De brave huisvaders van hamas

De meeste Israeli’s breekt het angstzweet uit wanneer ze Hamas-leden op tv zien, maar wat de doorsnee-Palestijn denkt weten ze niet. Allah is groot en Michael Jackson ook.

JERICHO - Hoe zit dat nu met die islamitische revolutie, sjeik Ahmed, wordt het nog wat? De vurige ogen van de sjeik schieten heen en weer, hij denkt na.

Sjeik Ahmed is de schriftgeleerde van het vluchtelingenkamp Akbat Jabar, op een steenworp afstand van Jericho. Een tenger mannetje met een pluizige baard en een vastberaden blik. Meestal gaat hij gekleed in een smetteloos witte djellaba. Zijn taal is doorspekt met koranspreuken. Hij is een Hamas- leider en vindt dat de islamitische revolutie de enige oplossing is voor de problemen in het Midden-Oosten.

De ontmoeting tussen Rabin en Arafat in Washington, vorig jaar september, ontlokte hem de reactie: ‘Het hele Gaza-Jericho-akkoord kunnen ze in de Dode Zee donderen.’ In de bescheiden moskee van het armetierige kamp toonde hij een kaart van Palestina. Boven Palestina zweefde een davidster, met in het midden de gouden koepel van de rots. De koepel was geketend aan de ster. Uit de bodem van Palestina rees een vuist met een dolk die de ketenen doorkliefde. Sjeik Ahmed fleurde op en jubelde dat de islam een boom is die gevoed wordt met het bloed der martelaren.

Acht maanden later herinner ik hem aan zijn woorden, ditmaal in het Unwra-kantoor van vrijstaat Jericho. Sjeik Ahmed gaat ditmaal gekleed in een synthetisch overhemd, een terlenka broek en bordeelsluipers. Met de djellaba lijkt ook zijn charisma verdwenen. Hij is omringd door PLO-klerken en Palestijnse politieagenten. Aan de muur van het troosteloze kantoor hangt een foto van Arafat. Vorig jaar zei sjeik Ahmed dat Arafat een waardeloze moslim was, erger dan een jood. Arafat zou nog geen koranspreuk uit zijn hoofd kennen en beheerste bovendien het klassieke Arabisch niet. Dat Arafat met een christelijke vrouw was getrouwd, onderbouwde zijn stelling.

Wat vindt hij nu van de PLO-leider, hier in het hol van de leeuw? Ongemakkelijk wriemelt de sjeik aan de kraaltjes van zijn mashaba, de gebedsketting die net zo onlosmakelijk met dit deel van de wereld is verbonden als de koran. Nieuwsgierig kijken de Palestijnse agenten, kersvers aangekomen in Jericho, naar de sjeik. De sjeik wordt steeds kleiner. Hij mist de bescherming van het vluchtelingenkamp. In Akbat Jabar wordt hij gerespecteerd. Hier, te midden van Arafats volgelingen, is hij een klerk.

ALS DE STILTE te pijnlijk wordt, vraag ik aan de sjeik wat Arafat nu precies bedoelde met de jihad, tijdens zijn toespraak in een moskee in Zuid-Afrika. De sjeik recht zijn rug, nu is hij weer op veilig terrein. Hij houdt een vurig betoog over de bevrijding van Jeruzalem, de plicht voor iedere moslim. De agenten luisteren geboeid, dat is nog eens taal naar hun hart. Als de sjeik vervolgens over het belang van de islamitische revolutie en de noodzaak van een islamitische staat begint te preken, gapen ze verveeld. Dat hadden ze niet gehoord op het hoofdkantoor in Tunis. Of je nu in Cairo, Algiers, Gaza, Jericho of de Beka-vallei bent, overal klinkt hetzelfde geluid, dezelfde retoriek. Het went. Israeli’s beginnen spontaan te zweten als ze een sjeik Ahmed op de televisie zien. Herinneringen aan Kiev, Warschau, Babi Jar en Odessa doemen op, herinneringen aan verwrongen autowrakken, verkoolde schoolbussen.

Het gros van de Israeli’s heeft echter nog nooit met een Palestijn gesproken (omgekeerd trouwens ook niet), laat staan met een plaatselijke Hamas-leider. Door de Israelische media weten ze wel precies hoe een sjeik Ahmed in elkaar steekt. Waarschijnlijk heeft hij nog net geen hoorntjes en een staart.

Sinds 1948 leven de bewoners van Akbat Jabar onder erbarmelijke toestanden, zonder toekomstperspectieven. Met de komst van de Palestijnse politie - de bevolking van Jericho spreekt van het Palestijnse leger - zal het niet veel beter worden. Is het vreemd dat ze zich vastklampen aan de troostende spreuken van de koran en de zalvende woorden van sjeik Ahmed? Wat is er mooier dan de luwte van het paradijs, na een troosteloos aards bestaan in de verzengende hitte van de Dode-Zeevallei?

De meeste moslims zijn dol op de heilige taal. Ze drukken zich uit in religieuze spreuken en wijsheden. Voor de buitenstaander is het allemaal wat te bombastisch, te agressief. Complexe begrippen uit de islam worden door de westerse media klakkeloos vertaald in voor ons begrijpelijke termen. Leg aan een moslim uit wat erfzonde betekent, de Drieeenheid Gods, de onbevlekte ontvangenis van Maria. Spontaan zal hij Allah op zijn blote knieen danken gezegend te zijn met een fatsoenlijk en rationeel geloof. In Nederland hebben generaties zich uitgedrukt in de Tale Kanaans, de taal van het Oude Testament. Voor een hedendaagse Nederlander is de Tale Kanaans net zo begrijpelijk als de taal van de koran.

MAAR HOE ZIT HET DAN met het fanatisme, het niets ontziende geweld? Natuurlijk zijn de stoottroepen van Hamas koelbloedige moordcommando’s. De meeste Hamas-aanhangers echter zijn vrome huisvaders, kantoorklerken, onderwijzers. De harde kern verpest het voor de rest, net als bij voetbalsupporters. Hamas wil geheel Palestina terug, ‘min el nahr al el bahr’: van de rivier de Jordaan tot aan de Middelandse Zee. Maar dat wil iedere PLO-aanhanger en elk oud Palestijns vrouwtje waar dan ook ter wereld. Geef ze eens ongelijk.

De meeste Palestijnen zijn zeer goed bij zinnen en beseffen dat ze blij mogen zijn met de huidige autonomie, ook al stelt het bitter weinig voor. Weinig Palestijnen zullen treuren na een moordaanslag op Israelische soldaten, maar zullen ze zelf ooit in staat zijn te moorden? Wat hun resteert, is de retoriek: de heilige oorlog, de zionistische vijand, het verlangen naar een islamitische staat waarin het recht zal heersen. Een pleister op de wonde.

Het is opvallend hoeveel moslims het ene moment uit de koran citeren om vervolgens een stoot schuttingwoorden uit te slaan. Ze praten net zo gemakkelijk over de profeet Mohamed als over Michael Jackson. De gemiddelde westerling weet enkel wat ‘Alla hoe akbar’ betekent. Van de prachtige Arabische scheldwoorden heeft hij geen weet.

De wereld telt 800 miljoen moslims. Voor het merendeel doodgewone mensen. Zelden komt de gewone moslim aan het woord, hoogstens verschijnt hij in exotische klederdracht op de kalender van Gast aan Tafel. De fundamentalistische moslim - zelf zal hij die term nooit gebruiken - is daarentegen een graag geziene gast in de media.

Er is weinig verschil tussen een gewone moslim en fundamentalistische. Ze kunnen onder een dak wonen en dagelijks debatteren of er nu wel of niet een fundamentalistische staat moet komen. De gewone moslim vindt niets vreemd aan de fundamentalistische moslim, hooguit begrijpt hij al die kouwe drukte niet. Waarom zou er een fundamentalistische staat moeten komen als je dagelijks de moskee kunt bezoeken, bij de slager islamitisch geslacht vlees kunt kopen, je vrij hebt op islamitische feestdagen en je kinderen naar een islamitische school gaan? De islamitische revolutie gelooft hij wel, net als de heilige oorlog. Hij heeft andere zorgen aan zijn hoofd.

SJEIK AHMED, DIE in het Westen als een onvervalste extremist te boek zou staan, fulmineert zijn leven lang al tegen joden en het zionisme. Geef hem eens ongelijk in zijn stinkende kamp onder de verzengende zon van Jericho. Door de afsluiting van de bezette gebieden heeft hij in tijden de Aksa-moskee in Jeruzalem, na Mekka en Medina de belangrijkste heilige plek voor moslims, niet meer kunnen bezoeken. Orthodoxe joden kunnen ongestoord bidden in de eeuwenoude synagoge in Tell el Sultan, even boven het autonome Jericho. Gewapend met Uzi’s en begeleid door Israelische legerjeeps passeren ze probleemloos de Palestijnse wachtpost.

Vijf keer per dag verricht sjeik Ahmed het gebed. Hij vast tijdens de ramadan en gaat op bedevaart naar Mekka. Zijn zonen lopen rond in T-shirts met Hebreeuwse opschriften, hij kijkt naar films op de Israelische televisie. Tot zijn dood zal hij jubelen over de islamitische revolutie en de naderende heilstaat. Het enige bloed aan zijn handen is afkomstig van de vliegen die Akbat Jabar omzwermen.

De Israelische regering is niet ten onrechte geirriteerd door de acties van het islamitische verzet. Aanslagen zijn echter ingecalculeerd, daar hamert Rabin al sind vorig jaar september op. Het vredesproces moet doorgaan, al zal het nog veel meer slachtoffers kosten. Jeruzalem reageert furieus na iedere Hamas-aanslag en dreigt de vredesonderhandelingen te stoppen. De werkelijke militaire kracht van Hamas wordt echter zwaar overschat. Generaal Rabin zal er niet slechter van slapen. Rabin zal ook niet vergeten dat Hamas min of meer is gecreeerd door de Shin Bet, de binnenlandse Israelische geheime dienst. Aan het begin van de jaren tachtig werd met steun en toestemming van de Israelische regering in Gaza de islamitische universiteit opgericht, met als doel verdeeldheid te zaaien onder de bevolking. De universiteit moest de populariteit van de PLO tegengaan. Dat is redelijk gelukt. Nu zit Israel opgezadeld met Hamas.

Extremistisch is een beperkte term. Palestijnse tegenstanders van het vredesproces hebben hun krachten gebundeld. Vanuit het hoofdkwartier in Damascus verklaarden woordvoerders van de organisaties van George Habash, Nayef Hawatme en Ahmed Jibril problemen te hebben met Hamas. Hamas zou niet langer radicaal zijn en zelfs bereid zijn met Israel te onderhandelen.

IN KIRYAT ARBA, de joodse nederzetting bij Hebron, bevindt zich pal naast het gemeentelijke park een vers graf. Een slordige betonklomp dient als grafsteen. De klomp ligt vol met steentjes (volgens joods gebruik) en briefjes. Op de steen staat in Hebreeuwse letters een naam gegrift: Dokter Baruch Goldstein.

Een joods-orthodoxe moeder zit op een bankje naast het graf te bidden, een peuter op haar schoot. Na afloop zet ze het kind op de steen, waarschijnlijk voor een zegening. Dagelijks bezoekt ze het graf, als veel andere inwoners van Kiryat Arba. Massamoordenaar of martelaar? Als de gemoederen bedaard zijn, wordt het stoffelijk overschot van Goldstein naar de joodse begraafplaats in Hebron overgebracht. Deze grafsteen zal een monument blijven, of hij er nu onder ligt of niet.

Ik vertel het verhaal aan sjeik Ahmed. Zijn ogen vallen uit de kassen. ‘Wat, wordt die Goldstein als een martelaar gezien, iemand die 51 onschuldige gelovigen in koelen bloede heeft afgeslacht? In de islam is een shahid (martelaar) iemand die zijn huis verdedigt, zijn familie, het geloof. Joodse fundamentalisten houden van bloed. Hamas is niet geinteresseerd in het bloed van onschuldigen. We hebben het recht om ons tegen het bezettingsleger te verdedigen. Maar nooit zullen we kinderen en onschuldige gelovigen vermoorden.’ Weinig Israeli’s zullen het met hem eens zijn. Het is maar hoe je het bekijkt.