De advocaten weten het niet meer

De vreemdelingenadvocaten slaan alarm: ze redden het niet meer. Het was altijd al een somber vak, maar nu - nul-dagentermijnen, 24-uursaanmeldcentra en de hele dag wanhopige clienten aan de telefoon. De overspannen wereld van het vreemdelingenrecht.

MR. N. WITTICH-SCHMIDT, vreemdelingenadvocaat te Hengelo, stuurde op 19 september een brief naar 350 collega’s. Of de geachte confreres wellicht, heel misschien, nog iemand kennen die geinteresseerd is in een van de twee vacatures voor vreemdelingenadvocaten op haar kantoor. Haar praktijk, zo schreef Wittrich-Schmidt, is het afgelopen jaar enorm gegroeid. ‘Dit vindt mede zijn oorzaak in het feit dat (…) veel advocaten, na de wijziging van de Vreemdelingenwet, hun vreemdelingenpraktijk hebben beeindigd.’
Wittich-Schmidt: 'Op mijn twee advertenties in het Advocatenblad reageerde niemand. We zijn nog maar met acht vreemdelingenadvocaten in het arrondissement. Sinds de nieuwe Vreemdelingenwet is ingegaan, is zeker een derde van de advocaten afgehaakt.’
Het is lopende-bandwerk geworden, vertelt ze. Zeker nu Justitie achterstanden aan het wegwerken is: 'Eerst doen ze er jaren over om tot een beslissing te komen en als het dan eindelijk zo ver is, moeten wij in no time reageren. Vandaag kreeg ik negentien verzoeken om binnen twee weken nadere gronden te formuleren voor de bezwaren die ik heb aangetekend tegen afwijzingen van asielaanvragen. Dat kost per client twee of drie uur. Ik heb inmiddels besloten om geen zogeheten nul- dagentermijnen meer te doen; daarbij moet je nog dezelfde dag bezwaar aantekenen om te voorkomen dat een afgewezen asielzoeker wordt uitgezet. Ja, voor de asielzoeker betekent dat uitzetting als een andere advocaat de zaak niet overneemt. Nu zijn het vaak flutzaken, maar niet allemaal. Misschien had de contactambtenaar een pestbui, of het gaat om een homoseksueel uit Oost-Europa, die op de grote stapel uit die landen is beland.
Ik word ettelijke keren per week door clienten gebeld - of hun zaak al een beetje opschiet. Maar ik kan helemaal niets doen zolang het bij Justitie zo'n puinhoop is. Ik kan wel schrijven, maar dan krijg ik een standaardbriefje terug. En over de telefoon krijg je een blikken juffrouw te horen.’
DE PRESIDENT VAN de arrondissementsrechtbank Den Haag, mr. A. H. van Delden, schreef op 11 mei aan de toenmalige minister van Justitie Hirsch Ballin: 'Er bereiken ons in toenemende mate berichten dat de in het vreemdelingen- en vluchtelingenrecht gespecialiseerde advocaten hun praktijk in deze beeindigen uit frustratie over het beleid en de uitvoeringspraktijk van de Raden voor de Rechtsbijstand.’ In de Werkgroep Rechtsbijstand Asielzoekers, een werkgroep van vreemdelingenadvocaten, klonken soortgelijke geluiden, en het Bureau voor Rechtshulp in Amsterdam sloeg in oktober alarm: de wachtkamers zitten overvol met asielzoekers, doorverwezen door advocaten die hen niet willen helpen. Voor alleen het helpen bij een asielaanvraag krijgen advocaten namelijk geen vergoeding meer sinds op 1 januari 1994 behalve de nieuwe Vreemdelingenwet ook de nieuwe Wet op de Rechtsbijstand van kracht is geworden. Een advocaat verdient nu zo'n vijftienhonderd tot tweeduizend gulden per asielzaak, hetgeen neerkomt op zo'n tachtig a negentig gulden per uur. Daarvan moet de advocaat ook de secretaresse, de huur en de apparatuur betalen.
Rob Hamerslag, vreemdelingenadvocaat te Amsterdam: 'Het wordt steeds moeilijker om de praktijk financieel draaiende te houden. Ook doordat het soms jaren duurt voor je kunt declareren, vanwege de achterstanden bij Justitie. Al die tijd schiet je de staat in feite voor. Doel van de nieuwe wet was een snellere afhandeling van de asielverzoeken, maar de ambtenaren bij Justitie kunnen nog helemaal niet met de nieuwe wet overweg. Het gevolg: een verdere vergroting van de achterstanden en schadevergoedingen die uitgekeerd moesten worden omdat tientallen vreemdelingen ten onrechte in bewaring waren gesteld. Al die technocratische maatregelen leiden nergens toe.’
Dat geldt ook voor de plannen voor de zogeheten aanmeldcentra, waar binnen 24 uur moet worden bepaald of iemand recht heeft op asiel: 'Onmogelijk! Ik begrijp niet waarom de Nederlandse Orde van Advocaten heeft toegestemd om in die centra rechtshulp te verlenen. Alle ervaren vreemdelingenadvocaten hebben zich tegen dat besluit gekeerd. Als advocaat legitimeer je die centra door eraan mee te werken.’
Hamerslag wijst er ook op dat het vreemdelingenrecht een proeftuin lijkt voor andere rechtsgebieden: 'Toen het hoger beroep voor vreemdelingen was afgeschaft, zei minister Hirsch Ballin meteen dat dat wellicht in andere procedures ook zou kunnen. De regering beloofde de Tweede Kamer dat in ieder geval op de kwaliteit van de rechtshulp zou worden toegezien. Daar merk ik bijzonder weinig van. Veel ervaren advocaten geven het op. Omdat ze genoeg hebben van de bureaucratie, de rompslomp, de financiele problemen.’
UCO KOOPMANS, vreemdelingenadvocaat te Amsterdam: 'Het ministerie van Justitie wordt steeds meer een kafkaeske instelling. Net had ik hier nog een joodse jongen uit Letland, die zei dat in het advies dat de Adviescommissie Vreemdelingenzaken over hem heeft opgesteld, allerlei dingen waren weggelaten die hij wel had verteld. De notulen van die ACV-vergadering ontbraken echter in het dossier. Dus heb ik naar de Immigratie- en Naturalisatiedienst gebeld om die notulen alsnog te krijgen - tot drie keer toe, want ik kreeg telkens niet de notulen, maar weer het ACV-advies. Uiteindelijk vroeg die ambtenaar: wat is dat eigenlijk, de ACV? Toen pas kreeg ik de notulen.
Het meest frustrerende is dat je niet met Justitie kunt overleggen. Tijdens je opleiding als vreemdelingenadvocaat leer je: vecht geen dingen in de rechtszaal uit als dat niet nodig is. Dat scheelt ook de staat tijd en geld. In de praktijk komt er niets van terecht; je krijgt gewoon de verantwoordelijke ambtenaar niet te pakken. Heel veel zaken komen louter door gebrek aan communicatie voor de rechter.’
Pieter Boeles is medewerker van het Nederlands Juristenblad en immigration lawyer te Amsterdam. Zijn kantoor begon in 1982 als sociaal kantoor, met als specialisatie vreemdelingenrecht. Inmiddels is het kantoor van beleid veranderd; alle vreemdelingen moeten betalen, volgens een getrapt tarievenstelsel. Bij de ingang van zijn kantoor staan fraaie wervingskaartjes met kleurenfoto’s van clienten: een Japanse concertpianiste, een Canadese mode-ontwerper en een Koreaanse restauranteigenaar. Boeles: 'We merkten de laatste vijf jaar dat het systeem van rechstbijstand het niet lang meer zal houden. We richten ons nu op mensen van multinationals die naar Nederland worden overgeplaatst, of mensen met specialistisch werk. Ik help nog wel mensen die niet zelf kunnen betalen, maar voor de betalende klanten stellen we ons actiever wervend op. Ik denk dat we zo net een stukje markt kunnen pakken waarmee we als praktijk kunnen overleven. Wroeging? Nee, wroeging heb ik er niet over, ik ben het niet die de sociale rechtshulp heeft afgebroken. Maar ik vind het wel moeilijk te verteren dat de hele rechtshulp aan vreemdelingen afbrokkelt.’
Nol Vermolen, bestuurslid van VluchtelingenWerk en vreemdelingenadvocaat: 'Ook ons kost het steeds meer moeite om vrijwilligers voor de rechtshulp aan asielzoekers te vinden. Dit werk heeft een steeds negatiever stempel gekregen. Je krijgt niet alleen scheldtelefoontjes, ook op verjaardagspartijtjes word je voortdurend in het defensief gedrongen als je vertelt over je werk. We geven onze vrijwilligers ook aparte cursussen om daarmee te leren omgaan.’
De rechtsbescherming voor asielzoekers is sterk achteruit gegaan, meent hij: 'Met de aanmeldcentra is de ondergrens bereikt. Dat VluchtelingenWerk toch heeft besloten in die centra rechtshulp te geven, komt omdat niet steeds duidelijk was of de andere partners, de Orde van Advocaten en de Bureaus voor Rechtshulp, er niet zouden instappen. We wilden niet het risico lopen dat wij als belangenorganisatie geen voet tussen de deur van de aanmeldcentra zouden hebben.’
Hij wijst op nieuwe bedreigingen, de wetsvoorstellen over het zogeheten veilige derde land en de veilige landen van herkomst: 'Steeds meer landen verklaren hun buurlanden veilig. Afrikaanse en Aziatische vluchtelingen worden nu al doorgeschoven naar Oekraine en Wit-Rusland. We zullen ons hier met alle kracht tegen verzetten.’
Vorige week liet Justitie weten dat door de opening van de aanmeldcentra 'tien procent van de asielzoekers kon worden geweerd’. De directeur van de Immigratie- en Naturalisatie Dienst voegde eraan toe: 'Als de wetsvoorstellen voor de veilige landen van herkomst en de veilige derde landen worden doorgevoerd, kan dit percentage stijgen tot dertig, veertig procent.’
G. Hoogvliet, landsadvocaat te Den Haag: 'Ik heb geen inzicht in de financiele problemen van vreemdelingenadvocaten, maar in de sociale advocatuur werd het van oudsher niet belangrijk gevonden om veel te verdienen. Het is wel belangrijk om in te zien dat recht een economisch goed is waarvoor moet worden betaald. In het vreemdelingenrecht zijn de grenzen in zicht van wat mogelijk is. Je kunt het niet al te mooi maken, want dat kost simpelweg te veel.’
De afschaffing van het hoger beroep heeft volgens hem ook nadelen voor de staat: 'Want ook de staat zelf kan nu niet meer in appel gaan. Veel zaken worden sinds de nieuwe Vreemdelingenwet op formele, juridische kwesties verloren. De vreemdeling moet inderdaad door de achterstanden bij Justitie langer op een uitspraak wachten, maar dat werkt meestal niet in zijn nadeel. Wachten is natuurlijk niet leuk, maar als ik als vluchteling aan vervolging zou zijn ontsnapt, zou ik de rijst met bonen op de koop toe nemen. Naar mijn mening is de rechtsbijstand voor vreemdelingen er nog niet op achteruitgegaan, maar er is nu een proces gaande waardoor dat misschien over een paar jaar wel gebeurt. Het blijft belangrijk dat goede, ervaren advocaten de vreemdelingen bijstaan. Het moet niet zo zijn dat asielzoekers straks zijn aangewezen op goedwillende huismoeders van om de hoek.’
W. J. VAN BENNEKOM, na een loopbaan van vijfentwintig jaar als vreemdelingenadvocaat rechter in de arrondissementsrechtbank Amsterdam: 'Die aanmeldcentra zijn een heel zorgelijke ontwikkeling, maar vreemdelingenadvocaten zien het wel altijd somber in. Dat hoort een beetje bij het werk. Hun klachten worden in Den Haag vaak met een korreltje zout genomen, zoals ook niemand luistert naar de boeren, omdat die altijd klagen. Toch is er nu meer aan de hand. De reactie op de groei van het aantal asielzoekers is paniekerig en onterecht. Voor de overheid zijn er wat bezuinigingen betreft geen taboes meer. Maatregelen zoals die aanmeldcentra zijn volgens Justitie allemaal bedoeld om het aantal ongegronde asielaanvragen terug te brengen. Maar de ongegronde asielaanvragen zijn helemaal het probleem niet; het probleem is dat hier veel mensen komen uit landen waar je ze onmogelijk naar terug kunt sturen. Het enige wat Justitie kan doen, is de boel eindelijk eens goed organiseren, zodat er snelle en goede beslissingen worden genomen. Maar dat lukte tien jaar geleden ook al niet, terwijl er toen veel minder asielzoekers waren. Er is eigenlijk nooit een moment geweest in de geschiedenis dat je als vreemdelingenadvocaat kon zeggen: het gaat lekker. Maar zo problematisch als nu is het nog nooit geweest.’
OP 11 OKTOBER liet de Nederlandse Orde van Advocaten weten toch niet te willen deelnemen aan de rechtsbijstand in de aanmeldcentra. Reden: de vergoeding voor de advocaten is onaanvaardbaar laag, er is geen mogelijkheid voor second opinions en er zijn niet genoeg tolken. De Immigratie- en Naturalisatiedienst van Justitie meldde dat de centra hoe dan ook op het voorgenomen tijdstip zullen opengaan.
Met dank aan Vincent Kuit