De Britten gooien hun onafhankelijkheid over de schutting

Op internet circuleert al weken een foto van Boris Johnson en Michael Gove, de grote voorvechters van een vertrek uit de Europese Unie.

Medium groene commentaar brexit 20ii

Op hun spreekgestoelte staat het motto van de _leave-_campagne: #takebackcontrol. Daaronder de tekst:

‘No you take it back.’

‘No you fucking take it.’

‘You touched it last.’

De verzonnen dialoog vat de chaos aardig samen. De vurig gewenste soevereiniteit is het Brexit-kamp in de schoot geworpen. Nu rent de ene na de andere ‘leider’ ervoor weg. Iets soortgelijks is gaande met het land zelf. Een kleine twee weken geleden nam Groot-Brittannië ‘de controle terug’ van de EU. Inmiddels is het druk bezig die onafhankelijkheid al weer over de schutting te gooien.

Verlost van de Brusselse betutteling, zo beloofde het exit-kamp, ‘kunnen we ons geld besteden aan onze eigen prioriteiten’: zorg, onderwijs en betaalbare woningen. Inmiddels klinkt een heel ander geluid. Het geld is op, de Conservatieve regering dreigt met nieuwe miljardenbezuinigingen. Immigratie indammen blijkt lastig, zeker als Groot-Brittannië toegang wil houden tot de Europese interne markt. En van die felbegeerde eigen prioriteiten kan al helemaal geen sprake zijn. De wensen van de Britten moeten wijken voor het verlanglijstje van het internationale bedrijfsleven. Zo lanceerde minister van Financiën George Osborne het plan om de belasting voor ondernemingen te verlagen naar vijftien procent. Ondertussen zet de Bank of England al een streep door een extra financiële buffer die banken moesten opbouwen. Het idee is dat ze zo meer leningen verstrekken. Maar die buffers waren ook een van de schaarse maatregelen die daadwerkelijk doorgevoerd zijn om een nieuwe kredietcrisis te voorkomen.

Bedelend om de gunst van multinationals ontketent Groot-Brittannië zo een nieuwe race to the bottom. Dat is rampzalig. Europa, ook Nederland, zal volgen met laksere regelgeving en lagere bedrijfsbelastingen. Al was het alleen al om financiële activiteiten uit de City naar Dublin, Amsterdam of Frankfurt te lokken. De gewone burger betaalt de rekening met hogere lasten of meer bezuinigingen. Sociale voorzieningen worden slechter, de kans op een nieuwe crisis groeit. Wat nou, take back control? Het is koren op de molen van progressieve aanhangers van ‘meer Europa’. Enkel een sterkere EU zou haar wil kunnen opleggen aan een losgeslagen, gemondialiseerde economie. Het probleem is dat die hardnekkige hoop weersproken wordt door vrijwel alle beschikbare feiten. De EU is een warm voorstander van de race to the bottom. Die zou vrij eenvoudig te stoppen zijn, bijvoorbeeld door één Europees belastingbeleid. In plaats daarvan moedigt de EU belastingconcurrentie door landen als Ierland juist aan.

Zie daar de democratische worsteling. Precies een jaar geleden werd in Griekenland duidelijk wat er gebeurt met een democratisch gekozen regering die per se in de eurozone wil blijven. Met het mes op de keel werd Syriza gedwongen haar verkiezingsbeloften te breken en een desastreuze economische politiek uit te voeren. Nu gebeurt het omgekeerde. Groot-Brittannië zegt per referendum de EU vaarwel. Maar veel meer politieke vrijheid levert dat niet op. De oplossing? Europa moet radicaal op de schop. Alleen zo kan ze haar burgers daadwerkelijk weer meer controle geven over hun levens. Dat gaat waarschijnlijk niet samen met de euro, maar op andere vlakken – klimaatdoelen, belastingpolitiek, financiële regulering – is samenwerking juist cruciaal.

Eerlijk is eerlijk: op dit moment lijkt zo’n Europese derde weg een nauwelijks begaanbaar pad. Maar de Britten hebben laten zien dat de snelle, simpele short-cuts nergens toe leiden.