Hf: ‘The Head & The Load’ / ‘Aus Licht’

De dragers

The Head & The Load, regie William Kentridge © Stella Oliver

Het Holland Festival 2019 startte met tegelijk een meesterwerk van de Zuid-Afrikaan William Kentridge en het drie dagen durende Aus Licht van de nog net niet vergeten maar wel veronachtzaamde Duitse avant-gardistische componist Karlheinz Stockhausen (1928-2007).

The Head & The Load van kunstenaar en theatermaker Kentridge is een enorm – en enorm verwarrend – schouwspel over een stuk Afrikaanse geschiedenis dat in en buiten Afrika nauwelijks bekend is. Honderdduizenden Afrikanen hebben tijdens de Eerste Wereldoorlog zowel onder de Engelsen als onder de Duitsers gediend, meestal als dragers – aan hun nagedachtenis mocht geen aandacht worden besteed. Kentridge laat hun geschiedenis zien met gesproken en geprojecteerde teksten, liedjes, fanfares, ontroerende taferelen. Het is zeer verwarrend, maar het moet voor de mensen die de oorlog toen ondergingen precies zo verwarrend zijn geweest. Zij hadden ook geen idee waar ze aan waren begonnen, en dat geldt misschien voor iedereen die ooit het ongeluk heeft in een oorlog terecht te komen. In Filmmuseum Eye opende de tentoonstelling van zijn Ten Drawings for Projection en het intrigerende en hilarische O Sentimental Machine, waarin we Trotski een toespraak horen houden en zijn secretaresse laat zien hoe slecht dat afloopt.

De oorlog, maar dan de Tweede Wereldoorlog, speelt ook een rol in het leven van Stockhausen. Zijn moeder werd krankzinnig en was onder de nazi’s het slachtoffer van euthanasie; zijn vader sneuvelde aan het Oostfront. In Licht, het megalomane zevendaagse werkstuk dat Wagners Ring moest overtreffen, refereert Stockhausen aan hun lot op een bedekte wijze. Er zijn drie hoofdpersonages: Michael, die je met de kleine Karlheinz kunt vereenzelvigen, Eva die staat voor zijn moeder en Lucifer die optreedt als een vaderfiguur, grotendeels vanuit de dood. Stockhausen wilde dat zijn muziekstuk van 29 uur op zeven achtereenvolgende avonden op zeven verschillende plaatsen zou worden opgevoerd. Voor de huidige bewerking tot Aus Licht in het Holland Festival is gekozen voor drie avonden met een min of meer autobiografische lijn en op één plek, de koepel van de Amsterdamse Westergasfabriek, allang de favoriete plek van regisseur Pierre Audi, die dat alles met vaste hand en losse humor regisseert.

De gigantische ronde hal ziet er met een compositie van lange, dunne lichtende buizen, die verschillende kleuren kunnen aannemen (Urs Schönebaum), betoverend mooi uit. Fantastische projecties (Chris Kondek en Robi Voigt), soms dubbel of driedubbel, komen daar nog eens overheen. De muziek wordt strak gedirigeerd door de jonge Adrian Heger en gespeeld door studenten van het Koninklijk Conservatorium in Den Haag, die al twee jaar met dit project bezig zijn. Er zijn gefilmde schoolkinderen die het verhaal van Lucifer en Eva op hun eigen manier vertellen. En meisjeskoren, die in processie door de hal trekken, jongenssopranen die worden verleid door saxofoon spelende wezens. Ten slotte worden alle kinderen door een fluitspeler (Felicia van den End) weggevoerd. Een uniek gebeuren, dat je met al zijn schetterende koperblaaspartijen enigszins ademloos achterlaat.


Ten Drawings for Projection, t/m 1 september in Filmmuseum Eye, Amsterdam, eyefilm.nl. Aus Licht, deel 1, 2 en 3 in de Gashouder nog te zien op 8, 9, 10 juni, auslicht.com