FILM

De dingen die voorbij gaan

Alles van waarde

Onheilspellende jazz klinkt op het moment dat filmmaker en archetypische grumpy old man Frans Bromet de waarheid ontbloot over hoe het zo vreselijk mis kon gaan in zijn land. De camera zweeft als het ware onzichtbaar in een half in duisternis gehulde hal waar mannen van middelbare leeftijd in grijze pakken een borrel drinken. Jazz, dus. En dan de voorzitter van het college van bestuur van het ROC in Leiden die al dagenlang belooft te zullen vertellen hoeveel miljoen nu precies het nieuwe ROC-gebouw heeft gekost. Hij doet dat maar niet. Het schokkende is dat de hoogte van het bedrag deze man niet echt lijkt te interesseren. Ook nu verwijst Bromet verveeld en met aardappel in de mond naar een onderdaan, een pennenlikker die het bedrag trots vertelt: bijna tachtig miljoen euro.
Met zijn nieuwe documentaire Alles van waarde richt Bromet zich tegen de ‘managerscultuur’ in Nederland, tegen de 'ongebreidelde, destructieve macht van managers in de gezondheidszorg, het onderwijs, de woningcorporaties, de publieke omroep, banken en talloze andere instellingen’, zoals hij het op zijn website stelt. Bromet herkent zijn eigen land niet meer. Opeens hebben de bureaucraten de macht. Daar lijden juist mensen onder die het werk in het echt moeten doen. Dit proces typeert hij als 'sluipend gif’.
In zijn speurtocht naar de kern van het probleem volgt hij zijn dochter Laura, actief in de plaatselijke politiek in Ilpendam en later beleidsmedewerker van GroenLinks in de Tweede Kamer. Laura vormt op het oog een volmaakt tegenwicht voor vader Frans: waar hij hartstochtelijk tegen 'schaalvergroting’ ageert terwijl hij met de camera op z'n schouder vragen stelt en statements maakt, daar nuanceert zij de vraagstelling met een nuchtere, meer pragmatische blik. Managers die de gezondheidszorg de grond in werken? Niets van gemerkt, zegt Laura nadat zij voor een behandeling naar het ziekenhuis moest. Alleen vriendelijkheid en goede zorgen en efficiency. Waar heeft vader Frans het dan over?
Misschien ligt het aan hem. Hij zegt dingen als: 'Ik voel me steeds minder thuis in deze tijd.’ En: 'Ik ben een vreemdeling in mijn tijd.’ En: 'Groei die niet stopt noemen we kanker.’ Een sprekende computer die de klant van een telecombedrijf verder helpt? Nee, Bromet wil een mens aan de lijn. Een woordvoerder van het bedrijf die zakelijk probeert te blijven en daardoor zélf als een computer overkomt heeft geen schijn van kans. Want tegenover hem zit Bromet, dramatisch met zijn camera op de schouder. En met vragen die er niet om liegen, vragen die de boosheid van Bromet reflecteren. Dat is schitterend om te zien. De grens tussen Bromet de filmmaker en Bromet de burger verdwijnt. Hij zegt: 'Er is geen verschil tussen het leven en de film.’ Inderdaad. Dit heet: engagement.
De running gag - Bromet en zijn dochter in een tweepersoonsautootje ergens op een oer-Hollandse dijkweg - geeft visueel vorm aan de dapperheid van de betrokken maker. Een oplossing voor de waanzin van de huidige tijd heeft hij ook niet echt, of het moet 'schaalverkleining’ zijn. Dat is vaag, toegegeven. En toch ligt de charme en kracht van Alles van waarde hierin: Bromet heeft niet altijd gelijk en vermoedelijk weet hij dat ook, maar je krijgt het idee dat hij er wel degelijk in gelooft dat hij vaak genoeg gelijk heeft. Geloof. Kennis. Zelfvertrouwen. Dat zijn de geheime wapens van de grumpy old man. En dat geeft Bromets verzet iets heroïsch en toch ook iets scherps of gevaarlijks - een verademing in een tijd waarin twijfel overheerst als het gaat om het creëren van een tegengeluid.

Te zien vanaf 23 maart