De Arabier van Camus krijgt een naam

In 2013, toen herdacht werd dat de Franse auteur en filosoof Albert Camus honderd jaar eerder werd geboren, hield ik verschillende lezingen over zijn werk. Daar ben ik zo’n kleine vijftig jaar geleden op gepromoveerd en het is mij nog steeds dierbaar. Dit soort inleidingen hield ik eerder ook al geregeld, maar ik werd nu voor het eerst, vaak in een individueel gesprek na afloop, geconfronteerd met een pijnlijke vraag, waarop ik geen kant-en-klaar antwoord had.

Medium contre enquete

Nederlanders met een donkere huidskleur opperden voorzichtig dat zij, met al hun bewondering voor Camus, zich buitengesloten voelden door de manier waarop hij in De vreemdeling, zijn eerste roman, beschrijft hoe de hoofdpersoon Meursault een medemens doodt. Deze centrale daad in het boek, waar de plot om draait, wordt voorgesteld als een soort ongelukje, waarvan de naamloze Arabier die gedood wordt een toevallig slachtoffer is. In het proces tegen Meursault, dat in het tweede deel van het boek beschreven wordt, komt deze doodslag ook niet terug. Meursault lijkt om totaal andere redenen ter dood te worden veroordeeld. Mijn gekleurde landgenoten vertelden mij hoe pijnlijk ze waren getroffen door de manier waarop ‘de Arabier’ slechts aanleiding lijkt te zijn voor een verhaal dat totaal ergens anders over gaat.

Ik antwoordde meestal zo ongeveer dat ik hun gevoelens van pijn begreep, maar ik zei er niet hardop bij dat ik ze ook vaak wel wat overdreven vond. Het gaat hier om dezelfde soort emoties die in de Zwarte Piet-discussie aan de orde zijn en die in hun felheid voor mij ook niet altijd invoelbaar zijn. Wat Camus betreft, ik wist dat hij door Connor Cruise O’Brien van racisme en door Edward Said van oriëntalisme, een collectieve denkwijze die gekoloniseerde volken als vreemd en exotisch maar ook als minderwaardig beschouwt, beticht werd. Ook dat vond ik, mede door de manier waarop Camus zich vanaf zijn vroegste journalistieke artikelen tegen het Franse kolonialisme verzet had, overtrokken en ik beschouwde het als terecht dat de stemmen van beiden nauwelijks in het Camus-onderzoek werden gehoord.

Dat is voor mij allemaal veranderd door de schitterende roman Meursault, contre-enquête van de Algerijnse auteur Kamel Daoud. Hoofdpersoon is Haroun, de jongere broer van de vermoorde Arabier, die na zeventig jaar op de gebeurtenissen uit De vreemdeling terugblikt. Daarbij geeft hij het naamloze slachtoffer een naam, Moussa, en een persoonlijke geschiedenis terug. Zijn moeder heeft alleen maar een krantenberichtje met initialen als herinnering aan haar zoon. Die is bovendien letterlijk verdwenen, omdat zijn lijk door de zee is meegesleept. Wanhopig zoekt ze samen met haar jonge zoon de stad Algiers af om meer te weten te komen over de toedracht en de dader. Dat lukt niet. Het proces tegen Meursault ontgaat hen als arme, ongeletterde gekoloniseerden, ze worden er niet bij betrokken.

Daoud laat zijn lezers meevoelen wat de moord op zijn grote broer voor Hassan betekent. De wraakzucht en het verdriet van zijn moeder maken hem tot een soort schim, die gedwongen wordt de plaats van Moussa in de familiestructuur in te nemen, waardoor hij geen eigen identiteit kan ontwikkelen. De pijn van een daad die voor Meursault niet meer dan een ongeluk is, wordt zo invoelbaar, de woede over het kolonialisme dat een slachtoffer ervan zelfs zijn eigen naam ontneemt, wordt begrijpelijk.

Pas wanneer na tientallen jaren een literaire onderzoekster Hassan en zijn moeder benadert, ontdekt hij dat zijn broer naamloos in een wereldberoemd boek figureert. Het maakt hun vervreemding des te groter, omdat zij beseffen dat de voorstelling van zaken die Camus via Meursault geeft, totaal niet klopt.

Fictie kan een nieuw perspectief op een oude vanzelfsprekend geachte werkelijkheid openen

Over de literaire waarde van Meursault, contre-enquête zal ik hier niet uitweiden. De roman kreeg al twee prestigieuze prijzen en stond op de shortlist van de Prix Goncourt, de belangrijkste Franse literaire onderscheiding. Dat lijkt mij terecht. Het boek is ingenieus geschreven, voortdurend geënt op tekst en stijl van het werk van Camus.

Belangrijker is misschien de sociale betekenis van deze roman. Ze maakt een blinde vlek in de Camus-receptie op pijnlijke wijze zichtbaar. Er zijn honderden artikelen over De vreemdeling geschreven, maar zelden werden de koloniale achtergronden ervan zo intens belicht. De tijden zijn er nu kennelijk rijp voor, de tijden veranderen. Misschien meer dan theoretische beschouwingen en maatschappelijke protesten blijkt fictie een nieuw perspectief op een oude vanzelfsprekend geachte werkelijkheid te kunnen openen.


Medium kamel daoud

Kamel Daoud, Meursault, contre-enquête_. Actes Sud, Alger, 154 blz., € 18,50_


Kamel Daoud, behalve schrijver ook politiek columnist, is bedreigd met een fatwa. Een salafistische imam noemde Daoud vorige maand een afvallige, die in het openbaar geëxecuteerd zou moeten worden. Daoud is niet van plan zich schuil te houden. Zijn boek wordt vertaald, en komt ook uit in Algerije.


Beeld: Algiers, Algerije, 1922 (Donald Mcleish / NGS / Corbis / HH).