De 21 beste romans van de eeuw

Uit de literatuurenquête van De Groene Amsterdammer kwamen de volgende 21 titels naar voren. Ellen Deckwitz kiest de Wolf Hall-trilogie van Hilary Mantel.

Het interessante aan de historische roman is dat hij haar auteur voor een specifiek soort uitdaging stelt. Het lot van bestaande personages valt immers makkelijk te achterhalen en dus gaat het bij dat soort verhalen niet zozeer om de plot, maar om hoe je die verpakt; welke invalshoek en toon je inzet om een verhaal dat je lezer al kan kennen toch zo te vertellen dat hij gegrepen wordt.

Met de geschiedenis die ze in de Wolf Hall-trilogie centraal stelt, stond Hilary Mantel voor een zware klus, want over bijna alle hoofdpersonen zijn inmiddels bibliotheken volgeschreven, en dankzij het succes van de talloze films en series over de Tudor-periode zul je al je vertellerschap moeten aanwenden om nog iets nieuws toe te voegen. Daar slaagde Mantel echter wonderwel in door haar hertelling te centreren rond een tot dan toe door zowel auteurs als historici onderbelicht lid van de hofhouding van Hendrik VIII: Thomas Cromwell, de arme smidszoon die zich omhoog werkte tot de invloedrijkste burger van het land.

Met Cromwell als hoofdpersoon komen diverse historische figuren opeens in een geheel ander daglicht te staan. Waar Hendrik VIII de afgelopen eeuwen toch vaak is voorgesteld als een corpulente vrouwenhater, krijgt hij door zijn verstandhouding met Cromwell opeens menselijke trekken. Zijn twijfels, de eenzaamheid die iedere alleenheerser treft: het zorgt voor een andere blik op een man die voorheen toch vaak als gewetenloze despoot is neergezet. Daartegenover komt Anna Boleyn opeens heel wat minder sympathiek uit de verf. Waar ze in veel bewerkingen een tragische heldin is, is ze bij Mantel een snob die neerkijkt op Cromwell, en zo vind je het als lezer opeens een stuk minder erg wanneer Boleyn het schavot betreedt.

Maar niet alleen de invalshoek maakt de Wolf Hall-trilogie een uniek hoogtepunt in de historische fictie. Het is ook de stijl. Veel historische romans staan bol van de wollige taal, maar Mantel zwicht nergens voor bloemrijke beschrijvingen of archaïsche fraseringen. Daardoor doet de vertelling fris aan, modern, en valt er een afstand tussen verhaal en lezer weg. Opeens zou Thomas More ook een collega kunnen zijn. Opeens lijken de beschreven zestiende-eeuwers net échte mensen. Tegelijkertijd weet Mantel ook een zekere vervreemding erin te houden. We herkennen onszelf in haar personages, maar tegelijkertijd kijken we met afgrijzen naar de vroege Renaissance waarin zij zich bevinden, een periode waarin de mensenrechten (en de tandheelkunde) om te janken waren.

En die combinatie van perspectief, stijl en vervreemding zorgt ervoor dat de Wolf Hall-trilogie een buitengewone toevoeging is aan de 21ste-eeuwse letteren. Ze wil niet paaien, is de lezer altijd vijf stappen voor, waardoor ze blijft fascineren. Ze toont wat de mens is en wat hij, als hij niet uitkijkt, kan worden. En daarom vormt de Wolf Hall-trilogie een van de hoogtepunten van de hedendaagse literatuur.


Ellen Deckwitz is dichter, columnist en maker van de podcast BoekenFM. Naast Mantel noemde ze Helen Dewitt, The Last Samurai; Jennifer Egan, A Visit from the Goon Squad; Laurent Binet, HhhH en Michel Houellebecq, De mogelijkheid van een eiland