De assistenten van arjan ederveen

Vorige week stond hier een stukje over 30 minuten van Arjan Ederveen. De woorden waren van mijn hand, maar niet in die volgorde. En een stukje dat ik had verworpen, was toch nog op mijn floppy achtergebleven. De eindredactie maakt daar dan weer een geheel van. Zelfs in een gezapig huwelijk als dat van De Groene en mij kan iets mis gaan. Zegt m'n echtgenote: ‘Denk niet dat de lezer het merkt.’ Wat weinig zegt over haar dunk van de Groene-lezer en veel over haar waardering voor mijn stukjes. Voor relatietherapie zijn zij, De Groene en ik, te oud. En al zouden we die overwegen, we schrokken terug wanneer we voor ons zagen hoe Ederveen die in ‘komudrama’-vorm zou gieten - zelf in de rol van therapeut, geassisteerd door typen die we als acteur nooit eerder hadden gezien of niet van eerdere rollen zouden herkennen. En ze zouden het doen, echter dan het leven zelf.

Als immers iets verbluffend was aan 30 minuten, dan wel de huiveringwekkende authenticiteit van zijn partners. Ik ben liefhebber van de rollen die Heerma van Vos in het Verzameld Werk van De Bie en Van Kooten speelt. Maar hij is daarin equivalent van het parodistisch karakter dat de Grote Twee aan hun eigen personages meegeven. Terwijl er nooit, in drama of documentaire, een heusere psychiater te zien is geweest als de man die Ederveen begeleidde in zijn proces van Groninger landbouwer naar Centraalafrikaanse voedselverzamelaar. Zoals in geen documentaire over de transfiguratie van hetero naar homo of van man naar vrouw er een overtuigender echtgenote-van-hoofdpersoon is geweest als die van Ederveen in dezelfde aflevering: Carla Reitsma.
Maar hoe heet de meid die briljant een soort Vanessa neerzette in de aflevering waarin ‘us Arjan’ een kruising was van Dave, Gordon, Marco en andere brengers van het eigentijdse levenslied? Zo knap dat je hooguit kon denken dat ze zichzelf speelde, tegelijk beseffend dat juist 'jezelf spelen’ niemand gegeven is. Al lukte dat Patty Brard bijna. Hoe knap Marja Kok ook was als junk, daar was nog iets voelbaar van 'acteren’. Dat was er niet bij de naamlozen. En dat was er zelfs niet bij Albert Mol die als demente moeder de mooiste rol van z'n leven speelde.
Ik ga vloeken in de kerk: de slechtste acteur in de reeks is Arjan Ederveen. Sommige van zijn zelfgeschapen typen (de junk) speelde hij volmaakt; bij andere lijken lijf en stem wat in de weg te zitten. Dat dat nooit hinderlijk is, ligt in zijn verdienste als auteur: plot, dialogen en jargon van de rol die hij speelt, zijn zo fenomenaal dat de kleinigheid die er schort aan werkelijkheidsnabootsing (in deze 'documentaire’ reeks immers de bedoeling) volstrekt oninteressant wordt. 30 minuten heeft een merkwaardige formule: naar vorm en thematiek schurkt het zozeer tegen de documentaire aan dat legio onschuldige kijkers er in trappen. Maar zonder de nadrukkelijke methode van de satire te gebruiken is het eindresultaat ook satire. Waar Ederveen als reality-acteur tekortschiet, accepteren we hem als satiricus. Die man kan dus nooit fout. Omdat hij zo goed is.