De bivakmuts van de telegraaf

‘BVD VREEST terreur op Schiphol’ luidde de kop boven een merkwaardig artikel dat afgelopen vrijdag in De Telegraaf verscheen. Merkwaardig, omdat volgens het ochtendblad de Binnenlandse Veiligheidsdienst niet een terroristische groepering als mogelijke zaaier van dood en verderf aanwees, maar een ‘militante kern van actievoerders’ die niet langer genoegen zou nemen met geweldloze acties tegen de uitbreiding van Schiphol.

De BVD zou een speciaal observatieteam op de been hebben gebracht om de actievoerders in de gaten te houden. In het artikel werd de Vereniging Milieudefensie (VMD), een in alle openheid en geweldloosheid opererende organisatie, met de terreurdreiging in verband gebracht. In de overige ochtendbladen geen woord over BVD-acties rond Schiphol. Wel de melding van een gerechtelijk verbod op de ballonnenactie van Milieudefensie, waarmee de organisatie het vliegverkeer op Schiphol gedurende twee uur onmogelijk wil maken.
Zou Telegraaf-redacteur Martijn Koolhoven, schrijver van het artikel, door de BVD van informatie zijn voorzien om de VMD in diskrediet te brengen? De dienst is immers bedreven in het ‘bewust lekken’, zeker als dat in het belang van de staatsveiligheid is. En Schiphol is 'vitaal gebied’, dus harde acties moeten koste wat het kost voorkomen worden.
Een verontwaardigde BVD-woordvoerder: 'Er is niet gelekt. Mijnheer Koolhoven heeft mij gewoon opgebeld en ik heb vier vragen beantwoord. Is het zo dat de BVD belangstelling heeft voor Schiphol? Mijn antwoord was: ja, de nationale luchthaven is een vitale sector. Op de vraag of er een speciaal team rond Schiphol actief was en op wie zich dat dan richtte, heb ik niet geantwoord. We doen geen uitspraken over operationele zaken. De vierde vraag was of de BVD uitsloot dat er op termijn rond Schiphol actiedreiging zou zijn. Nee, dat is niet uitgesloten, heb ik hem gezegd. Wat hij van mijn antwoorden heeft gemaakt en wat hij er verder allemaal bij haalt, is volstrekt voor rekening van De Telegraaf. Dit kunnen ze absoluut niet waarmaken.’
De Koninklijke Marechaussee te Schiphol is al evenmin te spreken over het Telegraaf-artikel. 'Het woord terreur lijkt ons een veel te zwaar aangezette term. Onze ervaring met Milieudefensie is dat het een vereniging is die actie voert binnen de kaders van de wet. Als er strafbare feiten rond de luchthaven plaatsvinden, verrichten we natuurlijk aanhoudingen. Maar het is onze doelstelling om elke actie te kunnen overzien en er gepast op te reageren. Milieudefensie stelt ons daartoe in staat omdat ze met ons in overleg treedt. We hebben nog onlangs met ze vergaderd en er is ons niets gebleken van ontoelaatbare activiteiten.’
DE TELEGRAAF noemde in verband met de vermeende gewelddreiging niet alleen de Vereniging Milieudefensie, maar ook de naam van een van haar belangrijkste activisten, Wijnand Duyvendak. Volgens Koolhoven staat Duyvendak vierde op een top 40-lijst met personen die mogelijkerwijs betrokken zijn geweest bij de nooit opgeloste Makro-branden uit het midden van de jaren tachtig. Die aanslagen werden opgeëist door de radicale organisatie RaRa, die daarmee wilde bereiken dat Makro-eigenaar SHV zich uit Zuid-Afrika zou terugtrekken.
De Makro-top 40 werd in 1984 opgesteld door de Centrale Recherche Informatiedienst (CRI) en is op een of andere manier in handen gekomen van De Telegraaf. In zijn artikel meldt Koolhoven over de samenstelling van de merkwaardige lijst slechts dat René R. - die korte tijd vastzat maar in hoger beroep vrijuit ging - nummer één staat, en de journalist Hans Krikke - wiens zaak onlangs werd geseponeerd wegens gebrek aan bewijs - op de vijfentwintigste plaats. De suggestie is duidelijk: met Wijnand Duyvendak, leider van de Milieudefensie-acties op Schiphol, is het niet pluis. Maar Duyvendak, die onder meer actief is geweest bij het anti-militaristische Onkruit, het linkse actieblad Bluf! en Komitee Shell uit Zuid-Afrika, heeft zich altijd verzet tegen gewelddadige acties. Laat staan dat hij zich ooit heeft ingelaten met RaRa-activiteiten.
Duyvendak: 'Koolhoven had een afspraak met me gemaakt om te praten over onze Schiphol-acties. Halverwege het gesprek legde hij plotseling een pak papier van zo'n zeven centimeter dik op tafel. Hij zei: “Er zijn nog een paar dingen die ik met jou wil doornemen, Wijnand.” Als een politieagent die me aan het verhoren was.’
Uit het dikke pak haalde Koolhoven allerlei interne correspondentie en notulen van organisaties waar Duyvendak zich voor had ingezet. Duyvendak: 'Toen ik zag wat hij er allemaal uit opdiste, dacht ik: dat kan nooit uit het Telegraaf-archief komen. De enige organisatie die zulk materiaal kan hebben, is een inlichtingendienst, zoals de BVD. Hij toonde me ook een map met foto’s, die Makro-top 40. Drie foto’s per persoon, vier personen op een pagina. Ik stond op pagina twee, maar of ik daarmee de vierde persoon op die lijst ben… Ik denk niet dat het een top 40-lijst was. Het kon net zo goed een lijst zijn met interessante mensen om te benaderen voor informantenwerk. Ik heb die papieren in mijn handen gehad, maar ik was te verbluft om er gegevens van over te schrijven, wat ik natuurlijk wel had moeten doen.’
ZATERDAG, DE DAG na het 'terreurartikel’, publiceerde Koolhoven nog een stuk over de kwestie. Paginagroot, over Duyvendaks actieverleden. De teneur: het is niet verwonderlijk dat de CRI Duyvendak beschouwde als een radicale bommenlegger. Zijn linkse actieverleden en zijn krakersachtergrond stuurden hem automatisch in die richting. Het VVD-Tweede-Kamerlid Te Veldhuis wordt opgevoerd om te beweren dat de subsidie aan de Vereniging Milieudefensie mocht worden stopgezet. Want Milieudefensie wil via de rechter proberen haar gevaarlijke ballonnenactie alsnog doorgang te laten vinden.
Als klap op de vuurpijl voerde Koolhoven een voormalig functionaris van de Politieke Inlichtingendienst (PID) op, die Duyvendak jarenlang intensief bespioneerde. De man, anoniem natuurlijk, verhaalde uitvoerig over een Duyvendak, die, zeker vroeger, niet vies was van geweld. Milieudefensie had met hem een gevaarlijk figuur binnengehaald…
Het riekt naar een ouderwetse Telegraaf-beschadigingsactie. Schiphol moet gespaard, Milieudefensie en Wijnand Duyvendak kaltgestellt. Duyvendak: 'Ik was perplex. Ik heb altijd een hekel gehad aan mensen met bivakmutsen. Maar ik word in dat stuk doodleuk de uitvinder van het onherkenbaar actievoeren met bivakmuts genoemd. En ik heb ook nooit aan Milieudefensie hoeven beloven dat ik geen geweld zou gebruiken, zoals Koolhoven schrijft. Dat had hij zo kunnen navragen. Elke zin van dat stuk is uit de lucht gegrepen. Ik vind het ontzettend schofterig dat iemand die mij kennelijk intensief in de gaten heeft gehouden, die onzin zomaar aan De Telegraaf gaat vertellen. En dat zij het in hun krant afdrukken, is helemaal te gek voor woorden. Bestaat die man wel, of komt die ook uit de dikke duim?’
Duyvendak benutte weliswaar de gelegenheid om weerwoord te geven, maar welke repliek houdt stand wanneer boven het stuk een driekoloms politiefoto van jezelf, compleet met gevangenennummer, is afgedrukt? Het kan haast niet anders of in de ogen van de gemiddelde Telegraaf-lezer is Wijnand Duyvendak een crimineel van de ergste soort.
Duyvendak: 'De Wijnand die hij in het stuk neerzet, ken ik niet. Die leeft volgens mij alleen in inlichtingen- en BVD-kringen. Het is pure stemmingmakerij. De elementen waar het om draait, zijn onduidelijke BVD-tips over terreuracties gecombineerd met het gegeven dat ik kennelijk twaalf jaar geleden op een of andere vage lijst ben geplaatst. Maar het is allemaal lucht. Er is niets hards in te ontdekken. Ik heb nooit iets gemerkt over de bereidheid tot terreur. Vanuit Milieudefensie zouden we dat überhaupt nooit doen, maar ook in andere kringen heb ik er nooit iets van gemerkt. En ik ben dag in dag uit met de ballonnenactie bezig. Er gaan geen ballonnen de lucht in als er vliegtuigen mogen vliegen. Mijn verleden hebben ze naar hun eigen smaak ingekleurd. Ik heb me alijd verzet tegen ondergrondse structuren en geweld. Ik heb altijd voor openheid gepleit. Dat staat haaks op wat RaRa deed.’
KOOLHOVENS artikel is geen incident. Hans Krikke en Jan Müter, journalisten bij het onderzoekscollectief Opstand, werden het slachtoffer van een soortgelijk staaltje Telegraaf-journalistiek. In hun zaak fungeerde de krant zonder meer als voorpost van politie en justitie. In de zomer van 1994 publiceerde Telegraaf-redacteur Joost de Haas een artikel onder de kop 'De tentakels van RaRa’. 'Een smerig stuk’, volgens Krikke. In het artikel werd met een overdosis aan suggestie gemeld dat Opstand en verscheidene andere organisaties hand- en spandiensten verleenden aan RaRa.
Het artikel had tot gevolg dat een pril samenwerkingsverband ter ondersteuning van vluchtelingen en illegalen, waar Opstand deel van uitmaakte, door wantrouwen uit elkaar viel. De gedupeerden vermoedden kwade opzet. De staat was het samenwerkingsverband uiteraard liever kwijt dan rijk. De vermoedens werden sterker toen de politie enkele maanden later een reeks invallen deed, onder meer bij Opstand.
Krikke: 'In de tijd tussen het verschijnen van “De tentakels van RaRa” en de invallen had De Haas nog flink wat vuiligheid over ons gespuid. De politie had slechts een vermoeden van een strafbaar feit, maar kon de aanklacht niet eens formuleren.’ Een half jaar na de invallen kwam de aap uit de mouw. Krikke en Müter werden gearresteerd op verdenking van betrokkenheid bij RaRa-acties en korte tijd vastgehouden. Tijdens de verhoren bleek de helft van de honderdtwintig vragen die Müter en Krikke voor hun kiezen kregen, gebaseerd op informatie die in De Telegraaf was gepubliceerd.
Strafpleiter Doedens - niet de raadsheer van de journalisten, maar wel professioneel zeer verontwaardigd - wond er geen doekjes om. Hij stelde dat het Openbaar Ministerie De Haas bewust had ingezet om Krikke en Müter te kunnen oppakken.
Volgens professor A. van der Meiden, ex-hoogleraar massacommunicatie aan de universiteit van Utrecht, hebben we hier van doen met een zorgwekkend verschijnsel. 'Het werk van mijnheer Koolhoven is een typisch staaltje propaganda. Het is allemachtig lang geleden dat ik zoiets voor het laatst zag. Je kunt het zo in het handboek opnemen. Hij gebruikt bijvoorbeeld de besmettingstechniek. Impliciet twee losstaande zaken met elkaar verbinden. Dat werd veel gedaan in de Duitse en Engelse oorlogspropaganda.
Het is heel makkelijk, hoor. Je neemt zo'n RaRa-beweging. Daar plak je die meneer Duyvendak aan vast door te zeggen dat hij op een oude lijst staat, die we bovendien niet te zien krijgen. Stel dat die bestaat, dan is dat nog geen bewijs dat dezelfde beweging die achter de Makro-branden zat nu ook achter de ballonactie zit. En daarbij wordt van alles gesuggereerd. Dat wij op dit moment met zijn allen vreselijk bedreigd worden, bijvoorbeeld. Ook zo'n oorlogstrucje. Tante Mien wil natuurlijk net op de dag van die actie met het vliegtuig naar Tenerife. Die stort vast en zeker neer.
Eerlijk gezegd kan ik me hier best kwaad over maken. En de journalistieke wereld steekt geen poot uit om dit te voorkomen. De journalistiek moet maar eens duidelijk zeggen dat ze ontzettend tegen dit soort artikelen is. Dit kan echt niet.’
GECONFRONTEERD met enkele vragen, reageert Martijn Koolhoven getergd. 'Alles wat je wilt weten, staat in mijn artikelen.’
Hij weet er twee vragen mee te pareren. Bij de derde wordt hij eindelijk verstandig. De telefoonhoorn dondert op de haak.
Koolhoven legt zichzelf het zwijgen op.