Sjoemelen, besmeuren, lekken en verdraaien op Downing Street

De donkere kant van de premier

Premier Gordon Brown is na een schandaal rond vuige e-mails zijn imago van integere domineeszoon met een moreel kompas definitief kwijt. Bij zijn aantreden beloofde hij nog de spincultuur van zijn voorganger Blair te beëindigen. Brown en zijn hofhouding blijken alleen maar nóg valser te spinnen.

DE LABOUR PARTY IS, zo stelde ex-premier Harold Wilson ooit, een morele kruistocht of niets. Van dat eerste is na de jongste schandalen binnen de Britse regeringspartij weinig meer over, hoezeer premier Gordon Brown zich ook tracht te profileren als vreugdeloze moralist. Tijdens de paasdagen lekten vuige e-mails uit die zijn rechterhand Damian McBride had gezonden aan de Labour-blogger Derek Draper en Browns andere spindoctor, de ex-bolsjewiek Charlie Whelan. McBride had enkele suggesties om de ‘Red Rag’, een nog op te zetten anti-Conservatief roddelblog, te vullen. Zo zou de Conservatieve leider David Cameron ooit een geslachtsziekte hebben gehad, de vrouw van de schaduwminister van Financiën George Osborne labiel zijn en een vrouwelijk Kamerlid zich schuldig hebben gemaakt aan overspel. Tevens wilde McBride een homoseksueel Kamerlid uit de kast trekken. ‘Absolutely totally brilliant, Damian’, reageerde Draper, om vervolgens te beloven de roddels op het juiste moment te plaatsen. Maar de mails kwamen terecht bij Paul Staines, die onder de naam Guido Fawkes het veelgelezen, libertaire en onafhankelijke blog ‘Order Order’ maakt. Browns hoop op populariteit na de G20-conferentie was vervlogen.
De premier ging direct aan de slag om de schade te beperken. Hij ontsloeg McBride wegens diens ‘jongensachtige’ streken en scherpte de gedragscode voor topambtenaren aan, een typische maatregel van een technocraat. Vervolgens warmde hij een oud beleidsinitiatief op – het intrekken van uitkeringen voor volhardende alcoholisten – om de aandacht af te leiden. Met dit alles bleek Brown zich te hebben verkeken op de woede die de mails teweeg hadden gebracht. Hierop besloot hij zijn spijt te betuigen aan de betrokken Conservatieven, maar slaagde erin om handgeschreven briefjes een onpersoonlijk karakter te geven. Osborne’s eega kreeg helemaal geen kattebel en dat terwijl vooral de aantijgingen over haar laakbaar waren. Volgens het socialistische Kamerlid George Galloway laat zelfs de maffia de vrouwen van vijanden met rust. Na vijf dagen kwam Brown met een soort excuus, gevolgd door de onbedoeld hilarische formulering: ‘Ik neem de volledige verantwoordelijkheid voor wat er gebeurd is. Daarom is de verantwoordelijke persoon onmiddellijk vertrokken.’
De lekkage – uitgerekend in een week waarin de overheid zich het recht toe-eigende te spieden in mailverkeer van burgers – biedt een kijkje achter de schermen van Browns hofhouding. Interessant daarbij is de rol van onderwijsminister Ed Balls, Browns beste politieke vriend, die het Strategy Committee leidt. Deze groep houdt zich bezig met het besmeuren van politieke vijanden. Prominent lid is de slechts 34 jaar oude McBride, die begon als voormalig btw-specialist op Financiën en promoveerde tot Browns politieke huurmoordenaar. Met zijn liefde voor voetbal, afhaalpizza’s en pubquizzen paste McBride, wiens salaris zes cijfers telde, prima binnen de wereld van spindoctors. Bij journalisten, die nooit iets negatiefs durfden te schrijven over hem, stond McBride bekend als McPoison en Mad Dog. Soms schoof ook Draper aan, de voormalige spindoctor van New Labour-architect Peter Mandelson, beter bekend als The Prince of Darkness. Nadat hij had moeten aftreden als gevolg van een lobbyschandaal heeft Draper zichzelf opnieuw uitgevonden als publicist en adviseur op het gebied van levensgeluk. Het ‘oorlogskabinet’ vertoont een opvallende overeenkomst met het Future Planning Committee in In the Loop, een politieke film van Armando Iannucci die vorige week in première ging.
Er zijn geen bewijzen dat Brown op de hoogte was van de mails, die verzonden werden van McBride’s Downing Street-adres. Browns bijnaam is dan ook ‘Macavity’, T.S. Eliots mysterieuze kat die misdaden begaat zonder sporen achter te laten. Wat wél vaststaat, is dat hij kort voor het sturen van het elektronische bericht met Draper had gegeten. Bovendien staat Brown bekend als iemand die achttien uur per dag werkt en overal controle over wil hebben. En schreef Machiavelli niet dat de vorst kan worden herkend aan zijn adviseurs? Voorkennis of niet, het schandaal betekent het einde van Browns imago van integere domineeszoon met een moreel kompas. Bij zijn aantreden als premier, twee jaar geleden, had Brown nota bene beloofd de spincultuur te beëindigen die zijn voorganger op Downing Street had gecreëerd. Dat is dus onzin gebleken, al is er wel een nuanceverschil. Waar de spindoctors van Tony Blair zich vooral richtten op de pers, daar hebben die van Brown zich traditioneel beziggehouden met het besmeuren van de Blairites. Dat verklaart ook het enthousiasme waarmee de volgelingen van Blair in de afgelopen week de media te woord stonden. Een van hen zei dat hij een glimlach niet kon onderdrukken.
Reservoir Dogs als Whelan en McBride waren meesters in het verspreiden van geruchten en het lekken van vertrouwelijke informatie over politieke vijanden. Hoe dat werkt, heeft staatssecretaris van Gezondheid Ivan Lewis ondervonden. Daags nadat hij een kritisch artikel over Brown had geschreven, verschenen sms’jes die deze getrouwde politicus had gestuurd aan een knappe assistente op de voorpagina van een zondagse schandaalkrant. Op doortrapte wijze had McBride een voorlopig einde gemaakt aan de carrière van Lewis, en mogelijk ook diens huwelijk. Een andere Blair-traditie die Brown heeft voortgezet is het sjoemelen met cijfers. Eind vorig jaar meldde Brown dat het aantal steekpartijen in Londen was gedaald, maar later moest hij toegeven dat de cijfers niet klopten, iets waar de betrokken statistici al voor hadden gewaarschuwd.
Afgaand op de manier waarop Brown partijgenoten behandelt, koesterde de Conservatieve oppositie weinig illusies. Browns ressentiment jegens de ‘rijkeluiskinderen’ Cameron en Osborne vertoont inderdaad gelijkenissen met de pathologische afkeer die Richard Nixon had van de gevestigde orde aan de Amerikaanse Oostkust in het algemeen en de Kennedy’s in het bijzonder. Net als Tricky Dicky heeft Brown last van paranoia en gemoedswisselingen, zodat er soms een televisie of computerscherm door het kantoor vliegt (al komt er bij Brown geen sterke drank bij kijken). Een paar maanden terug probeerde Brown te voorkomen dat de oppositieleider oriënterende gesprekken zou voeren met topambtenaren, ontmoetingen die van oudsher een jaar voor de verkiezingen plaatsvinden. Ook trachtte hij Camerons naam te verwijderen van de gastenlijst die Margaret Thatcher had opgesteld voor een jubileumdiner op Downing Street. Het probleem voor Brown is dat het hameren op de elitaire achtergrond van de oppositieleiders niet blijkt aan te slaan bij de ontevreden kiezers. Vandaar dat de premier als een kat in het nauw zoekt naar alternatieve manieren om de oppositie te vernietigen.
Een verregaande poging daartoe was eind vorig jaar de arrestatie van Damian Green, de Conservatieve woordvoerder van Binnenlandse Zaken die gelekte en gênante informatie over een falend immigratiebeleid te berde had gebracht in het parlement. Minister Jacqui Smith liet Green arresteren op staatsveiligheidsgronden. Zo’n tafereel, dat het midden hield tussen Das Leben der Anderen en een aflevering van Inspecteur Clouseau, had het land sinds de dagen van Karel I niet meer meegemaakt. De politie hield de politicus intimiderend voor dat hem levenslang zou wachten. In plaats daarvan besloot het Openbaar Ministerie afgelopen week om Green helemaal niet te vervolgen. Zowel de aanklager als een Kamercommissie hekelde het gedrag van topambtenaren die de politie in hyperbolische bewoordingen hadden voorgelogen over het bedreigde landsbelang. Sterker, Green had het landsbelang juist gediend. Brown en Smith wordt nu verweten hoge ambtenaren en de politie te hebben gebruikt voor partijpolitieke spelletjes. Opvallend was dat juist op de middag dat justitie met haar oordeel kwam Brown met de grootst denkbare tegenzin zijn excuses aanbood voor de mailwisseling. Een fraaie poging, derhalve, om de aandacht af te leiden van de Green-affaire.