De Brexit is een Grieks drama geworden

Londen – Soms behoeft de Brexit geen nadere uitleg. Neem de foto die gemaakt werd bij de vismaaltijd van de Britten en de leiders van de Europese Unie, onlangs in Brussel. Links stonden twee iets te zware, wat ondeugend kijkende vijftigers in slecht zittende pakken: de Britse onderhandelaar David Frost en zijn baas Boris Johnson. Ze vormden een fraai contrast met hun stijlvolle, perfect geklede en doodserieuze tegenstrevers: Commissie-voorzitter Ursula von der Leyen en haar onderhandelaar Michel Barnier.

Kort daarvoor had Johnson zich als een opstandige puber gedragen. Aangekomen op de burelen van het Berlaymont, het hoofdkwartier van de Europese Commissie, was hij door de gastvrouw gemaand zijn gezichtsmasker op te houden en twee meter afstand in acht te nemen. ‘Je hebt de wind er flink onder, Ursula’, constateerde de Britse premier. ‘En dat is maar goed ook’, voegde de blonde gast er met lichte spot aan toe. Geen spoor hier van de schroom waar zijn voorgangster Theresa May last van had.

Het was voor het eerst dat Johnson als premier Brussel bezocht, de stad waar hij en andere Brexiteers binnenkort eindelijk van verlost zijn. Het had ook een persoonlijk tintje: hij bracht een deel van zijn jeugd in de Belgische hoofdstad door waar zijn vader een van de eerste Britse bureaucraten was. Goed waren die herinneringen niet, omdat het huwelijk van zijn ouders nogal tumultueus was.

Stormachtig zou ook de relatie tussen Londen en Brussel worden, zeker nadat in 1992 besloten was om van de EG een politieke unie te maken. Vroeger of later moest het tot een breuk komen, en die kwam er uiteindelijk na een kleine kwart eeuw. Voor de Brexiteers is het een religieuze missie geworden, tegelijkertijd zijn sommige Europeanen maar wat blij dat ze van het Angelsaksische Paard van Troje verlost zijn.

De classicus Johnson, wiens vader een villa op een Grieks schiereiland heeft, is in eigen land vergeleken met Odysseus, de held uit het epische gedicht dat Britse schoolkinderen op hun elfde gedoceerd krijgen. Voor de Britse natie, evenwel, moet de ware wereldreis eigenlijk nog beginnen. Daarbij zijn de eurocraten de Cyclopen en de leden van de European Research Group de Argonauten, terwijl Amerika de verleidende rol van Kalypso vervult en de Gemenebestlanden de Sirenen zijn. Zal het een verlossende tocht worden, of brengen de zeemonsters Scylla en Charybdis het Royal Yacht Britannia tot zinken?