FILM

De dood van Flipper

The Cove (Idfa)

In de documentaire The Cove, over het uitmoorden van dolfijnen in Taijii, Japan, komen allerlei perspectieven aan bod: van hartstochtelijke activisten en hun idealistische geldschieters tot corrupte plaatselijke bureaucraten, zelfs de dolfijnen, maar geen enkele keer wordt aan de daders zelf gevraagd waarom zij dit doen. En dat is jammer, want zo krijgt de film bij vlagen een eenzijdig, pamflettistisch karakter. Dat neemt evenwel niets weg van het feit dat er prachtige momenten zijn, vooral die waarin wordt onthuld dat Flipper, beroemdste dolfijn aller tijden en ster van de gelijknamige jaren-zestigserie, niet zomaar dood is, maar dat ze zelfmoord heeft gepleegd, en dat dit incident, jaren geleden, het zaadje vormde voor het soort milieuactivisme dat nu uitmondt in The Cove.
De spil van The Cove is activist Ric O’Barry, in wiens armen Flipper, althans Cathy, een van de vier dolfijnen die de hoofdrol in de serie vertolkten, stierf. O’Barry vertelt met tranen in zijn ogen hoe Flipper om het leven kwam: hij hield haar vast nadat zij, in gevangenschap, naar het wateroppervlak was gekomen, hem recht in de ogen keek, één hap adem nam, en toen met opzet weigerde verder te ademen. Flipper stierf en zakte vervolgens langzaam naar de bodem van het zeezwembad, haar graf. Vanaf dit moment, vertelt O’Barry, vecht hij voor de bevrijding van alle dolfijnen. ‘Waar ook ter wereld, als er een dolfijn in nood verkeert, gaat mijn telefoon.’
The Cove, te zien op het International Documentary Film Festival Amsterdam, dat zich dit jaar kenmerkt door veel documentaires over milieuonderwerpen, vertelt het verhaal van het ontmaskeren van de massamoord en de internationale handel in levende dolfijnen voor dolfinaria en centra waar mensen samen met dolfijnen kunnen zwemmen.
The Cove begint mysterieus, schitterend: beelden gemaakt met thermische camera’s, onderwatercamera’s en camera’s met nachtkijkerlenzen waarin eerst te zien is hoe dolfijnen majestueus en vrij door de golven van de zee klieven en daarna hoe ze ergens, vermoedelijk in de grot in de titel, op brute wijze worden afgeslacht. Door deze beelden ademt de film de sfeer van een thriller, fictie, en die wordt anderhalf uur lang vastgehouden. Dat is winst; de vaart zit er meteen in. O’Barry rijdt in een auto in Taijii. Ook al is hij vermomd met zonnebril, hoedje en mondkapje, het plaatselijke politiehoofd zet meteen de achtervolging in. O’Barry is berucht. Daarom moet hij kundig in de marges manoeuvreren, als een geheim agent in een exotisch land. In zijn queeste naar de bevrijding van de dolfijn en de ontmanteling van de ‘corrupte’ industrie krijgt hij snel hulp van een bonte verzameling helden: nog meer activisten, idealisten met veel geld, en allerlei macho’s en avonturiers en free divers, zelfs special effects-deskundigen van George Lucas’ Hollywood-bedrijf Industrial Light and Magic. De mannen (en een vrouw) op een missie zijn gekozen, en voortaan heten ze stoer: The Ops Team.
Clandestiene operaties zijn ook wel nodig, want Japanse politici, politie en de vissers zweren samen om de westerlingen het leven zo moeilijk mogelijk te maken. Zo lijken de vissers de geheime politie te informeren iedere keer als de activisten op de plek des onheils, in de buurt van de met bloed bevlekte geheime grot, komen. Toch slaagt het Ops Team erin allerlei geheime camera’s te plaatsen, waardoor de verderfelijke activiteiten van de vissers akelig naakt in beeld komen. Maar dan, een boeiend moment. Heel kort, nauwelijks twee minuten, registreert een verborgen camera een gesprek tussen de vissers, moordenaars van dolfijnen. Ze praten over een plek op zee waar het stikt van de walvissen en dolfijnen. Hun toon is moeilijk te peilen, maar iets van bewondering schemert door, van ontzag voor de overvloed die de natuur te bieden heeft. Dit is het enige moment in The Cove dat de vissers echt aan het woord komen. En dat is jammer. Niet alleen omdat je het idee krijgt toch wel erg te worden gemanipuleerd door de activisten en de filmmakers. Maar vooral ook omdat een diepgaand, scherp perspectief van de plaatselijke situatie, de leefstijl van de vissers, bijvoorbeeld, The Cove een meerwaarde zou hebben gegeven. Nu blijven veel vragen onbeantwoord.
Niettemin, aan het einde van de film schalt Bowie’s Heroes (‘We can be heroes/ Just for one day’) triomfantelijk, waardoor je jezelf moet dwingen niet meteen veel geld te storten opdat de heroes de dood van Flipper kunnen wreken.

Idfa, Amsterdam, 19/29 november