De bosnische knoop wordt steeds groter

‘Lekker net goed!’ dacht ik toen er vorige week eindelijk twee Bosnische granaten neerkwamen op Pale, het hoofdkwartier van de Bosnische Serviers. Ik zal wel niet de enige zijn geweest die het jammer vond dat ze niet ontploft zijn en geen dood en verderf hebben gezaaid onder de lieden die zo enthousiast voor Karadzic en zijn oorlog zijn blijven kiezen.

Het is meer dan alleen primitieve wraakzucht voor wat de mensen in Sarajevo, Tuzla en Srebrenica is en wordt aangedaan. Het gaat er ook om dat het tot de Bosnische Serviers doordringt dat zij niet onkwetsbaar zijn, dat de oorlog zich tegen hen kan keren en dat dood en vernietiging ook aan hun kant kunnen toeslaan. Misschien is het in televisiebeelden en kleurenfoto’s breed uitgemeten offensief van de strijdkrachten van de Bosnische regering daar ook wel meer op gericht dan op een daadwerkelijke ontzetting van Sarajevo. We kregen rijen Bosnische manschappen in de sneeuw te zien, als om de inwoners van het vroeger zo geliefde wintersportcentrum Pale duidelijk te maken dat ze ook hoog in de bergen op den duur niet werkelijk veilig zijn.
Misschien dat de Bosnisch-Servische leiders daar intussen, onder druk van de Servische president Milosevic en de Russen, iets van begrepen hebben. Ze vragen in elk geval om een wapenstilstand ter plekke en hebben de door hen gegijzelde VN- Blauwhelmen nu allemaal vrijgelaten. Maar voor het overige is de Bosnische knoop door de fouten die er in de afgelopen weken van verschillende kanten zijn gemaakt, alleen maar ingewikkelder en ongewisser geworden.
Dat de Navo op 25 mei besloot eindelijk te handelen en de provocaties van de Bosnische Serviers te beantwoorden met een luchtaanval op een munitiedepot vlakbij Pale was op zich begrijpelijk, al leek het mede ingegeven door de wankele positie waarin het bondgenootschap zich onder niet-leiding van de in z'n eigen land van corruptie beschuldigde Willy Claes nu eenmaal bevindt. Maar onvergeeflijk was het dat daarbij verzuimd werd de Russen op tijd op de hoogte te stellen. Die hadden misschien kunnen waarschuwen voor wat er toen ging gebeuren: de gijzeling van VN- waarnemers en -militairen. Deze gijzeling van vredeshandhavers die zich niet kunnen en mogen verweren - en daarmee de gijzeling van de hele internationale gemeenschap - heeft er uiteindelijk toe geleid dat er van enig Navo-optreden geen sprake meer is en dat de wapenopslagplaatsen nu vrijelijk kunnen worden geplunderd door Bosnische Serviers en moslims.
Maar misschien hadden de Russen, die in het buitenland soms wijzer zijn dan in hun eigen achtertuin, ook de Bosnische Serviers kunnen waarschuwen voor de voor hen gevaarlijke gevolgen van hun gijzelingsacties. Want juist die Bosnische Serviers zouden de bescherming van de Verenigde Naties in de toekomst nog wel eens hard nodig kunnen hebben als ze op den duur een redelijk deel van het door hen veroverde grondgebied willen behouden.
Dank zij hun aanvankelijke militaire kracht en de steun van Servie/Klein- Joegoslavie is het grondgebied van de Bosnische Serviers veel groter dan hen volgens welk criterium dan ook zou worden toebedeeld. Maar daardoor zijn ook hun grillige grenzen veel te lang en is hun leger te veel verspreid geraakt. Het leger van de Bosnische regering is intussen, wapenembargo of niet, beter uitgerust dan tevoren, mede dank zij Iraanse hulp. De Bosnische moslims zijn, zeker als de Bosnische Serviers geen steun uit Belgrado kunnen krijgen, qua manschappen ver in de meerderheid. Het vredesplan van de Internationale Contactgroep voorzag erin dat de Bosnische Serviers 49 procent van Bosnie zouden krijgen, maar wat de uitslag van een afschuwelijke, bloedige uitputtingsoorlog zal zijn, is volkomen ongewis.
Dat geldt ook voor de Bosnische regering. Met alleen televisiebeelden zijn de Bosnische Serviers nog niet verslagen en zij bevinden zich voorlopig op de meest strategische punten. We zullen allemaal hopen dat de mannen van Karadzic in de pan worden gehakt, maar voorlopig is dat niet gemakkelijk, hoe gemotiveerd de Bosniers ook zijn om Sarajevo en de andere moslim-enclaves te ontzetten en op den duur het Bosnisch-Servische Pale te omsingelen. Dan zouden daar wel eens meer dan twee blindgangers kunnen vallen.
Vanuit dit uitgangspunt bezien konden de Bosnische Serviers niets stommers doen dan met hun gijzelingsacties de VN en de internationale gemeenschap volkomen van zich te vervreemden en hun isolement in de wereld nog groter te maken dan het al was. Maar op korte termijn raakte de wereldgemeenschap weer eens volkomen in verwarring. Alle opties werden tegelijkertijd van alle kanten geopperd: van volkomen terugtrekking uit Bosnie tot deelname aan de oorlog aan Bosnische kant, aangezien de Bosnische Serviers nu eenmaal de strijd tegen de vreedzame Verenigde Naties waren begonnen.
Het enige positieve resultaat, de in een snelle reactie door Frankrijk, Engeland en Nederland gevormde Rapid Reaction Force, draagt voorlopig ook aan deze verwarring bij: is die bedoeld om in Bosnie iets positiefs uit te halen, is die er alleen om de VN-Blauwhelmen volgens het bestaande mandaat te beschermen tegen verdere vernedering, of zal ze de aftocht van de internationale gemeenschap uit Bosnie militair te begeleiden?
Intussen dacht de heer Bolkestein ook nog een populistische duit in het zakje te moeten doen door op hoge toon te eisen dat Nederland dat Bosnische moeras snel zou verlaten. Uiteindelijk bleek die kreet weinig meer voor te stellen dan alle andere kroegpraat over Bosnie. Bolkestein ging ervan uit dat Nederland wel genoeg had gedaan en dat andere landen onze taak wel konden overnemen. Maar zijn eigen VVD- minister van Defensie Voorhoeve liet weten dat er geen sprake van was dat het aandeel van Nederland gemist kon worden en dat het dus geheel en al in de lijn van Bolkesteins denken was dat Nederland voorlopig actief aan de VN-operatie blijft deelnemen.
De Bosnische knoop doet zich intussen overal voor. In ons eigen hoofd, in de VVD, in de Navo en in de VN, maar helaas voor de Bosniers vooral ter plekke in Bosnie. Nog lijkt het Bosnische leger niet in staat die knoop met geweld door te hakken en het ziet er ook niet naar uit dat dit het moment is om hem met geduld en ijver te ontwarren. In elk geval is het duidelijk dat deze knoop alleen maar dikker wordt als een land zou proberen z'n draadje onverhoeds terug te trekken.