H.J.A. Hofland

De dageraad van het neopoldermodel

Gemeten naar recente Nederlandse maatstaven zijn de afgelopen gemeenteraadsverkiezingen wonderbaarlijk goed verlopen. Geen doodsbedreigingen, geen kogelbrieven, niemand ondergedoken, geen gevaar voor de vrijheid van meningsuiting, niemand onherstelbaar beledigd, geen halve oplichters gekozen, en na afloop zelfs geen voetbalsfeertje bij de winnaars. Wel sensationele veranderingen, bijna een aardverschuiving, roemrijke carrières een beetje treurig afgelopen, de volgende generatie komt aangestormd. Zijn we op weg om weer een normale democratie te worden? Het hangt ervan af wat je onder normaal verstaat.
Vier jaar geleden «kwam de burger in opstand». Zo noemen we het in onze eigentijdse geschiedschrijving. Wat dit betekent is nog altijd voor uiteenlopende uitleg vatbaar. In 2002 was Nederland een land geworden waar de beroemde officiële tolerantie gepaard ging met een tersluiks gepraktiseerde apartheid. Zoals dat gebeurt in ieder land waar zichgrote aantallen vreemdelingen vestigen (Amerika, Frankrijk, Duitsland, Groot-Brittannië) ontstonden er aanpassingsmoeilijkheden en kwamen immigranten in de criminaliteit terecht. Ze bleven arm en hokten samen
in buurten die als achterstandswijken bekend werden. Bovendien kwamen er steeds meer. De immigranten, de allochtonen, werden openlijk als lastposten betiteld.

In Nederland werd de opstand zich van zichzelf bewust toen Pim Fortuyn in een interview met de Volkskrant de islam een achterlijke godsdienst noemde. Daarmee had het vraagstuk van de immigratie (twee jaar eerder duidelijk benoemd door Paul Scheffer) een andere lading gekregen. Het was tot probleem nummer één van het volk bevorderd. «Keihard aanpakken», werd de boodschap. In de loop van vier jaar is daaruit het beleid van het kabinet, in het bijzonder van minister Verdonk gegroeid. Het was rijk aan conflicten, en is dat nog.Bovendien ging de mare door het land dat door de radicale islam de vrijheid van meningsuiting ernstig in gevaar was gebracht. Aan de conflicten ga ik nu voorbij. En wat de vrijheid van meningsuiting aangaat: ik kan me geen tijdvak herinneren waarin zoveel mensen zich zo ongeremd, in woord en daad, in alle media, met zoveel gretige platheid en zucht tot beledigen hebben uitgelaten als in de jaren van de kabinetten-Balkenende, de periode van het herstel der normen en waarden.Ieder zijn meug. Maar denk niet dat zoiets zonder reacties blijft. Het succes van links, in het bijzonder de Partij van de Arbeid, is voor een flink deel te danken aan de steun van allochtone kiezers. Ze hebben zich verweerd. Ze hebben een poging gedaan om langs de democratische weg te laten weten dat ze hun toestand «niet pikken». Wordt dat door de autochtonen begrepen? Ik denk het wel. Nog nooit is er zo veel bemoeienis van de overheden geweest met de opvang van losgeslagenen, cursussen voor jong en oud en alles wat het hart van de ware integrationist begeert. In NRC Handelsblad van 11/12 maart hebben de geharnaste Leefbaren, Joost Eerdmans en Marco Pastors, zich beroepend op Paul Scheffer, een pleidooi geschreven voor een verlichte islam in Nederland. Ze geven geen duimbreed van het gedachtegoed prijs. Evenmin als ieder weldenkend mens moeten ze iets van het fundamentalisme hebben. Maar als ik het goed begrijp, zien ze nu een redelijke kans voor een Nederlands Hervormde Islam, ongeveer zoals iedere godsdienst hier een Nederlands Hervormde versie krijgt. Het is de toon die bij Eerdmans en Pastors de nieuwe muziek maakt.Na twee politieke moorden – overigens door halvegaren gepleegd – heeft Nederland bijna vier jaar op de grens van politieke hysterie gewankeld. Dat veroorzaakte een sfeer die veel mensen goed gesmaakt heeft. Het toeval wilde bovendien dat we landelijk bestuurd worden door een gezelschap zonder talent voor enige vorm van inspiratie of meeslependheid. En een beetje talent op dit gebied is nu eenmaal voor iedere politicus onontbeerlijk. De opstand der burgers is nog niet uitgewoed, verzekerden veel commentatoren. De hysterie bleef smeulen. Vorig jaar, bij het referendum over de Europese grondwet, was er weer een uitbarsting.In de campagne voor de raadsverkiezingen was er al niets van een Fortuyn-achtige opwinding te bespeuren. De poging van de vvd om hier de negatieve propaganda te introduceren, is lacherig ontvangen. Persoonlijke aanvallen hebben een averechts effect gehad. Voor het eerst zijn allochtonen in grote aantallen gaan stemmen. Wil dit zeggen dat ze op weg zijn naar een Nederlandse Hervormdheid? Bekeerd tot het verlangen om de boel bij elkaar te houden in plaats van erop te slaan? Beleven we de dageraad van het neopoldermodel?Ondanks alle toestanden van de afgelopen jaren zijn we nog geen bananenrepubliek. Nederland is een coalitieland gebleven. Afwezigheid van politieke hysterie hoort bij ons tot het nationale bedrijfskapitaal. Ik heb het gevoel – meer is het nog niet – dat het grootste schuimbekken voorbij is. Nu moeten we nog door het WK voetbal heen. Laat Salomon Kalou voor zijn eindexamen Nederlanderschap slagen. Neem het zekere voor het onzekere, ter wille van het nationaal belang.