van de leiders van de Euromaidan-beweging die de regering Janoekovitsj in 2014 omver wierp.

Staand op het Maidanplein gaf Sovbolev in februari 2014 het startsein voor de anti-corruptiecampagne en werd hij benoemd tot voorzitter van het lustratiecomité. Zijn hervormingsstrijd bracht hem een plekje in het parlement, waar hij kantoor houdt als hoofd van het anti-corruptiebureau. Een gouden naambordje siert inmiddels de deur van zijn statige werkkamer, de vale spijkerbroek en coltrui verraden echter zijn activistische achtergrond. Ook in het parlement zorgt de explosieve Sobolev voor opschudding: tijdens een fikse ruzie over de hervormingen ging hij letterlijk op de vuist met een parlementariër van de Vaderlandpartij van oud-premier Julia Timosjenko, medeorganisator van de Oranjerevolutie en latere premier van Oekraïne die vanwege een gasruzie met Rusland door Janoekovitsj in de gevangenis werd gezet.

Op de vraag hoe het werk in het centrum van de macht hem bevalt, begint Sobolev te lachen. Hij wijst door het raam naar het gebouw aan de overkant waar het Oekraïense kabinet zetelt. ‘Dat we na het geweld en de slachtoffers van Maidan zo ver zijn gekomen, is echt een prestatie. Maar ik maak me geen illusies, we worden hier gezien als buitenstaanders en pottenkijkers, overal liggen boeven op de loer die ons pootje willen lichten.’

Het enthousiasme van hervormers als Drik en Sobolev werkt aanstekelijk. Het lustratiecomité drijft net als vele andere initiatieven op een grote groep vrijwilligers. Ook het ‘Reanimatiepakket voor Hervormingen’, een begin 2014 opgerichte coalitie van 48 ngo’s en experts die zich bezighouden met hervormingen op het gebied van wetgeving op het gebied van anticorruptie, hervormingen van het justitieel apparaat en het hoger onderwijs en het omvormen van de staatstelevisie naar een publieke omroep.

De hele turbulente zomer van 2014 werkte de groep onverstoorbaar door met als resultaat een wetsvoorstel dat korte metten moest maken met de corrupte Oekraïense ambtenarij. Ze vertaalden de tekst en stuurden die naar experts in Polen, Tsjechië en de Baltische Staten, landen die in de jaren negentig hun eigen lustratieproces hadden doorgemaakt. De Oekraïense variant is omvattender. Het richt zich niet enkel op lieden van het oude regime die een gevaar vormen voor het prille democratische proces, maar op corrupte ambtenaren in brede zin. In het najaar lag er een pakket maatregelen op tafel dat bekendheid verwierf als de ‘Wet over het opschonen van de macht’. Toen de toenmalige voorzitter van het parlement het pakket ondertekende, merkte hij op: ‘Geen wet is met zoveel moeite door het parlement gesleept als de wet op lustratie.’ Hij verzocht president Porosjenko de wet de volgende dag nog in werking te laten treden.

De maatregelen logen er niet om. Alle ambtenaren die tijdens Janoekovitsj’ presidentschap langer dan een jaar in functie waren, komen automatisch in aanmerking voor ontslag, net als functionarissen die tijdens de Sovjet-Unie lid waren van de Communistische Partij. Vijf tot tien jaar lang mogen ze geen overheidsfuncties bekleden. Uitzondering wordt gemaakt voor hen die uit eigen beweging opstapten. Ook moeten ambtenaren zich – voor het eerst in de Oekraïense geschiedenis – verantwoorden voor hun vermogen. De procedure neemt per ambtenaar zo’n twee maanden in beslag, afhankelijk van functie en tegenwerking. ‘Een gigantische klus’, beaamt Drik stralend. ‘De burgers zijn in actie gekomen, dat is onze kracht en het succes van de Maidan-revolutie. Natuurlijk, er is oorlog en het land staat op z’n kop, maar dit is waar het allemaal om draait. Het is ons tweede front.’

Ook vanuit Georgië kwamen er hulptroepen. Porosjenko benoemde de Georgische oud-president Michail Saakasjvili in 2015 tot gouverneur van Odessa, waar hij zich in korte tijd bewees als effectief hervormer en fanatiek corruptiebestrijder. Zijn voortvarende aanpak en directe confrontaties maakte de Georgiër onnoemelijk populair onder de Oekraïense bevolking. Saakasjvili’s bondgenoot David Sakvarelidze werd aangesteld om het justitieel apparaat te hervormen, een klus waar hij in Georgië succes mee boekte en maar liefst 1,4 miljard dollar terugbracht in de staatskas. In eigen land waren beide hervormers erin geslaagd alle officiers van justitie te vervangen, de salarissen te verdriedubbelen en meer dan 1500 rechtszaken te starten wegens corruptie. In Oekraïne mogen ze hun kunstje herhalen.

Niet verwonderlijk stuitten de voortvarende anti-corruptiemaatregelen van mensen als Saakasjvili, Sobolev en Drik op veel weerstand binnen het oude systeem: één miljoen ambtenaren die vrezen voor hun hachje. Verreweg de meeste weerstand komt van de Oekraïense geheime dienst, de SBOe. Het instituut is een directe opvolger van de KGB en de banden met Moskou, waar veel Oekraïense veiligheidsmensen hun opleiding hadden genoten, waren nauw. Het is een kat-en-muis-spel, maar ook de veiligheidsdiensten beginnen onrustig te worden. ‘We laten niemand ontkomen’, lacht Sobolev.

Een van de grootste wapenfeiten van het comité is het ontslag, vorig jaar, van procureur-generaal Vitali Jarema, nota bene door president Porosjenko zelf benoemd. Jarema, een oud-politiefunctionaris, zou als procureur verschillende onderzoeken naar corruptie hebben tegengehouden en zijn 26-jarige zoon hebben geholpen aan het directeurschap van de afdeling onroerend goed binnen het ministerie van Justitie.

‘Keihard hebben we geknokt voor Jarema’s ontslag. Porosjenko hield hem de hand boven het hoofd, maar uiteindelijk moest hij zich gewonnen geven’, vertelt Drik. Helaas was de overwinning van korte duur want na Jarema benoemde Porosjenko de even omstreden Viktor Sjokin. Drik heeft dan ook geen goed woord over voor de steenrijke ‘business-president’ die al jaren wordt achtervolgd door beschuldigingen van corruptie en nepotisme. Veel Oekraïners vinden dat Porosjenko zich gedraagt als een koopman in zijn eigen toko. Een zakenman die gelooft dat hij, in ruil voor de last van de verantwoordelijkheid, mag bepalen wat er binnen zijn bedrijf gebeurt.

De hoogste bomen vangen opvallend weinig wind, zo blijkt uit de vele corruptieschandalen die het land blijven teisteren. Toch slagen de hervormers er hier en daar in barsten te slaan in de muur van vriendjespolitiek. Vorige maand kwam de minister van Economische Ontwikkeling, de Letse hervormer Abromavicius, met een vernietigende verklaring over corruptie binnen het parlement. De verklaring leidde tot een flinke politieke crisis – de zoveelste. Porosjenko’s partijgenoot, zakenvriend en buurman Igor Kononenko kreeg ervan langs. Kononenko zou er, als een echte poppenspeler, alles aan doen om hervormingen binnen het parlement te blokkeren en trok daarmee de aandacht van IMF-directeur Christine Lagarde, die haar zorgen uitte over de beroerde staat van de hervormingen. Als dit zo doorging, aldus Lagarde, kon zij niet instaan voor verdere samenwerking tussen het IMF en Kiev. Een duidelijke boodschap, of, zoals het Oekraïense tijdschrift Novoje Vremja het omschreef: ‘In een situatie waarbij de economische stabiliteit van de regering direct verbonden is met de geldstroom van het IMF klinkt iedere twijfel van de directeur van dat fonds als een direct dreigement voor de nationale veiligheid.’

Procureur Sjokin werd hard aangevallen en eindelijk leek Porosjenko in actie te komen. Hij vroeg in februari het ontslag van Sjokin aan. Maar ironisch genoeg wacht dat ontslag nog altijd op goedkeuring door het parlement en half maart ging Sjokin na een paar weken gedwongen verlof gewoon weer aan het werk. Het lijkt een trend binnen de Oekraïense regering: functionarissen die onder veel tamtam moeten opstappen en dan toch blijven zitten.

Ook premier Jatsenjoek, wiens populariteit tot een nulpunt is gedaald maar die met oligarchensteun in het zadel bleef, staat sinds het schandaal op de nominatie voor vervanging. Hoewel hervormers hoopten op de benoeming van Natalie Jaresko, de huidige minister van Financiën die is geboren in Amerika, schoof Porosjenko parlementsvoorzitter Grojsman naar voren. Met de 38-jarige Grojsman, zakenman en oud-burgemeester van de West-Oekraïense stad en Porosjenko-bolwerk Vinnitsa, kiest Porosjenko opnieuw voor een loyale bondgenoot in plaats van een moeilijk te controleren hervormer.

De hervormers oogsten met hun ondankbare taak weliswaar applaus, hun methodes zijn niet onomstreden. Critici stellen dat de hardhandige aanpak van ambtenaren het karakter heeft van een heksenjacht en ergeren zich aan de manier waarop de schandpaal wordt ingezet. ‘Het is een show gericht op aandacht en emotie’, aldus de vice-voorzitter van de parlementaire corruptiecommissie vorig jaar.

Hoewel Europa hamert op keiharde hervormingen, deels als voorwaarde voor de leningen die het Oekraïne geeft om bankroet af te wenden, klinken ook vanuit Brussel bezwaren. De Commissie van Venetië, in de jaren negentig opgericht om voormalige sovjetlanden te helpen met de invoering van een democratische grondwet, uitte zorgen over de legitimiteit van de Oekraïense lustratie-campagne. Het rucksichtslose ontslaan van functionarissen, zonder proces of overgangsregeling, is volgens de commissie in strijd met de mensenrechten.

Oleksandra Drik heeft geen medelijden. ‘Ik heb de commissieleden gevraagd: hoe zit het met de rechten van die mensen die zijn vermoord of onterecht achter de tralies zijn gezet? Het gaat om leugenachtige ambtenaren die over de rug van anderen rijk zijn geworden, mensen die hebben meegewerkt aan de onderdrukking van dit land. Wij zijn er niet op uit om hen te straffen, we willen dat de democratie een kans krijgt.’ Na uitgebreide consultaties trok de Commissie van Venetië haar kritiek deels in, op voorwaarde dat er meer aandacht besteed zou worden aan de rechten van betrokkenen.

De commissie stelt dat lustratie enkel van toepassing mag zijn op leden van het oude regime die een bedreiging vormen voor de democratie. In een final statement van juni 2015 waarschuwt de commissie: ‘Lustratie mag nooit de plaats innemen van structurele hervormingen, gericht op het verstevigen van de rule of law en de strijd tegen corruptie. Het kan slechts een aanvulling vormen als buitengewone maatregel op een zichzelf verdedigende democratie met respect voor de Europese standaard op het gebied van mensenrechten en de wet.’

Terugkijkend op 2015 vertelt Drik trots: ‘Van de top-vijftig belangrijkste personen zijn er inmiddels 42 ontslagen. Bij sommigen lukte het binnen een maand, maar anderen kostten ons een heel jaar.’ Samen met Sobolev stelde ze een lijst op met strafzaken die gaan over corruptie op het hoogste niveau en over strafzaken rond de ongeregeldheden tijdens Euromaidan-demonstraties.

Driks onvermoeibare strijd voor gerechtigheid krijgt bijval van buitenlandse donoren en donerende Oekraïners. Sinds kort heeft het lustratecomité, naast het leger vrijwilligers, zes mensen in vaste dienst en permanente huisvesting. Ook geeft de organisatie een Engelstalige nieuwsbrief uit om de wereld op de hoogte te houden van de vorderingen. De Commissie van Venetië is erop geabonneerd.

Ondanks de onthullingen, de nieuwe wetten en het vertrek van duizenden corrupte ambtenaren is het enthousiasme onder de bevolking sinds 2014 flink bekoeld. De oorlog in het oosten trekt een zware wissel op de economie en de veerkracht van de mensen. Volgens een enquête van de Oekraïense zakenkrant RBK in 2015 zag 57 procent van de bevolking een jaar na Maidan geen verandering in de mate van corruptie in het land, meer dan een kwart zag zelfs een toename, wat de teleurstellende score van Oekraïne op de Corruptie Perceptie Index verklaart – het land scoorde in 2015 maar één punt hoger dan het voorgaande jaar. Er gaan zelfs stemmen op om de doodstraf in te voeren voor corrupte officials.

Het meningsverschil over de situatie waarin Oekraïne zich bevindt, lijkt een verschil in perceptie: de optimist die het glas halfvol acht versus de pessimist voor wie de bodem van datzelfde glas in zicht is. Hervormers zijn optimistisch, want zij zien van dichtbij welke strijd er wordt gestreden en welke successen – hoe klein ook – dagelijks geboekt worden. Pessimisten zijn ontevreden over de snelheid van het proces en kijken zorgelijk naar de toekomst. Tegelijk klinkt alom de kritiek dat de schamele hervormingen slechts te danken zijn aan de inzet van burgers, en dat de overheid niets anders doet dan het proces traineren.

Eén ding staat vast: Oekraïne is in transitie, maar de werkelijke resultaten van het proces zullen pas over tien tot twintig jaar zichtbaar worden. De vraag is of Oekraïne de tijd krijgt om de belofte van Maidan in te lossen of terug zal glijden in de nevel van corruptie. Het antwoord op die vraag hangt niet alleen af van de eigen inzet maar ook van buitenlandse ontwikkelingen, met name in Moskou.

Andrej Maroesov, voorzitter van de raad van toezicht van Transparency International in Kiev, is niet verbaasd over de teleurstellende prestatie van Oekraïne. Zijn organisatie is uiterst kritisch over het functioneren van de overheid, maar toch is Maroesov ook positief: ‘Vroeger was iedere Oekraïner een held in eigen keuken. Iedereen kon precies vertellen wat er mis was, maar niemand deed wat. Nu zijn burgers in actie gekomen, ze hebben het gevoel dat ze zelf iets kunnen veranderen aan de situatie in hun land. En dat is pure winst.’


Viktor Shokin and his deputies Vladimir Guzyrya and Yuri Stolyarchuk. (AP Photo/Sergei Chuzavkov)