Dans: ‘Flirt with Reality’

Dansende drones

Ivan Montis in ‘Flirt with Reality’ © Rob Hogeslag

Eerst lijken het vreemde wezentjes, de twaalf kleine drones op de vloer. Met lichtgeknipper reageren ze op de nieuwsgierige toenaderingsbewegingen van de danser die door de zwarte, insectachtige apparaatjes wordt omringd. Maar als de danser zijn armen uitspreidt en opheft, blijkt hij over een magische aanstuurkracht te beschikken. Als op een ‘Levatio!’ van Harry Potter stijgen de drones zoemend op waarbij ze zijn armbewegingen volgen. Airman heet het adembenemend mooie duet voor danser en drones dat choreograaf David Middendorp creëerde, samen met softwareontwikkelaars. De titel wijst op de nauwe verbintenis tussen mens en de technologische apparaten die mediafilosoof Marshall McLuhan lang geleden al onze ‘verlengstukken’ noemde. Het sensorenpak dat Ivan Montis draagt, zorgt ervoor dat zijn bewegingen door de drones ruimtelijk worden verlengd. Soms in een speelse vertaling: bij het luchtfietsen van de danser vormen de drones een horizontaal wiel dat boven hem rondcirkelt alsof hij het aantrapt. Dieper wordt de verbintenis als de drones met hun lichtjes de lijnen van een mensenlichaam nabootsen, en de danser in de donkerte boven hem verdubbeld wordt. De rotaties van zijn lichaam krijgen zo een extra articulatie. Het spektakel van de dansende drones laat het publiek de bewegingen van hun bestuurder nog intenser beleven.

Airman opent het avondvullende programma Flirt with Reality met vijf dansstukken van Middendorp waarin hij dansers laat spelen met hun technologische extensies. In Blue Journey, dat een uitwerking is van een eerdere versie, bestaat deze verlenging uit schaduwprojecties van de dansers, die een eigen leven gaan leiden. Als twee mannen de vrouwen in hun armen omhoog gooien, stijgen de schaduwen van de danseressen op en verdwijnen in de lucht. Staccato accenten in de choreografie echoën door op het scherm waarop de schaduwen in rookwolkjes uit elkaar spatten. En zweefsprongen worden op het doek uitvergroot waarbij de dansersschaduw zich vermeerdert en de sprong uiteengerafeld wordt in fases: een Eadweard Muybridge-achtige bewegingsanalyse. Niet altijd weet Middendorp dit spel spannend en betekenisvol te houden, zo nu en dan verzandt het dansstuk in de vele variaties van deze trukendoos.

Dat ligt ook op de loer bij de drie choreografieën waarbij de dansers zich verhouden tot projecties waarin zij virtueel worden verdubbeld. De eerste is het sterkste: een man en een vrouw beginnen ‘live’ in een geprojecteerde huiskamer die ontstaat na hun liefdevolle ontmoeting, maar als de huiskamer transformeert in een ongrijpbare game-omgeving waarin de alter ego’s van de dansers een vrije val maken, moet het stel moeite doen om niet uit elkaar te drijven. Liggend op de vloer laten de ‘live’ dansers hun bewegingen samenvallen met die van hun game-avatars, wat de choreografie versterkt en een fascinerend kijkspel oplevert. Maar bij de navolgende twee stukken die eenzelfde principe gebruiken, is het te veel een herhaling van zetten. Dan worden de dansers op het podium zo nu en dan weggespeeld door het virtuele spektakel, en verliest de wisselwerking tussen echt en virtueel z’n emotionele lading. Laat me nou maar weer alleen naar de dansers kijken, is het verlangen dat dan bij de toeschouwer opduikt.


Another Kind of Blue, Flirt with Reality, _op tournee t/m 2 februari; anotherkindofblue.nl