Voorbij het eigen gelijk #14: Cemil Yilmaz

‘Count me in’

Toen hij doorhad dat de verrechtsing van Nederland niet vanzelf ophield, besloot migrantenzoon Cemil Yilmaz dit te beïnvloeden. ‘Míjn manier? Zet populistisch en extreem-rechts in al hun lelijkheid in het volle licht en zaag hun verhaal door.’

Cemil Yilmaz – ‘Ik ben een islamofascist, een geitenneuker, ­bicultureel, allochtoon, weet ik veel wat. Terwijl ik hier geboren en getogen ben’

De discussie in de Hungarian Corner is al ruim een uur aan de gang als Cemil Yilmaz (34) weer eens beseft hoe belangrijk het is dat hij zijn geluid in rechts-populistische kringen laat horen. Het Hongaarse restaurant in Den Haag is deze zondagmiddag omgebouwd tot debatzaaltje, met voorin op een half rondje stoelen onder anderen pvv-Europarlementariër Olaf Stuger, Telegraaf-journalist Wierd Duk en snelwegblokkade-Friezin Jenny Douwes. Yilmaz, fractievertegenwoordiger van de door de islam geïnspireerde partij Nida Den Haag, zit precies in het midden.

De sfeer is huiskamerachtig, met achter het geïmproviseerde podium een pop in Hongaarse klederdracht, inclusief gebloemde hoofddoek. Onderwerp van gesprek is de EU, subthema migratie & identiteit. Ineens loopt pvv-Kamerlid Harm Beertema achter in de zaal naar de microfoon en zegt dat in grote steden een ramp aan de gang is en die heet omvolking. De oorspronkelijke bevolking wordt vervangen door nieuwkomers die geen Nederlands spreken en de schuld is de islam. ‘Met Surinamers hebben we dit probleem niet.’

Dit zijn de momenten om tegengas te geven, weet Yilmaz. Hiervoor is hij gekomen. ‘Woorden als omvolking stimuleren een gedachtegang die racistisch is’, zegt hij. Beertema sputtert dat hij zich niet voor racist laat uitmaken, maar Yilmaz vervolgt dat hij de problemen in grote steden heus ziet. Er is segregatie, zie een stad als Den Haag, maar die is er op zoveel niveaus, ook tussen arm en rijk. ‘Laten we dáárover met elkaar in discussie gaan.’

Het is niet de eerste keer dat Yilmaz zich in het gezelschap bevindt van mensen met totaal andere opvattingen dan de zijne. Hij zoekt dat bewust op. Vorig jaar tijdens de nationale brainstormavond van De Nederlandse Leeuw in Rijswijk was hij voor een tweeduizend-koppig publiek de grote verrassing. Populistisch rechts boog zich over migratie, maar migrantenzoon Cemil Yilmaz kwam als beste spreker uit een evaluatie onder de toehoorders over het slotdebat, vertelt toenmalig organisator Elisabeth Hunyadi. Hij nodigde zichzelf uit toen hij vernam dat er een nogal eenzijdig rijtje mensen zijn mening kwam verkondigen. De Canadese cultuurcriticus Jordan Peterson was de hoofdact en dan waren er nog opiniemakers als Sid Lukkassen, Joost Niemöller en Geerten Waling. ‘Count me in’, zei Yilmaz tegen de organisatoren. Hij trok een shirt aan van het Nederlands elftal, met op de plek van zijn hart een geborduurde oranje leeuw. ‘Kijk, gewoon Nederland terugclaimen’, zei hij in en filmpje voorafgaand aan zijn optreden.

Hij voerde die avond vele debatten in zijzaaltjes, maar het hoogtepunt was het slotdebat met vertegenwoordigers van pvv, sgp en Leefbaar Rotterdam. Yilmaz beweerde dat hij waarschijnlijk Nederlandser is dan veel aanwezigen in de zaal. Zijn geboorteplaats: Enschede. Andere woonplaatsen: Vaassen, Groningen, Amsterdam, Haarlem en Den Haag. Hij vertelde dat hij houdt van Ramses Shaffy, Arie Ribbens en André Hazes, van haring met uitjes en boerenkool met sucuk, Turkse knoflookworst.

Zijn werk bestaat uit schuldhulpverlening en armoedebestrijding, hij probeert arm, rijk, zwart en wit dichter bij elkaar te brengen. ‘Maar alsnog noemen ze mij de nageboorte van een mislukte gastarbeidersgeneratie’, betoogde hij. ‘Ik ben een islamofascist, een geitenneuker, bicultureel, allochtoon, weet ik veel wat, alles behalve een autochtoon. Terwijl ik hier geboren en getogen ben.’ Na zijn laatste woorden klinkt applaus.

Sinds De Nederlandse Leeuw gaat Yilmaz herhaaldelijk in discussie met de pvv of soortgelijke partijen en zo belandt hij ook in de Hungarian Corner, met als organisator opnieuw Elisabeth Hunyadi. Ze is verdergegaan nadat De Nederlandse Leeuw – na één sessie – ophield te bestaan. Met haar nieuwe club Nederlands BurgerPlatform wil Hunyadi vier keer per jaar kleinere debatten in heel Nederland houden. Haar doel: ‘Thema’s uit de taboesfeer halen.’

pvv’er Olaf Stuger zegt die zondagmiddag wat Yilmaz vaker te horen krijgt in rechts-populistisch gezelschap: ‘Bewonderenswaardig dat je hier bent.’ Evengoed herhaalt Stuger een aantal keren dat mensen uit verschillende windstreken nu eenmaal niet kunnen samenleven en dat er nooit sprake zal zijn van samensmelting van de westerse en islamitische cultuur.

‘Ik wil het niet constant hebben over verbinding. Er is gewoon werk aan de winkel’

Het zijn precies deze opmerkingen waarom Yilmaz uit zijn eigen linkse hoek kritiek krijgt. Door zijn deelname aan dit soort debatten helpt hij abjecte opvattingen verspreiden, vinden sommige van zijn geestverwanten. Hij zou rechts-populisme en -extremisme salonfähig maken. ‘Ik word door sommigen voor gek verklaard’, zegt Yilmaz. ‘Ik snap de argumenten, maar ik ben het er niet mee eens.’

Hij is ervan overtuigd dat hij tijdens de debatten met mensen uit de tegenovergestelde hoek van het politieke spectrum zich juist inzet voor een gelijkwaardiger en rechtvaardiger samenleving.

Hoe dat zit, legt Yilmaz drie dagen voor het Hungarian Corner-debat uit bij sociaal innovatiebureau IZI Solutions in Amsterdam-Zuidoost, op loopafstand van metrohalte Kraaiennest. Sinds 2016 is hij hier partner, samen met oprichter Dionne Abdoelhafiezkhan.

Als we in het ruime, lichte pand in een vergaderzaaltje zitten, wil Yilmaz eerst kwijt dat hij niet namens Nida of IZI Solutions spreekt, maar namens zichzelf. Daarna zegt hij dat hij een debat ziet als een ideeënstrijd en vergelijkt met kickboksen, wat hij lang heeft gedaan. Hij bereidt zich erop voor als op een wedstrijd en denkt dan: ik ga het verhaal op rechts helemaal kapotmaken.

Hij maakt zich zorgen over de opkomst van extreem-rechts, of hoe alle varianten in die kringen maar mogen heten. ‘Ze zijn goed georganiseerd en vallen rechtbanken, onderwijs en media aan door te zeggen dat die links zijn. En links wordt steeds meer weggezet als extreem-links. Wie voorstander is van de multiculturele samenleving is een cultuurmarxist of een politiek correct Gutmensch, wie kritisch is over de westerse cultuur is occidentofoob of oikofoob. En die hele retoriek wordt steeds meer overgenomen door andere partijen.’

Lange tijd dacht hij: de verrechtsing houdt wel eens op. ‘Maar nee, de lijst met abjecte uitspraken is lang.’ Uit het hoofd citeert hij politici als Geert Wilders en Theo Hiddema, maar ook Edith Schippers en Klaas Dijkhoff. Hij begon zich af te vragen hoe hij dit klimaat kon beïnvloeden. Toen hij hoorde over De Nederlandse Leeuw wist hij het: ik moet een alternatief bieden, ik moet mijn geluid naast het rechtse geluid leggen, zodat het publiek kan kiezen.

Hij praatte zich de blaren op de tong en merkte na afloop dat zijn komst effect had gehad. Toehoorders spraken niet alleen hun respect voor hem uit, ze waren soms oprecht verbaasd over wat hij vertelde. Ze vroegen hem om meer informatie over bepaalde onderwerpen, sommigen wilden zelfs op hem in Den Haag stemmen. Iemand zei: ‘Door jou ben ik op een totaal andere manier gaan kijken.’

Yilmaz: ‘Al die opmerkingen waren een bevestiging dat ik het goed had ingeschat. Je moet niet verwachten dat je je tegenstanders in debatten op andere gedachten kunt brengen, dat gebeurt niet. Maar je kunt wel het publiek beïnvloeden, zieltjes winnen. Ik voelde dat een grote groep tot een andere politieke keuze zou kunnen komen.’

‘Hoezo moet ik me hier verhouden tot een bepaalde norm?Ik ben onderdeel van die norm’

Hij merkte wat onder de aanwezigen leefde: boosheid over de eigen situatie, onmacht omdat politici naar hun idee niets voor hen doen en angst voor de onbekende ander. De oplossing ligt wat Yilmaz betreft voor de hand: praat met elkaar over alle muren heen. ‘Ik ben niet voor een kumbaya-verhaal waarin we het constant hebben over verbinding. Er is gewoon werk aan de winkel. We moeten de raciale en sociaal-economische segregatie, en de kansenongelijkheid elimineren.’

Yilmaz werkt er zelf aan via IZI Solutions, dat een breed scala van activiteiten ontplooit met als doel de samenleving raciaal en sociaal gelijkwaardig te maken. ‘Heel inspirerend, ik geloof in maatschappelijke verandering’, zegt hij. Daarom ging hij ook bij Nida: ‘Traditionele partijen negeren onderwerpen die mij aan het hart gaan en ik hou ook niet van de manier waarop ze praten over mensen met een migrantenafkomst. Nida wil met ethisch gedreven politiek fundamentele verandering bewerkstelligen.’

Hij vindt dat we het met elkaar moeten hebben over de inrichting van Nederland, maar ook over de vraag: wie zijn wij? ‘Witte mensen zijn in Nederland altijd de norm geweest, dat is logisch gezien de historie, maar onder invloed van nieuwe groepen staat die ter discussie. Dat is niets nieuws, kijk naar de katholieken die zich hebben ingevochten in protestants Nederland. De joden hebben dat ook gedaan, met als schandvlek de holocaust. Vrouwen vechten nog steeds voor hun rechten, de lhbti doen dat. De norm verandert voortdurend en datzelfde is nu aan de hand.’

Het doet pijn, het roept weerstand op, maar de ontwikkeling is in Yilmaz’ ogen onstuitbaar. Vaak wordt iedereen met een migrantenafkomst op een hoop gegooid, maar hij weet dat de werkelijkheid anders is. Er is een verschil tussen eerste generaties die dankbaar zijn dat ze in Nederland een toekomst mochten opbouwen, die misschien wel gedwee zijn, en tweede en derde generaties waartoe hij behoort. ‘Hoezo moet ik me in Nederland verhouden tot een bepaalde norm?’ vraagt hij zich af. ‘Ik ben onderdeel van die norm en wie weet ben ik wel die norm.’

Nederland is zijn land en hij praat mee over hoe dat eruit moet komen te zien – in welk gezelschap dan ook. Zijn zelfbewustzijn kreeg hij mee van zijn ouders, die tegen hem zeiden: ‘Hé jongen, ze zien ons hier misschien als een stuiver, maar weet dat wij onbetaalbaar zijn. The sky is the limit.’ Zijn moeder, de ‘generaal’ in huis, zei ook altijd: ‘Kom voor jezelf op, neem nooit genoegen met nee.’

Wat hem verder beïnvloedde: zijn familiegeschiedenis. Hij vertelt over zijn overgrootvader die begin twintigste eeuw met een grote groep Arabieren van de Syrische westkust naar het zuiden van Turkije trok, op de vlucht voor honger en gebrek aan perspectief. In het Turkse Adana was hij onderdeel van een grote gemeenschap waarin Arabisch de voertaal was.

Zijn ouders komen allebei voort uit deze groep en hadden al in Turkije ervaring opgedaan met het idee ‘anders’ te zijn. Zijn opa van vaders kant vertrok in 1964 naar Enschede, waar hij terechtkwam in de textielindustrie. In 1972 volgde Yilmaz’ vader via gezinshereniging. ‘In Turkije waren we altijd Arabieren’, vertelde zijn vader hem later. ‘Pas in Nederland werden we als Turken gezien.’ Het leerde hem de betrekkelijkheid inzien van etnische hokjes.

Ook zijn vader werkte in de Enschedese textiel en Yilmaz werd dan ook in 1984 in Enschede geboren. Hij had er fijne jaren, maar toen hij op zijn negende naar Vaassen verhuisde, veranderde dat. In het Gelderse dorp was hij ineens ‘die Turk’. Aan het eind van de basisschool kon hij volgens de Cito-toets naar het gymnasium, maar de leraar gaf hem havo-advies. Dankzij de volharding van zijn moeder ging hij alsnog naar het gymnasium, maar om zich heen zag hij dat al zijn vrienden met een niet-Nederlandse afkomst standaard naar het vmbo werden verwezen, ongeacht hun Cito-score.

‘Van mij mogen alle rechts-extremisten op een podium staan, trek ze uit hun slachtofferrol’

Er waren meer incidenten. Een leraar op het gymnasium zei tegen hem: ‘Jij gaat het met jouw culturele en religieuze achtergrond toch niet redden, misschien moet je naar een lager niveau.’ Toen hij eens voor de school met vrienden stond te praten, stopte de politie en stuurde hem weg. De agenten geloofden niet dat hij op het gymnasium zat, dat deden ze pas toen ze de school belden en bevestigd kregen dat hij hier toch echt een leerling was. Tijdens het uitgaan werd hij geregeld geweigerd met de opmerking: ‘We hebben al te veel van jouw soort binnen.’

Hij verdiepte zich in de antiracismestrijd van grote namen als Mohammed Ali, Sam Cooke, Martin Luther King, Malcolm X en Nelson Mandela. Niettemin had hij op de middelbare school moeilijke jaren, met als dieptepunt klas vijf. Wegens kleine vergrijpen kwam hij in aanraking met de politie. Hij bleef zitten en thuis was er een vertrouwensbreuk, oftewel: ‘Dikke oorlog.’

Op een dag, Yilmaz weet het nog goed, keek zijn vader hem aan met een volkomen lege blik in zijn ogen. Hij wist niet meer wat hij met zijn zoon aan moest. ‘Ik zou je kunnen slaan’, zei zijn vader, ‘maar een dier zou dat nog begrijpen. Jij bent in mijn ogen minder dan een dier. Ik ben nog nooit zo teleurgesteld geweest in jou. Doe wat je wilt, maar ik hoef je niet meer te zien.’ Yilmaz schrok, hij besloot dat het zo niet verder kon. Hij moest zijn leven beteren en zijn school afmaken. Twee jaar later haalde hij zijn gymnasiumdiploma.

Toen was de vraag: wat nu? Hij dacht: als ik kan veranderen, kunnen anderen het ook, dus laat ik de wereld veranderen. Hij vertelde zijn plannen aan zijn vader, die nogal filosofisch reageerde: ‘Als jij de wereld wilt veranderen, moet je de mens veranderen. En als je de mens wilt veranderen, moet je eerst jezelf veranderen. En als je jezelf wilt veranderen, moet je de mensheid begrijpen. En als je de mensheid wilt begrijpen, moet je eerst jezelf begrijpen.’

Hij gaf zijn vader gelijk en ging psychologie studeren in Groningen, eindigend in een master sociale en crossculturele psychologie. Daarna volgde een aantal banen in Amsterdam waarin hij zijn idealen probeerde te verwezenlijken, maar hij kon zijn plek niet goed vinden. Van 2010 tot 2014 werkte hij als projectleider bij het uwv in Amsterdam, verder probeerde hij met eigen bedrijfjes maatschappelijke vraagstukken aan te pakken. ‘Ik wilde impact.’

Sinds 2016 begint dat te komen. Hij trad toe tot IZI Solutions en werd in 2018 lijsttrekker voor Nida Den Haag. Commentaar op wat hij doet, is er altijd, maar hij blijft zijn eigen koers volgen. Nida is een soort Denk, maar dan een lichtere versie, is een van de dingen die hij hoort. ‘Ach, er is ook gezegd dat Nida GroenLinks is met een islamitisch sausje en dat wij bakfietsmoslims zijn. Prima, ik trek me er niets van aan. Ik zie Nida, Denk en BIJ1 als onderdeel van een bredere emancipatiebeweging. Hoe iedereen politiek bedrijft, is niet altijd mijn stijl, maar dat hoeft ook niet.’

Zo ziet hij ook de kritiek vanuit linkse hoek op zijn deelname aan debatten met populistisch rechts. Mensen mogen hem dat best voor de voeten gooien. En als zij denken dat ze de antiracismestrijd vooruithelpen door het Amsterdamse debatcentrum De Balie te boycotten, zoals laatst moslimfeministe Mona Eltahawy – prima. ‘Ik geef Mona nog gelijk ook. Met alle respect voor directeur Yoeri Albrecht van De Balie, maar hij heeft geen beste reputatie als het gaat om moslims en de islam. Kijk zijn tweets en andere uitspraken er maar op na.’

Mensen die protesteren tegen spreekbeurten van rechtse denkers als Jordan Peterson en Paul Cliteur? Geen probleem. ‘Iedereen heeft het recht om te demonstreren, waarom zijn we daar zo bang voor? Ik sta pal voor de democratische rechtsstaat, dus ik laat iedereen zijn strijd voeren zoals hij dat wil. Maar laat mij dan ook mijn strijd op mijn manier voeren.’

Hij zou gráág in debat gaan met Yoeri Albrecht, en mensen als Thierry Baudet en Paul Cliteur ‘met hun makkelijk door te prikken verhalen’. Hetzelfde geldt voor Wilders ‘die nooit in debat wíl, maar intussen vanuit de schemer het extreem-rechtse verhaal salonfähig heeft gemaakt’. Fel: ‘Van mij mogen alle rechts-populisten en -extremisten op een podium staan, trek ze uit hun slachtofferrol. Haal ze uit de schaduw, zet ze in al hun lelijkheid in het volle licht en zaag hun verhaal door. Dat is mijn manier. En elke stem die daardoor niet naar de extreme varianten van rechts gaat, is er één.’

In de Hungarian Corner brengt Yilmaz de theorie in praktijk. Hij pareert Beertema’s uitbarsting over omvolking en vertelt even later een anekdote. De Rotterdamse burgemeester Aboutaleb vergeleek integratie eens met invoegen op een snelweg. Toen Nida-voorman Nourdin el Ouali daarvan hoorde, zei hij dat Aboutaleb het referentiekader had van de ezel waarmee hij in Marokko opgroeide. ‘Maar ik ben hier geboren, ik zit al op de snelweg en haal iedereen in’, zei El Ouali. Zo ziet Yilmaz zichzelf ook.

Na afloop zegt organisator Elisabeth Hunyadi in de gang van het Hongaars restaurant hoe blij ze is met Yilmaz. ‘Hij is zichzelf, staat open voor debat en heeft praktijkkennis.’ Niemand had het tijdens de brainstormsessie van De Nederlandse Leeuw verwacht, vertelt ze, maar uit de evaluatie kwam toch echt dat hij tijdens het slotdebat met pvv, sgp en Leefbaar Rotterdam de meeste indruk had gemaakt. ‘Hij verkondigt geen politieke bullshit. Dus bij het volgende debat nodig ik hem weer uit.’


Het publieke debat is verhard en gaat steeds sterker om loyaliteit aan gelijkgestemden. In de serie [Voorbij het eigen gelijk](https://) komen mensen aan het woord die zich met liefde buiten de eigen groep wagen.