Menno Hurenkamp

De Bureaucratie

Een van de redenen waarom de Europese grondwet in Nederland per referendum is weggestemd is «de Europese bureaucratie». Dat vermaledijde apparaat zou te groot zijn volgens sommige tegenstanders of te traag volgens anderen. Het zou uit zijn op het definitieve verdwijnen van Nederland of zelfs ronduit misdadig volgens weer andere opposanten. Toch zullen er maar weinig mensen enig concreet idee hebben bij de Europese bureaucratie. Het ambtenarenapparaat van de EU is in werkelijkheid erg overzichtelijk. De gemeente Rotterdam heeft bijvoorbeeld meer ambtenaren in dienst dan de Europese Commissie met zijn plusminus twintigduizend pennenlikkers. Dus aan de aantallen kan het niet liggen. Nou doet een groot deel van die ambtenaren inderdaad raar werk, namelijk vertalen van het Grieks in het Deens. Maar als ze dat niet deden, als we ons eigen cultuurgoed niet te vuur en te zwaard verdedigden, dan was de boot over Europa dat Nederland opslokt pas echt aan.

Niemand komt ze tegen, de eurocraten. Omdat je in Brussel geen formulieren hoeft te halen, omdat je er niet hoeft te trouwen en geen belasting aan af hoeft te dragen. Men weet helemaal niet hoe de Europese ambtenaren hun werk doen of in wat voor gebouw ze zitten. Laat staan hoe ze hun werk (niet) afleveren. Illustratief voor deze onbekendheid is het ten enen male ontbreken van grapjes over de Europese luie of vervelende ambtenaren. Of je zou uiterst saaie opmerkingen als «De EU heeft zoveel ondoorzichtige regelingen dat het zelf niet zou worden toegelaten tot de Unie» leuk moeten vinden. Met the love to hate die in humor wordt uitgedrukt was het misschien nog wat geworden, met de totale onbekendheid die er nu bestaat moest het referendum eigenlijk wel mislukken.

Balkenende vertelde de afgelopen weken in de meest uiteenlopende televisieprogramma’s dat Europa «best belangrijk» was. Hij nam daar telkens zijn meest serieuze gezicht voor mee. Misschien dat het geholpen had wanneer hij niet geprobeerd had iedereen te overtuigen van zijn eigen goede bedoelingen, maar in plaats daarvan een paar Europese bakken de ether in had geslingerd. Wellicht was dan «Europa» nog een beetje gaan leven. «Waarom vraagt een Italiaan ’s ochtends geen subsidie aan? Heeft-ie ’s middags niks te doen.» (Tja. Grappig is anders. Maar Donners oorlogs dreiging was ook niet inspirerend.)

Recent signaleerde de bestuurskundige Henk Gossink overigens dat ook de grappen over de Nederlandse bureaucratie uit het repertoire van cabaretiers en stand-up comedians verdwenen zijn. «Waarom heeft een ambtenaar…» – je hoort ze niet meer. Ofwel we hoeven niet meer lang te wachten bij loketten om een vergunning los te bedelen, ofwel we ergeren ons er minder aan dan aan andere zaken. En er is inderdaad veel onderzoek waaruit blijkt dat mensen die de laatste jaren zelf te maken hebben gehad met de maatschappelijke dienstverlening daar meestal erg tevreden over zijn. Zo werd recent mijn auto afgesleept. Ten onrechte, naar mijn idee. En binnen twee weken werden mijn bezwaren, vermoedelijk tevergeefs, aangehoord door een attente stedelijke commissie. Met een voorzitter en een notulist en een toehoorder en een expert, allemaal bereid te luisteren omdat ik fout geparkeerd had gestaan. Die commissie ging zo nauwkeurig te werk dat ik nu nog opgewekt ben over de behandeling. Er zijn vast bordelen waar je meer betaalt voor minder.