De deugdenloze samenleving

De heilige graal van onze samenleving: geluk. We willen het allemaal hebben, maar het lijkt onvindbaar te zijn. De één zoekt het bij geld, carrière en kleding, de ander bladert tevergeefs de Happinez en de Flow nog een keer door. Het lijkt ons niet te lukken om de staat van gelukzaligheid te bereiken - sterker nog, we worden steeds depressiever. Wat doen we verkeerd? Hebben we niet genoeg? Of juist te veel? Mensen zoeken geluk in genot, bezit en aanzien, maar hier zit de fundamentele fout. Als Aristoteles onze samenleving zou aanschouwen, zou hij zich in zijn graf omdraaien. De vader van de deugdenleer aanschouwt met afschuw: de deugdenloze samenleving.

Medium images

Het probleem van onze samenleving is dat wij de deugden uit het oog zijn verloren. Met alle vernieuwing die in de afgelopen decennia heeft plaatsgevonden is het nastreven van deugden geen doel meer op zichzelf. Waarom zouden we?

De deugd bevindt zich in het midden van twee uitersten. Het meest bekende voorbeeld is dapperheid, tussen de extremen lafheid en overmoed. Wanneer men de deugd ontwikkeld heeft, is deze als een tweede natuur en hoeven we er niet meer over na te denken hoe goed te handelen. Aristoteles bepleitte dat men op zoek moest gaan naar het midden, naar de deugd, om zo tot eudaimonia - gelukzaligheid - te komen. Omdat wij in onze huidige samenleving deze deugden niet meer nastreven is eudaimonia voor veel mensen buiten bereik gekomen. Met als gevolg dat in de westerse wereld één op de vijf mensen in aanraking komt met een depressieve stoornis.

De balans is kwijt omdat we ons naar de extremen begeven. Het midden - en daarmee geluk - is ons vreemd. De kardinale deugden, zoals geformuleerd in de Oudheid, zijn matigheid, verstandigheid, rechtvaardigheid en moed. Maar juist deze zijn afwezig in onze huidige samenleving.

Van matigheid is zelden sprake. Dit zie je terug in welvaartsproblemen als obesitas of mensen die volledig geobsedeerd zijn door sporten (fitspo, anyone?). Alcohol: ‘Geniet, maar drink met mate’. Ach, we kennen allemaal wel iemand die zich niks meer van de hele avond herinnert (en waarbij dit niet de eerste keer is, of de laatste). Comazuipers zijn een fenomeen dat zich bij uitstek leent om te laten zien hoe het onze samenleving aan matigheid ontbreekt en hier niet beter van wordt - niemand zal, nadat zijn maag is leeggepompt, met een gelukkig gevoel in zijn (ziekenhuis)bed liggen. Burn-outs, nog zoiets. Mensen overwerken zich en storten in. Het blijkt lastig voor alle leeftijden om gematigd door het leven te gaan.

Dan verstandigheid, ook wel wijsheid. De alom geroemde zesjes-cultuur - even buiten beschouwing gelaten dat de examens het doel dragen om gemiddeld een zes te produceren. Bij de jeugd is er weinig sprake van een dorst naar kennis. Leren doe je, zo minimaal mogelijk, om op je toets een voldoende te scoren. Niet om je te verrijken met kennis, waarom zou je? Je wilt immers geen nerd zijn en je hebt wel betere dingen te doen. Aan de andere kant, de enkelen die wel dagen in de boeken zitten zien weinig daglicht en solliciteren naar een toekomst als kluizenaar.

Primark-topjes uit Bangladesh, topsalarissen bij woningcorporaties? Rechtvaardigheid is ver te zoeken. Deze deugd gaat in de regel uit van utilitaristische beginselen, datgene wat zorgt voor het geluk voor de meeste mensen. In onze samenleving zijn we echter helemaal niet meer zo gericht op het geluk van de samenleving, maar meer op ons eigen geluk. Als het voor mij goed is - dan is het goed. Maar worden wij daar gelukkig van, als wij ons geluk niet kunnen delen met anderen?

De laatste kardinale deugd is moed. Het is zeker in de politiek van uiterst belang dat mensen zich sterk en moedig tonen en zich ferm uiten over hun eigen opvattingen en beginselen. Nu loopt men op zijn teentjes, doet concessies, uit angst voor een herhaling van de tragische struikel van Rutte I. Maar daarmee verlaten politici steeds vaker hun eigen beginselen en lijken zij af te buigen naar lafheid of zwakheid. Een van de weinige personen die naar mijn mening moed toont is Jan Pronk, door zijn PvdA-lidmaatschap op te zeggen. Hij komt duidelijk uit voor zijn standpunten en handelt ernaar, wat we niet van iedereen kunnen zeggen.

Een terugkeer van de deugdenleer in de samenleving is gewenst. Eudaimonia zal hierdoor weer in zicht komen voor meer mensen. De vermindering van depressieven zal zorgen voor minder kosten voor de gezondheidszorg, waardoor politieke partijen minder concessies hoeven te doen om wille van een begrotingstekort. Zo kunnen zij weer gaan staan voor hun eigen beginselen. Er zal minder werkloosheid zijn, meer wijsheid, rechtvaardigheid en duidelijkheid. Het streven naar Utopia is ook een kunst op zich.