Terug naar Welkom #3

Dat theater in Welkom is indrukwekkend. Nu nog publiek

Voor de blog ‘Terug naar Welkom’ reist journalist Margalith Kleijwegt terug naar het Zuid-Afrikaanse Welkom, een mijnstadje dat ze 27 jaar geleden voor het eerst bezocht samen met fotograaf Ad van Denderen. In deel 3: een groots opgezette talentenjacht voor de beste gospelzanger(es).

Vroeger schreden de vrouwen van Welkom in ruisende avondjurken het Ernest Oppenheimer Theater binnen. Een statig gebouw, genoemd naar de oprichter van Anglo American, ooit de grootste mijnbouwer in Zuid-Afrika. Ernest Oppenheimer was de man die Welkom precies zeventig jaar geleden stichtte. Hij wilde het nieuwbouwstadje met een culturele voorziening de nodige allure te geven, dus besloot hij een theater met achthonderdzeven zitplaatsen te laten bouwen. Destijds alleen voor blanken.

Medium schermafbeelding 2017 10 17 om 12.33.59
Dansen in Welkom, 1990 © Ad van Denderen

De zaal is nog steeds indrukwekkend, maar de meeste avonden staat hij leeg. Er zijn nauwelijks toneelgezelschappen, orkesten of andere ensembles die het mijnstadje aandoen.

Maar afgelopen donderdag zat die grote zaal na lange tijd weer eens tot de nok toe vol. De Goudveld Hoërskool, de enige middelbare school in Welkom waar Afrikaans nog de voertaal is, hield zijn jaarlijkse schoolvoorstelling. The King and I, een musical uit 1951, is het verhaal van een Engelse gouvernante die naar het staatje Siam afreist om de tientallen kinderen van de koning les te gaan geven. Er is wel degelijk een onderliggende boodschap: cultureel liggen de gouvernante en de koning die er talloze vrouwen op nahoudt, mijlenver uit elkaar, maar gaandeweg leren ze elkaar beter te begrijpen, heimelijk groeit er zelfs iets tussen de twee.

De Goudveld Hoërskool heeft het niet makkelijk, het ANC zou het liefst zien dat Afrikaans, de taal van de onderdrukker, van de scholen zou verdwijnen. Voor veel van deze witte gezinnen die zich nog heel verwant voelen aan ‘de boeren’ is dat vooruitzicht een regelrechte ramp. Afrikaans is hun verleden, hun identiteit, ze kunnen en willen niet zonder. Vasthouden aan oude tradities zijn ze verschuldigd aan hun voorvaderen vinden ze zelf. Een paar jaar geleden werd er een nieuwe directeur aangesteld op Goudveld, Paul Sauer, een verstandige man die eerder directeur van een zwarte school in Welkom was. Op Goudveld probeert hij de ouders te laten inzien dat het verleden voorgoed voorbij is, dat ze moeten proberen om zich aan te passen aan een nieuw aangebroken tijdperk.

Maar vanavond is het feest. De uitvoering, het decor en de live uitgevoerde muziek, het is spectaculair. Iedereen in de zaal is wit. Alleen Lebo en Lindeka, deel van ons team, zijn zwart en dat geeft toch een ongemakkelijk gevoel.

Twee dagen later zijn de verhoudingen in hetzelfde theater precies andersom. Ad, Maarten (ook teamlid) en ik zijn tijdens de groots opgezette talentenjacht naar de beste gospelzanger(es) de enige blanken. Professionele gospelzangers uit het hele land lopen zenuwachtig heen en weer achter de coulissen. Er is een live band, er staan twee gigantische, totaal overbodige televisieschermen op het toneel. Kosten noch moeite zijn gespaard, dit initiatief moet het culturele leven in Welkom weer op de kaart zetten, zegt een van de organisatoren. Er gebeurt te weinig, vandaar dat de burgemeester dit bijzondere festijn vanuit de gemeentekas betaalt.

Wij zijn de enige toeschouwers in de zaal op het moment dat het feest moet beginnen. Beneden in de kleedkamers bereiden de twintig kandidaten in deze finale - meest vrouw - zich voor. Ze zingen samen a capella, oh wat klinkt dat mooi.

Medium van denderen

De meeste kandidaten hopen op een doorbraak in de gospelwereld, een platencontract, optredens in binnen en buitenland. Boitumeb, 20, draagt zoals veel jonge vrouwen hier een donkerrode pruik met stijl haar. Als het aan haar familie lag, haar ooms in dit geval - ze heeft geen vader - zou ze het onderwijs ingaan. Zo'n toekomst lijkt haar een nachtmerrie: ‘Ik moet er niet aan denken om met kinderen te werken. Ik wil naar Johannesburg, ik wil met muziek bezig zijn, mag ik alsjeblieft iets met mijn leven doen wat ik leuk vind?’

De talentenjacht zou om 14.00 uur beginnen, inmiddels is het vier uur en er zit nog steeds geen schot in. De kandidaten ondergaan de vertraging gelaten, maar de blanke vrouw die de kaartjes verkoopt begint zich mateloos te ergeren, ze wil weten of er nog iets gaat gebeuren, de middag kan niet eindeloos gaan uitlopen. De organisatoren kijken nerveus de lege zaal in. Er blijken nauwelijks kaartjes te zijn verkocht. Is er iets mis gegaan met de marketing, de zaal zou toch werkelijk stampvol moeten zitten? Waren de kaartjes van honderd Rand, € 6.50, misschien te duur? Uiteindelijk loopt Eveline, de eerste kandidate om 17.15 uur het toneel op. Ze ziet er prachtig uit in haar groene lange jurk met gouden draadjes en ze zingt vol overgave, maar het geluidssysteem staat zo hard dat ik mijn oren moet dichtstoppen. Van die muzikale, melodieuze toon uit de kleedkamers is niets meer over.

De caissière moppert dat ze misschien twintig kaartjes heeft verkocht, maar dat er inmiddels veel meer mensen in de zaal zitten die waarschijnlijk stiekem zijn binnengeloodst. In de zaal kan het feest niet meer stuk. Er zijn inderdaad meer mensen gearriveerd die de stemming erin brengen, de zaal is voor een zesde gevuld en iedereen zingt en danst uitbundig. Tot diep in de avond.


Deze blogreeks wordt ondersteund door het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten. Foto’s van het verblijf in Zuid-Afrika, en van het fotoproject ‘Welkom Today’, zijn te zien op Instagram.