Opheffer

Dat het kwajongens mogen zijn

Het lijkt wel of atheïsme en humanisme niet meer mogen. Ik geloof niet in een macht buiten de mens om. Sterker, ik meen zelfs dat wie gelooft dat de mens zich door buitenaf laat besturen, zelf geen verantwoordelijkheid neemt voor zijn daden; hij kan al zijn handelen, zelfs het meest onmenselijke, rechtvaardigen door zich te beroepen op een instantie die boven hem staat: Allah of God. Daarom bestrijd ik religieuze groeperingen. Ze zijn uiteindelijk onmenselijk.

De mens als maatstaf geeft daaren tegen ook geen vrolijke wereldbeschouwing. De mens is laf en wil de verantwoordelijkheden voor zijn daden helemaal niet. «Politici die onder druk staan, maken een stofje aan in hun hersenen, waardoor zij hun zelfcontrole verliezen.» Dit stelde arts-politicus Rob Oudkerk die ons land heeft bestuurd en ter ontspanning naar de hoeren ging, wat zijn val betekende. Dat hij naar de hoeren ging, moet hij weten, maar zie hoe hij daar toch de verantwoordelijkheid niet voor wil nemen. Hij had last van een «stofje». (Zo veel politieke druk had hij trouwens niet.)

Het is dezelfde verdediging die je hoort bij religieuzen: ik moest hem wel vermoorden, dat had God of Allah mij bevolen. (Dus wie ben ik, de mens, dan? Ik kan toch God niet weerspreken?)

Je hoort het ook bij de rellen in Parijs en omstreken. Ik ben op het ogenblik in Parijs. «Die jongeren zijn eigenlijk de schuld niet. Het zijn hun slechte omstandigheden; het feit dat ze geen toekomstperspectief hebben, niet worden aangenomen als ze solliciteren», hoor ik op de wereldomroep.

Hier in Parijs ligt het probleem iets ingewikkelder, maar toch. Het is net of die jongens zelf niet verantwoordelijk – en dus niet schuldig – zijn aan die rellen en die miljoenen schade. Terwijl ze dat wel zijn. Het is ongetwijfeld waar dat ze geen «toekomst perspectief» hebben, maar dan mag je nog geen spullen van anderen vernielen. Wat is trouwens een toekomstperspectief? Als dat perspectief ontbreekt, waarom lukt het de ene Mohammed dan wel om op legale wijze geld te verdienen en de andere niet? Heb je «toekomstperspectief» als je goed onderwijs hebt genoten? Goed onderwijs kan zelfs de minst bedeelde in Parijs genieten.

De Parijzenaren zelf hebben een totaal ander beeld. Ze onderschrijven voor een deel de «marxistische visie» van «het gebrek aan toekomstperspectief bij de lagere klassen dat kan leiden tot revolutie» (de Franse intellectuelen zijn hierin beter getraind dan de Nederlandse, denk ik wel eens), maar ze ontkennen allemaal dat er niets aan is gedaan. Die Parijse voorsteden hebben juist, naar zij beweren, erg veel geld gekregen, juist om dat toekomstperspectief te schetsen. Dus: hoewel dat perspectief er op een zeker moment was, liep men toch de andere kant uit. In tegenstelling tot wat je hier leest, onderschrijven zij veel meer de Amerikaanse visie, namelijk dat het hier een pan-Arabisch-Europees conflict betreft.

Onlangs schreef een Nederlandse filosoof in de Volkskrant: «Waar is Sartre?» Ik heb die vraag hier in Parijs gesteld en alle intellectuelen die ik sprak, acteurs, film- en theater makers, scenarioschrijvers en producenten, begonnen hard te lachen. Sartre was een draaikont geweest die zich niet schaamde om zich achter revoluties te scharen die miljoenen doden hadden gekost. Rusland en China, hij praatte het allemaal goed. «Hier nooit meer een Sartre!» hoorde ik. En: juist Sartre had geleerd – hoewel hij het wel geprobeerd had – dat marxisme en existentialisme elkaar niet verdragen, juist vanwege de vraag: wie is verantwoordelijk voor wie en wat? Of zoals ik hoorde: «Menselijkheid en rechtvaardigheid lopen soms niet hand in hand; dan moet je kiezen voor de rechtvaardigheid omdat die voor iedereen geldt.»

Ik dacht aan ons probleem met de 26.000 uitgeprocedeerde asielzoekers. Niet menselijk, wel rechtvaardig, zoals Verdonk dat doet.

De Fransen schetsten dat het probleem veel dieper zit dan wij denken. Er is onder de bevolking sprake van racisme, zeker. Maar niet uit xenofobie, maar uit ervaring en dat is veel erger. Ook de Fransen kennen hun jaren zestig en zeventig. Ze hebben veel meer dan wij «allochtone» vrienden en vriendinnen, maar die beweren gek genoeg hetzelfde. Ik heb gehoord: «Die jongens uit onze buurt zijn veel materialistischer dan je denkt, maar ze willen niet knokken voor hun geld. Ze willen het krijgen. Ze zijn altijd moe, moe, moe. Ze hebben een andere moraal, een andere ethiek, ze hebben de moraal en de ethiek van de woestijn, die juist gemengd is met de moraal van hier. Ze willen niks, maar dan met veel geld, mooie vrouwen en dure auto’s. En als ze dat niet krijgen worden ze boos. Want ze denken dat autochtone jongeren dat wel allemaal krijgen, zomaar.»

Het zijn teksten die je in 1800 over de negers in Amerika hoorde. Het is wellicht borrelpraat, maar het was een Algerijnse acteur die het me vertelde. En hij dronk niet!

Ook in Parijs was men het erover eens dat het ten diepste misschien wel een religieus probleem was, al speelde de koran niet zo’n rol in het leven van deze jongens. Maar ze voelden zich «als moslims» met elkaar verbonden, een groep. Het was hun familie.

Ook zei men in Parijs: «We hebben hier ook allemaal Vietnamezen, hadden die dan wel een toekomstperspectief destijds?» Ik dacht aan onze Chinezen.

Ik schrijf dit in een Parijse hotelkamer. Ik lees op nu.nl dat er in Rotterdam auto’s in de fik gestoken zijn. Als ik in God zou geloven, zou ik bidden dat het kwajongens zijn, en dat het niet doorzet.