De 21 beste romans van de eeuw

Uit de literatuurenquête van De Groene Amsterdammer kwamen de volgende 21 titels naar voren. Kim Schoof kiest NW van Zadie Smith.

Zadie Smith wordt wel de koningin van de multiculturele roman genoemd. En dat terwijl ze de laatste zou zijn om zichzelf iets koninklijks toe te schrijven, en ze onlangs in The New York Review of Books uiteenzette hoe weinig fictie van doen heeft met politieke correctheid. Vanaf haar lijvige, warme en hilarische debuutroman White Teeth uit 2000 schrijft Smith over personages met allerlei achtergronden. Niet omdat ze, zo legde ze in haar NYRB-essay uit, net als, zeg, haar personage Samad Iqbal uit Bangladesh komt en in de oorlog heeft gevochten, noch omdat ze graag inclusieve boeken schrijft. Als de ‘equal-opportunity voyeur’ die een romancier hoort te zijn, schrijft ze uit interesse voor anderen: ‘I wanted to know what it was like to be everybody.’ Want met een Bengaalse oorlogsveteraan kun je zomaar meer gemeen hebben dan met sommige lotgenoten; tegen de puristen die vandaag de dag beweren dat schrijvers alleen personages mogen opvoeren die op hen lijken, bracht Smith in dat de menselijke buitenkant niet meteen wat over de binnenkant zegt.

In haar roman NW uit 2012 ondernam ze haar tot nu toe meest radicale poging om te achterhalen hoe anderen denken, doen en voelen. De titel verwijst naar het postcodegebied in noordwest Londen waar de vier hoofdpersonages vandaan komen. Leah, een Londenaar met Ierse wortels, een filosofiediploma en een Algerijns-Guadeloupse echtgenoot, woont vanwege haar lage salaris bij een liefdadigheidsorganisatie, nog steeds in haar geboortebuurt. Haar jeugdvriendin Natalie, die in het Caribisch gebied geboren werd als Keisha maar zichzelf hernoemde toen ze loeihard ging studeren om advocaat te worden, heeft inmiddels een rijke man en een patserig huis. Daarnaast maken we kennis met Felix, een vriendelijke jongen die van zijn drugsverslaving probeert af te komen. En als Natalie haar perfecte leventje zat is, via datingssites affaires aanknoopt en haar huwelijk opblaast, verschijnt ook Nathan, een louche oud-klasgenoot, op het toneel.

Radicaal aan NW is dat elk van de delen steeds in een eigen, toepasselijke stijl is geschreven. Het Leah-deel is het meest modernistische en staat opgetekend als een stream of consciousness – op een korte mijmering over een appelboom na, die typografisch gezien de vorm heeft van een appelboom. Voor het deel over Felix heeft Smith een ontspannen soort naturalisme met veel gesprekken gebruikt. Het Natalie-deel is minder ontspannen, juist gejaagd geschreven, in korte, genummerde fragmenten; sommigen zien in die stijl een weerspiegeling van Natalies berekenende inborst en moeizame klim op de sociale ladder. En de bedwelmde wandeling met Nathan leest alsof je langzaam zelf een beetje high wordt.

Over de precieze verbanden tussen de stijlen en personages in NW is veel gespeculeerd. Volgens sommige critici reflecteert Leahs chaotische gedachtestroom haar onvermogen tot sociale mobiliteit, haar vastgelopen bestaan. Anderen relateerden het feit dat Leahs gedachten alle ruimte krijgen juist aan haar relatief geslaagde leven, waarin bijna al haar dromen en wensen, hoe klein ook, een plek hebben. Maar dat de verbanden verschillend geïnterpreteerd zijn, bewijst vooral dat buitenkant (stijl) en binnenkant (belevingswereld van een personage) elkaar niet direct spiegelen. Met NW liet Smith zo op een geraffineerde manier zien wat een kunst het is om individuen in al hun complexiteit te verbeelden. En dat goede romanciers die kunst verstaan.


Kim Schoof promoveert op autofictie aan de open universiteit. Naast Smith noemde ze Gebrand Bakker, Boven is het stil; Ben Lerner, The Topeka School en Annie Ernaux, De jaren