De bezems van rotterdam

Rotterdam zou broeien van de onderhuidse multiculturele spanningen. Een reportage over inburgeren, ‘opzoomeren’ en napapegaaien. ‘Het hangt er maar vanaf wat ze in de krant lezen, wat ze horen van de buren.’

ALS NEDERLAND EEN immigratieland is, dan is de West-Kruiskade in het centrum van Rotterdam tegenwoordig een van de culturele werkplaatsen waar Nederlanders en migranten aan een gezamenlijke toekomst bouwen. Op een willekeurige dag zie je meteen dat er vergeleken met tien jaar geleden, toen de heroine-overlast de bewoners tot de lippen steeg, enorme vooruitgang is geboekt. De straat is met zorg gesaneerd - ‘Het is een plek die we koesteren’, zegt een woordvoerder van de Aktiegroep Oude Westen - en vormt nu een mozaiek van buitenlandse en Nederlandse winkeltjes en woonhuizen voor zowel jongeren als ouderen uit alle windstreken. Een multiculturele Kalverstraat. De Turkse bakker bakt Nederlands, Turks en Surinaams brood. Op de stoep voor een Surinaamse winkel staan twee Joegoslaven tussen meterslange knoflookstrengen grappen te maken met de winkelier, terwijl in een naburig portiek een hoogblond meisje haar rasta-vriendje opvrijt.
Op mooie zaterdagen, als het op de West- Kruiskade extra druk is en er ijverig wordt dubbelgeparkeerd, beweegt een hele stroom Turkse, Marokkaanse en Surinaamse gezinnen zich gezapig tussen het winkelpubliek in de richting van het Doelenplein. Daar komt veelkleurig Rotterdam bijeen in het zonnetje, flaneert, eet een hapje, voetbalt en vermaakt zich met de kinderen. Een uurtje op het belendende terras werkt ontspannend als een lauw bad. Hier lijkt de multiculturele toekomst maakbaar.
TOCH VERLOOPT de inburgering van migranten niet zonder grote problemen. En bepaald niet alleen van migrantenzijde. Nog afgezien van discriminatie treffen nieuwe migranten in Rotterdam, net als in de meeste steden, geen homogene samenleving meer aan. 'Is Nederland nou dat keurige gezin met het statistisch verantwoorde 2,1 kind’, zei de voorzitter van de deelgemeente Noord laatst in een toespraak, 'of zijn het die punkers met die paarse hanekammen die elke dag een krat pils de trap op sjouwen, zijn het de studenten die om elf uur ’s avonds beginnen met hun lawaai of is het die mevrouw die de hele dag door herenbezoek krijgt? Kortom, welkom in de oude wijken van Rotterdam en we gaan nu gezellig inburgeren.’
Bovendien komt Rotterdam uit vergelijkingen met andere steden al jaren naar voren als een broeinest van onvrede, etnische spanningen en extreem-rechtse partijvorming. Krantenberichten over racistische vecht- en steekpartijen op de Lijnbaan of het Zuidplein en tv- beelden van gabberhouse-feestjes, skinheadpanden en Feyenoord-supporters die op 'jodenjacht’ gaan doen er ook al geen goed aan. De (deel)gemeenteraadsverkiezingen van jongstleden maart leken dit beeld te bevestigen. Terwijl de PvdA haar meerderheid kwijtraakte, haalde de CD vijf zetels. Voor het eerst kwam ook de CP'86 in de raad, in de gewelddadige persoon van neo-nazi Martijn Freling. In de deelgemeente Charlois bezetten CD en CP'86 vijf van de vijfentwintig zetels. In heel Rotterdam scoorden CD en CP'86 samen 13,7 procent van de stemmen; in sommige wijken kwamen ze boven de twintig procent.
DE OPINIEPEILINGEN hadden een extreem-rechtse zege tussen vijf en negen procent voorspeld. Dat was op zich al genoeg om de PvdA - door een onderzoeker ooit de 'hofleverancier’ van de CD genoemd - tot een aantal noodgrepen te dwingen. Maar zelfs de terugkeer naar Rotterdam van de landelijke PvdA'ers Hans Kombrink en Hans Simons bood geen uitkomst. Hun verkiezingstournee door de wijken (in de volksmond de 'Snip en Snap-revue’) speelde juist in op het racisme. Onder het motto 'Simons & Kombrink zijn weer thuis’ stond in hun folder te lezen: 'De PvdA zet de deur voor nieuwe migranten niet wagenwijd open’ en 'We willen de migranten niet achterstellen, maar ook niet voortrekken.’ De Rotterdammers herinnerden zich nog goed de uitspraak van burgemeester Peper dat er op een adres in Rotterdam elfhonderd illegale Turken stonden ingeschreven die grof misbruik maakten van de Nederlandse sociale voorzieningen. In een interview met RTL5 deed Kombrink die toer nog eens dunnetjes over door de klachten van blanke Rotterdammers over 'soepele vestigingsvoorwaarden’ voor migrantenwinkels en het 'gratis zwemmen voor Marokkaanse vrouwen’ te onderschrijven.
Ook andere partijen lieten zich niet onbetuigd en de vraag rijst of de Rotterdamse politici de racistische 'veenbrand’ in de stad (de term is van Hans Simons) nu hebben aangewakkerd of ingedamd. Dat hangt er maar vanaf wat je als oorzaak van die 'veenbrand’ beschouwt. Academici en bestuurskundigen kwamen met de gebruikelijke verklaringen in termen van 'proteststemmen’ en de 'kloof tussen politiek en burger’. Toen de klap eenmaal was gevallen, beloofden de gevestigde partijen braaf dat ze voortaan naar de bewoners van de 'oude wijken’ zouden luisteren. Ze benadrukten nog eens hun heilige afkeer van racisme en fascisme en gingen over tot de orde van de dag. Burgemeester Bram - 'ik ben niet bang voor het volk’ - Peper verklaarde dat hij 'ontspannen’ wilde omgaan met het extreem- rechtse verkiezingssucces - wat dat ook moge betekenen. Is het probleem daarmee opgelost? En hoe zit het dan met die 'etnische spanningen’ in Rotterdam?
WIE DE ROTTERDAMSE PvdA eens even links (of beter gezegd: rechts) laat liggen en een paar weken op zoek gaat naar het echte Rotterdam, ziet al spoedig alle leunstoelverhalen over 'proteststemmen’ en 'etnische spanningen’, over 'oude wijken’ en het 'profiel’ van de gemiddelde CD-stemmer in rook opgaan. Alle theorieen over 'oude wijken’, zoals bijvoorbeeld de Tarwewijk in de deelgemeente Charlois, zijn evengoed van toepassing op nieuwe wijken als Zevenkamp of Pendrecht. Het percentage extreem-rechtse stemmen of het aantal racistische en discriminerende incidenten hangt niet samen met de aantallen migranten in een bepaalde wijk of met de snelheid waarmee ze er zijn binnengekomen (het veronderstelde 'overval-effect’).
Een samenhang met concrete sociale problemen in bepaalde wijken, zoals werkloosheid of slechte huisvesting, is al evenmin te bewijzen. En aan een bovenmatige propaganda van extreem-rechts in bepaalde Rotterdamse wijken ligt het ook al niet. Sterker nog, volgens de diverse antifascistische groeperingen die CD en CP'86 in de gaten houden, zijn die partijen dit jaar in Rotterdam slapend groot geworden. 'De andere partijen hebben campagne voor ons gevoerd’, smalen enkele extreem-rechtse kandidaten die anoniem willen blijven: 'door tegen ons te waarschuwen en door ons na te praten.’
Ook de inlichtingendienst van de Rotterdamse politie - die toch geacht wordt op de hoogte te zijn van wat er leeft in de stad - sloeg de plank drie jaar geleden volledig mis met haar geheime rapport Van onrust naar onlust. Daarin werden de oorzaken van algemene onvrede onder de bevolking op een rij gezet - de overbekende problemen op het gebied van werkgelegenheid, huisvesting en onderwijs - met als conclusie dat de stad in de nabije toekomst net als Brussel of Parijs het toneel van rassenonlusten zou kunnen worden, al sprak de Rotterdamse politie liever van 'ontevredenheidsonlusten’. Extreem-rechts kon daar garen bij spinnen, aldus het rapport, maar vooralsnog ontbrak het de racistische partijen aan 'charismatisch leiderschap’ van 'geschoolde’ en 'goed geklede’ demagogen. En ook de allochtonen hadden zich nog niet georganiseerd om zich teweer te stellen. Zodra dat gebeurde kon de vlam in de pan slaan, aldus de inlichtingendienst. Volgens zegslieden bij de Rotterdamse politie is het rapport tot op de dag van vandaag actueel, maar de afdeling Voorlichting heeft geen commentaar. Kortom: hoe zit het nou met die etnische spanningen?
'ACH, ETNISCHE spanningen’, verzucht Rob Meijer, coordinator van het anti-racismebureau Tref in Charlois: 'Er heerst veel onvrede, maar dat rechtvaardigt niet zo'n conclusie. Mensen zijn vaak bang voor problemen die volgens hen nog zullen komen. In een wijk als Wielewaal, waar bijna geen migranten wonen, heerst nog de saamhorigheid van een ouderwetse volksbuurt. De mensen willen die onderlinge band behouden. Ze stemmen veel op CD en CP'86 omdat ze zijn bang voor veranderingen. En het is vaak een kwestie van beeldvorming. Toen WVC hier twee maanden geleden zonder overleg een asielzoekersboot aan de kade legde, deden de gekste verhalen de ronde in Charlois. Die asielzoekers zijn helemaal niet berooid, zei iemand, ze rijden in eigen auto’s rond. Dat was natuurlijk onzin, maar het Rotterdams Dagblad schreef het klakkeloos over. En toen het lokale pompstation ’s avonds gesloten bleef, dacht iedereen dat het vanwege de overlast van die boot was. Maar het was gewoon gesloten wegens verbouwing. En dan zie je dat mensen die kreten van Kombrink en Peper gaan overnemen. Dat zijn tenslotte ook gezagsdragers: als zij het zeggen, dan zal het wel waar zijn.’
De verslaggever gaat voor de zekerheid de omwonenden van de (inmiddels versleepte) asielboot uitvragen. Last gehad van de asielzoekers? 'Nee, hoor, wij niet. Maar van anderen hoor ik van wel. Je weet het niet met die mensen, he?’
Nelis Oosterwijk, deelgemeenteraadslid voor GroenLinks in Feijenoord, kan dat bevestigen op grond van de huis-aan-huiscampagne van zijn partij: 'Neem nou zo'n keurige ouderwetse tuinstad als Vreewijk, waar zoveel CD en CP is gestemd. Daar wonen voornamelijk oudere mensen die bij wijze van spreken nog nooit een Turk in levenden lijve hebben gezien. Het hangt er maar vanaf wat ze in de krant lezen, wat ze horen van buren. Daar zijn die uitspraken van Kombrink en Peper olie op het vuur geweest.’
Wijkagent Thijs van Welie in Pendrecht vertelt eenzelfde verhaal. Pendrecht was vroeger een wijk waar je zonder PvdA- of NVV- papieren niet binnenkwam. Een 'nette’ buurt waar de woningstichting kwam controleren of niemand zijn was buiten hing. Nu worden er buitenlanders geplaatst en verschuilen de mensen zich achter de geraniums, in bange afwachting van de invasie. 'En toen buurthuis De Tjilp werd wegbezuinigd, trok de verveelde jeugd ook nog eens de wijk in’, vult jongerenwerker Chris Aarts aan. 'Het resultaat: drugsgebruik en problemen bij de helft van de jongeren, en een reusachtige onvrede bij de ouderen.’
'Discriminatie en vreemdelingenhaat hangen niet direct samen met werkloosheid of huisvestingsproblemen, maar met de algemene sfeer in de stad’, meent ook Margriet Maris, stafmedewerkster van het stedelijk anti- discriminatiebureau Radar. 'De afstand tussen burgers en politiek is wel verkleind door buurtgesprekken, maar wat Simons en Kombrink teveel hebben gedaan, is meehuilen met bewoners in de trant van: ja, het is toch wel erg, he? Het huidige beleid van spreiding van migranten over de nieuwe, vierde ring van woonkernen buiten het centrum maakt de mensen daar dus bang. En de uitspraken van Peper en Kombrink hebben wel een toon gezet.’
ZONDER PERS GEEN beeldvorming. Topsy Ros en Brahim Bourzik, twee Humanitas-medewerkers die in Rotterdam Marokkanen begeleiden, zouden het van de daken willen schreeuwen. Ze maken voortdurend mee dat de media op zoek zijn naar 'sjeuige’ verhalen over criminele Marokkaantjes. Ros: 'Maar in goed nieuws zijn ze niet geinteresseerd. Ook niet in achtergronden. Tijdens die affaires op de Lijnbaan en het Zuidplein waren ze echt op zoek naar rassenrellen: is dit de sfeer onder de allochtone jeugd? Ken je iemand die zo'n uitspraak voor de camera wil doen?’ Bourzik: 'In Rotterdam hebben we Radio Rijnmond. Elke allochtoon betaalt daarvoor acht gulden vijftig per jaar, maar er is welgeteld een allochtoon in dienst en aan de allochtone bevolking besteden ze hoegenaamd geen aandacht. Alleen als er narigheid is. Als het om reportages over criminele allochtonen gaat, dan is Nico Haasbroek de onbetwiste koning. Zo kweek je een sfeer in de stad, en zo kunnen mensen als Kombrink en Simons carriere maken over ruggen van de allochtonen.’
'Neem nou die zaak op de Lijnbaan’, zegt Ros. 'In de Rotterdamse media was sprake van vierhonderd jongeren die daar voor overlast en een dreigende sfeer zorgden. De politie heeft er videocamera’s geinstalleerd en toen bleek dat het slechts om veertig jongeren ging. Daar werden wij als begeleiders op losgelaten en we ontdekten dat het heel gewone kinderen waren. Ze gingen gewoon naar school, niks aan de hand. Kort daarna haalt Sonja Barend een Marokkaans joch in de uitzending, die nog nooit op de Lijnbaan was geweest. En dan die enscenering: vertel maar eens dat je een mes op zak hebt. Natuurlijk trekt zo'n jochie dan een mes. Effe stoer doen op tv.’ Bourzik: 'En zo gaat het bij Radio Rijnmond, bij Stads TV en Stads Radio, maar ook bij de landelijke omroepen en de geschreven pers. Ze laten de incidenten zien en de volgende dag praat heel Rotterdam erover.’
WIE HEEL ROTTERDAM wilde horen praten, kon afgelopen zaterdag - 'Opzoomerdag’ - geen verstek laten gaan. De gezamenlijke opknapbeurt voor 32 pleinen en 1360 straten in de stad was uitdrukkelijk ook bedoeld om de contacten tussen oude en nieuwe Rotterdammers 'op te zoomeren’. Op de meeste pleinen was de opzet geslaagd, hoewel verslaggever en fotograaf ook een enkele hartverscheurende mislukking tegenkwamen. Opmerkelijk en volledig in strijd met de verwachting was het Opzoomerfeest in de Tarwewijk, waar de verhoudingen de laatste jaren herhaaldelijk door racistische incidenten werden verstoord. Actieve buurtbewoners hadden de allochtonen persoonlijk benaderd. Het resultaat was dat in een 'oude wijk’ blank en zwart gezamenlijk een produktieve dag doorbrachten en onder meer een speeltuin aanlegden, met als afsluiting een gezamenlijke maaltijd in een tent in een van de plantsoenen. 'Je ziet hier mensen uit de wijk die je nog nooit eerder hebt gezien’, was het meestgehoorde commentaar.
Dat gold ook voor de bewoners rond het binnenpleintje in de wijk Zevenkamp, die bijna tien jaar lang door een groep van dertig drugsgebruikers (merendeels jonge Antillianen) tot huisarrest gedwongen waren geweest. Het leek er wel bevrijdingsdag. De man van gemeentewerken die gereedschap en materialen kwam brengen ('die schat’) werd keer op keer omhelsd. De autochtone en allochtone kinderen die al die jaren binnen hadden moeten blijven vanwege bedreigingen, rondslingerende condooms en heroinespuiten liepen met grote verbaasde ogen over 'hun’ binnenplaats terwijl hun ouders met hulp van de gemeente en de woningcorporatie klimtoestellen oprichtten en spelletjes voorbereidden. 'Ik heb vandaag voor het eerst mijn buren gezien’, zegt een verbouwereerde bewoner.
En wat is er waar van de verhalen over etnische spanningen in Zevenkamp? 'Niks rassenrellen’, zegt Els Rekers van de bewonersorganisatie. 'Dat wordt opgeblazen door de kranten en de stadsradio. Er lopen hier jongeren rond die zich te pletter vervelen, dat het is het probleem. Ze zijn blank, zwart of wat dan ook, maar ze vervelen zich gewoon.’ En waar is de groep van dertig junks gebleven die hun pleintje in de houdgreep hield? 'Tja, die zijn, zeg maar, verdreven’, zegt haar vriendin een beetje gegeneerd. 'De woningcorporatie zet een hek om het binnenterrein, en alle bewoners krijgen een sleutel. Zo houden we het voortaan schoon en veilig. Die jongeren zitten nou verderop in de wijk, in containers van de gemeente.’ Als een gemeente goed is in het verplaatsen van problemen is het wel Rotterdam.
Van 'etnische spanningen’ is ook op Opzoomerdag niets te merken. Maar uitgerekend diezelfde dag brengt het Rotterdamse Algemeen Dagblad een groot artikel van de Euro- VVD'ers De Vries en Wiebenga, die vinden dat het asielrecht drastisch moet worden beperkt. Weliswaar kent Nederland nog geen rassenrellen, maar 'dat ook hier de spanningen oplopen, is duidelijk’. Je zou zeggen dat het Nederlandse racisme allang zijn charismatische leiders in nette pakken heeft.
BIJ BRAHIM BOURZIK staat de televisie aan. Pizza TV zendt vierentwintig uur lang reportages uit over het opzoomeren. We gapen enige tijd naar de beelden van buikige witte mannen en vrouwen met zwembadpermanenten die hun straatje schrobben. Opeens besef ik wat een verschrikkelijk blank feestje dit is. Ik heb de hele dag nog geen sticker, affiche of buurtkrant in het Turks of Marokkaans kunnen bekennen, om van radio en tv maar te zwijgen. 'Waarom geven ze de allochtonen geen voorlichting in hun eigen taal over het opzoomeren?’ zucht Bourzik. 'Ze hebben toch migrantenvoorlichters op het stadhuis? Die kunnen toch met de mensen gaan praten in de moskee?’
Aan de Rotterdamse bevolking ligt het duidelijk niet. Aan wie dan wel? Waarschijnlijk is er nog niks veranderd sinds de dichter Van Vollenhoven in 1972 over Rotterdam schreef: 'Diep verloren stad/ met je gore wijken/ vol aktiekomitees/ die uitgelachen worden/ door eerste burger en vrienden./ Want alleen onbetaalbare krotten worden uit de grond gestampt/ en zolang er nog verdiend wordt/ aan buitenlandse krachten en zoekers naar een goed woongenot/ komt er geen barst van terecht.’
Ook in Pendrecht loopt de Opzoomerdag op zijn eind. Terwijl de lucht betrekt, draait jongerenwerker Chris Aarts een sjekkie en aanschouwt de theetuin die vijfentwintig 'probleemjongeren’ die ochtend hebben aangelegd. 'Ik had nooit gedacht dat ze zouden komen opdagen, maar vanochtend stonden ze er opeens. Een paar jongens deden moeilijk omdat er ook zwarten bij waren, maar even later stonden ze zich zij aan zij in het zweet te werken.’
Heeft hij vandaag ook bepaalde mensen in zijn wijk voor het eerst gezien? Hij aarzelt geen moment en grijnst: 'Ja. Hans Kombrink.’