1001 Nights Apart, regie Sarvnaz Alambeigi © AVROTR0S

Viermaal Close Up in september. Frida Kahlo, Barbara Hepworth en Lucian Freud zijn de geportretteerden. Met respect voor die iconen, het meest nieuwsgierig was ik naar 1001 Nights Apart, een film van de Iraanse Sarvnaz Alambeigi over dans in haar land. Daarin vragen twee Iraniërs, op bezoek bij het Rotterdamse Scapino, aan danseressen of ze weleens werk van een Iraanse choreograaf hebben gezien. Nee. ‘Is it a big thing in Iran, dancing?’ ‘Big in the way that it’s forbidden’, is het antwoord. ‘Why?’ is de verblufte vraag.

Tja, Islamitische Revolutie, 42 jaar geleden. Daarmee zitten we in de kern van het probleem voor alle Iraanse hoofdpersonen met hun immense dansverlangen; maar ook voor regisseur en film, want hoe maak je een documentaire over iets wat niet bestaat; of niet mag bestaan – met alle gevolgen daarvan voor leven en kunst van de dansers?

‘Ondergrondse dans’ zou een voortreffelijke titel zijn vanwege de dubbele betekenis: een groepje twintigers komt illegaal in een Teheranse kelderstudio bijeen om te oefenen en wellicht een productie te maken. Ze zijn geestverwant in hun drive om aan ‘moderne dans’ te doen – en wat je te zien krijgt wekt de indruk dat voor hen dans niet alleen dans uitdrukt (dixit Hans van Manen) maar eerder protest tegen onvrijheid in brede zin (religieus, politiek, sociaal, cultureel, gender) waarbij het dansverbod de pijn en frustratie alleen maar heftiger maakt: je voornaamste expressiemiddel is doodverklaard.

Getourmenteerd lijkt me een adequate karakterisering voor hun motoriek als ze zich wagen aan oefeningen, of liever ‘fysieke uitingen’. Vaak lijken ze te stikken. Probleem is dat ze nooit les in die discipline hebben gehad. En dat ieder niet alleen danser maar ook de eigen choreograaf is. Zoals de regisseur zegt: ‘Ze proberen verhalen te delen door een nieuwe manier om zich met hun lichaam te uiten.’ Met als basso continuo ‘zichzelf te kunnen zijn’, wat in Iran al gauw controversieel tot onmogelijk is.

Verhalen delen dus, zoals de Perzische prinses Sheherazade dat ooit deed met de vrouw hatende sultan Sjahriaar. Laat daarover nou een ballet bestaan dat gedanst is door het Nationale Ballet van Iran; er zijn zelfs beelden van. Bijna alle betrokkenen bij dat in 1958, onder de westers georiënteerde sjah, opgerichte gezelschap blijken Iran na de revolutie te hebben verlaten. Het niveau moet hoog zijn geweest, gezien posities in de westerse danswereld die sommigen hebben bereikt. Bij ons was Behrouz Vassegi danser bij Scapino, waar hij later theatertechnicus werd.

Het filmplan mikte op de komst van bejaarde coryfeeën naar Iran om een ondergrondse choreografie met de jongeren te doen. Werelden scheiden die generaties en het plan lukt helaas ook niet: ze kunnen, willen niet reizen. Een alternatief plan mislukt door escalatie van het Iraans-Amerikaans conflict. De documentaire is gedwongen onvolmaakt, de regisseur weinig minder gekneveld dan de dansers. Die ook kritiek op haar hebben. Maar je ziet roerende tot aangrijpende scènes van hoogbejaarde gedwongen expats en van dappere jonge illegale selfmade dansers.

Sarvnaz Alambeigi, 1001 Nights Apart, AVROTROS Close Up, woensdag 8 september, NPO 2, 23.20 uur