Plus: de omroep van het jaar

De beste tv van 2013

Welke druppels kiezen uit de zee van 2013? Voor het eerste half jaar deed de Nipkow-jury voorwerk. Die nomineerde comedyserie Volgens Robert (Vara) en documentairereeks Het nieuwe Rijksmuseum (NTR).

Medium rijksmuseum

‘Een comedy die nergens op lijkt’, noemde ik hier Volgens Roberten dat was bedoeld als compliment voor schrijvers Maria Goos en Peter Blok en regisseur Joram Lürsen. Een midlife- en huwelijkscrisis die in de vorm gebaande paden verliet en prachtig bitterzoet was van inhoud en sfeer. Absurd en juist daardoor de werkelijkheid dichter benaderend dan het vele obligaats dat we in dat genre ontmoeten. Een zegen dat Goos terug was op de televisie. Televisie die haar talent zo vaak bruuskeerde dat de schrijfster die voorgoed de rug leek toe te keren.

Maar de schijf ging naar ‘het Rijks’, zoals in vier delen geportretteerd door Oeke Hoogendijk, waarvan 3 en 4 dit jaar in première gingen rond de heropening. En wie kon daar bezwaar tegen maken? Zeker, Hoogendijk had het geluk dat wat één gelegenheidsfilm tot meerdere eer en glorie van dit cultureel slagschip had moeten worden, uitmondde in een veeldelig verslag van een scheepsramp – die zich in slowmotion voor haar camera voltrok. Die metafoor doet onvoldoende recht aan haar talent om er te zijn op plekken en tijden die ertoe deden; om de acteurs in dit drama helder, soms genadeloos, te portretteren; om hoofdlijnen uit de verwarrende werkelijkheid te destilleren, geholpen door een scherp oog voor juist het detail. Geweldig verslag van deze casus niet alleen, maar daar bovenuit een scan van zwakte, gekte en soms kracht van onze polderdemocratie. Gelukkig was er ook voldoende aandacht voor die tempel, die grandioze collectie en vooral de liefde, van hogepriesters tot misdienaars, voor wat zij beheren. Sommigen van die geestelijken van potsierlijke ijdelheid, anderen ontroerend in betrokkenheid en zorg. En gelukkig bleek het Rijks uiteindelijk geen Titanic.

Het nieuwe Rijksmuseum, deel 1. Ook de andere delen staan online

Er was zoveel meer. Over Zomergasten schreef ik na de eerste twee afleveringen met Teeuwen en Noordervliet. Een beetje zuinig. Pas na de zomer zag ik de rest en vooral Wilfried de Jongs dienstbare gesprekken met Beatrice de Graaf, Johan Simons en Daan Roosegaarde maakten deze jaargang tot een van de betere. En daarmee tot toptelevisie dankzij een dus niet versleten formule.

Er was de aangrijpende documentaire De baby van Deborah van Dam (De Joodse Omroep) die als in een detective de Hollandse onderduikgeschiedenis van Amerikaanse Anneke Köhnke ontrafelde, wier geheugenverlies over die periode een klassiek geval van verdringing bleek: de postume Yad Vasheem-onderscheiding die haar ‘pleegbroer’ voor zijn ouders regelde bleek verre van verdiend. Of de dramaproductie voor kinderen Mimoun (VPRO) van regisseur Tallulah Schwab en scenarist Cécilie Levy. Waarin, de politieke correctheid voorbij, een Marokkaans/Schilderwijks jochie op de glijbaan naar criminaliteit wordt geportretteerd (genomineerd voor een Emmy).

Afsluiten moet ik met ‘de omroep van het jaar’: Human. Klein maar met ijzersterke programmering. Argos/Medialogica, Durf te denken, De vloer op, Duivelse dilemma’s, Dus ik ben, Licht op het noorden, Fresco’s paradijs en prachtdocumentaires als die van John Appel, Michiel van Erp en Petra en Peter Lataster. Een omroep die nauw samenwerkt met de VPRO en die in 2016 verdwijnt tenzij er vijftigduizend leden komen. De teller staat op 28.000. Wie tv serieus neemt en 12,50 euro kan missen zou lid moeten worden. Ik stel me voor dat bijna elke lezer van De Groene en andere kwaliteitsbladen onder dat signalement valt.