De agusta-smet zal heel belgie bedekken

De auteur is onderzoeksjournalist bij dagblad De Morgen
‘We hebben in 1989 niet enkel Italiaanse Agusta-helikopters geimporteerd, we hebben blijkbaar ook de Italiaanse mentaliteit mee overgenomen’, zo liet een minister zich vorige week ontvallen. Het is inderdaad ironisch dat de Belgische beerput openbarst naar aanleiding van een ‘Italiaans dossier’. Het Agusta-schandaal neemt dezer dagen in Belgie angstaanjagende vormen aan. Enkele maanden voor de nationale verkiezingen werpt het dossier een zwarte schaduw op de parlementaire democratie.

Louis Tobback, voorzitter van de Vlaamse Socialistische Partij, zag de afgelopen dagen voor zijn ogen een ware nachtmerrie ontrollen. Na drie jaar stevig coalitiewerk met de christen-democraten zat zijn partij electoraal in de lift. Alles wees erop dat de SP succesvol zou zijn bij de vervroegde verkiezingen van 21 mei. Daarmee zou een punt worden gezet achter de nu al jaren durende malaise binnen de SP. Maar amper vierentwintig uur nadat Dehaene bekend maakte dat de verkiezingen werden vervroegd, werd in Luik duidelijk dat de socialisten met een levensgroot probleem zaten. ‘Vorig jaar nog dineerde ik met de Italiaanse superrechter Antonio di Pietro’, zegt Louis Tobback. 'Ik heb aan die ontmoeting een amicaal briefje van de man overgehouden, iets wat nu wel erg cynisch overkomt.’
De Luikse onderzoeksrechter Veronique Ancia, belast met het onderzoek naar de moord op de Waalse socialist Andre Cools - een zaak die reeds dateert van 1991 - ging over tot de arrestatie van Etienne Mange. Deze veredelde boekhouder was reeds enkele jaren belast met het opkuisen van de financiele huishouding van de SP. Hij bekende al snel via een Zwitserse rekening 51 miljoen frank te hebben geincasseerd als commissie voor de regeringsbeslissing van november 1988 om gevechtshelikopters aan te kopen bij de Italiaanse producent Agusta.
Mange ontving het smeergeld niet rechtstreeks van Agusta. Het geld werd overgemaakt via twee Belgische tussenpersonen: Luc Wallyn en Fons Puelinckx. Wallyn was jarenlang de naaste medewerker van Karel van Miert, oud-SP-voorzitter en momenteel Europees commissaris. Puelinckx daarentegen, een nogal rechtse Brusselse zakenadvocaat, is voor de socialisten een onbekende. Het feit dat hij werd gearresteerd, vormde een eerste indicatie dat er achter Agusta meer schuilgaat dan een uit de hand gelopen vorm van SP-partijfinanciering.
In de periode 1988 tot 1993 ontvingen de Belgische politieke partijen aan beide kanten van de taalgrens in totaal 772 miljoen frank aan legale giften. Tot in 1993 kon dat in Belgie; bedrijven mochten financiele steun aan politieke partijen voor maximaal twee miljoen frank fiscaal compenseren op de balans van hun bedrijf. Naast de rechtstreeks aan partijen verstrekte giften was er ook sprake van giften aan individuele kandidaten. Pas in 1993 maakte wetgeving dit soort politieke-partijfinanciering onmogelijk.
Tegenover de aanbiedende partij stond natuurlijk een vragende partij: de politieke partijen. In de jaren zeventig namen verkiezingscampagnes steeds grotere vormen aan. Daarnaast moesten de partijen nog hun gewone kosten dekken. Voor de socialisten kwam daar nog bij dat ze tot 1986 een zware financiele last meesleepten die voortvloeide uit het debacle van de socialistische pers. Door verkeerd management kalfde de hele socialistische pers af, om in 1986 te eindigen in een grote financiele crisis. Dit alles maakt dat de Belgische politieke partijen gedurende de jaren tachtig steeds afhankelijker werden van bedrijfsgiften. Dat breekt hen nu zuur op.
Wanneer we een lijst zouden maken van alle ontvangen bedrijfsgiften en daarnaast de bestellingen die er eventueel uit voortvloeiden, dan zou men merken dat we ons onterecht in deze situatie bevinden - zo zegt Tobback, die er geen geheim van maakt dat het de liberalen zijn die het meest een beroep doen op bedrijfsgiften.
Dat alles neemt niet weg dat in het Agusta-verhaal de uitbetaling van het geld blijkbaar aan de politieke beslissing voorafging. Meteen wordt de zaak daardoor een dossier van corruptie. Dat is ook wat onderzoeksrechter Ancia interesseert. Liever dan na te gaan wat er met het geld gebeurde, wil ze tot elke prijs ontdekken welke politieke ambtenaar of politieke verantwoordelijke op de hoogte was van het uitbetalen van smeergeld. Om corruptie aan te tonen moet je immers twee partijen hebben: een die betaalt en een die het aankoopdossier beinvloedt. Het is in dit kader dat Willy Claes als toenmalig minister van Economische Zaken in opspraak komt.
De speurders zijn ondertussen ook op zoek gegaan naar mogelijke smeergelden die bij de christen-democraten terecht zijn gekomen. De politieke beslissing om Agusta-helikopters te kopen, werd immers genomen door een coalitie van socialisten en christen-democraten. Het feit dat advocaat Puelinckx bij de uitbetaling van de smeergelden is betrokken, doet vermoeden dat er buiten de SP nog andere begunstigden zijn geweest.
Politieke waarnemers noemen het alleen maar logisch dat binnen een coalitieregering alle partners proberen hun graantje mee te pikken wanneer het gaat om belangrijke overheidsbestellingen. Tenslotte wordt de beslissing tot aankoop ook solidair genomen tussen de partners.
Alles wijst er dus op dat het Agusta-schandaal zich de komende dagen verder zal uitbreiden. Wanneer ook de christen-democratische politieke familie in opspraak wordt gebracht, staat meteen het volledige politieke regime ter discussie. En dat amper drie maanden voor de nationale verkiezingen en op een moment dat extreem-rechts in Vlaanderen duidelijk in de lift zit.
Toch kan er geen sprake zijn van een rechts geinspireerd politiek komplot vanuit het Luiks parket. De politieke wereld heeft wat nu gebeurt duidelijk zelf zien aankomen. Getuige daarvan is de nieuwe wet op de partijfinanciering die in 1993 werd goedgekeurd. Toch heeft de politieke klasse de kracht noch de moed gehad om haar eigen rangen op te kuisen. Het parlement is er op geen enkele wijze in geslaagd zelf een regulerende functie te vervullen. Die taak wordt nu overgenomen door de pers en de rechtbanken.
Het democratisch systeem in Belgie staat voor een fundamentele crisis. De hoop bestaat dat het uitziekproces kort en krachtig zal zijn. Krachtig genoeg om een nieuw fundament te leggen. Maar in vele hoofden doemt nu reeds het beeld op van een zwalkend politiek systeem, zonder krachtige en ongeschonden politici, ten prooi aan extreme, demagogische derderangs politici.