ISRAËLS ONMOGELIJKE OORLOG TEGEN GAZA

De dreiging van een duizendvoudig Hamas

Zonder dat de internationale gemeenschap iets kan uitrichten, duurt de oorlog in de Gazastrook voort. Uri Avnery, Israëlisch publicist en vredesactivist, schreef zijn beschouwing vlak voordat Israël het grondoffensief inzette.

TEL AVIV – Het was net na middernacht. De Arabische televisiezender van Al Jazeera deed verslag van de gebeurtenissen in Gaza. Plotseling werd de camera gericht op de donkere hemel. Het scherm was pikzwart. Je kon niets zien, maar er was wel iets te horen: het geluid van vliegtuigen, een schrikwekkend, angstaanjagend gedreun. Het was onmogelijk bij het horen daarvan niet te denken aan die tienduizenden kinderen in Gaza die op datzelfde moment datzelfde geluid zouden horen, die ineen zouden krimpen van schrik en verlamd van angst wachtten tot de bommen zouden vallen.
‘Israel moet zichzelf verdedigen tegen de raketten die onze steden in het zuiden terroriseren’, verklaarde de Israëlische woordvoerder. ‘De Palestijnen moeten reageren op de moord op hun strijders in de Gazastrook’, zei de woordvoerder van Hamas. Het was niet eens een kwestie van een staakt-het-vuren dat werd doorbroken, want om te beginnen was er geen werkelijk staakt-het-vuren geweest. De belangrijkste voorwaarde voor een staakt-het-vuren in de Gazastrook is het openen van de grensovergangen. Zonder een stroom van levensbenodigdheden is er geen leven mogelijk in Gaza. Maar de grensovergangen waren potdicht, behalve af en toe een paar uur. De blokkade te land, ter zee en in de lucht tegen anderhalf miljoen mensen is een oorlogsdaad, even erg als het gooien van bommen of het lanceren van raketten. Het verlamt het leven in de Gazastrook: de meeste bronnen van werkgelegenheid worden uitgeschakeld, honderdduizenden worden naar de rand van de hongerdood geduwd, de meeste ziekenhuizen kunnen niet langer functioneren, de toevoer van elektriciteit en water wordt afgesneden.
Zij die besloten dat de grensovergangen zouden worden gesloten – onder welk voorwendsel ook – wisten dat er onder deze omstandigheden geen sprake kan zijn van een werkelijk staakt-het-vuren. Dat is het belangrijkste punt. Daarbovenop kwamen de kleine provocaties van de kant van Israël die bedoeld waren Hamas een reactie te ontlokken. Na vele maanden waarin er nauwelijks Qassam-raketten werden afgeschoten, werd een Israëlische legereenheid naar de Gazastrook gestuurd ‘om een tunnel te vernietigen die in de buurt van de grens uitkwam’. Uit zuiver militair oogpunt zou het zinvoller zijn geweest een hinderlaag op te stellen aan de Israëlische kant van de grens. Maar het doel was een voorwendsel te vinden voor het beëindigen van het staakt-het-vuren, en wel op zo’n manier dat het gemakkelijk was daar de Palestijnen de schuld van te geven. En inderdaad, na enige van zulke kleine acties waarbij Hamasstrijders werden gedood, sloeg Hamas terug met een zwaar offensief van raketten en was het gedaan met het staakt-het-vuren. Iedereen gaf natuurlijk Hamas de schuld.

Waar ging het uiteindelijk om? De Israëlische minister van Buitenlandse Zaken Tzipi Livni heeft dat openlijk aangekondigd: om het Hamasbestuur in Gaza te elimineren. De Qassam-raketten dienden alleen als voorwendsel. Het bestuur van Hamas elimineren? Dat klinkt als een hoofdstuk uit het boek De mars der dwaasheid van Barbara Tuchman. Het is toch geen geheim dat het de Israëlische regering is geweest die Hamas in het zadel heeft geholpen. Toen ik eens een voormalige leider van de Israëlische geheime dienst Shin Bet ernaar vroeg, antwoordde hij mysterieus: ‘We hebben Hamas niet opgericht, maar we hebben de oprichting ook niet verhinderd.’ Jarenlang hebben de bezettingsautoriteiten de Islamitische beweging in de bezette gebieden begunstigd. Alle andere politieke activiteiten werden rigoureus onderdrukt, maar hun activiteiten in de moskeeën werden toegestaan. De inschatting was even simpel als naïef. Op dat moment werd de PLO, de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie, gezien als de belangrijkste vijand van Israël en de leider ervan, Jasser Arafat, als de duivel zelf. De Islamitische beweging richtte zich tegen de PLO en Arafat en werd daarom door Israël als een bondgenoot gezien.
Na het uitbreken van de eerste Intifada in 1987 ging de Islamitische beweging zich Hamas noemen (Arabisch acroniem voor Islamitische Verzetsbeweging) en nam onder die naam deel aan de strijd. Zelfs toen duurde het bijna een jaar voordat Shin Bet actie tegen Hamas ondernam, terwijl leden van Fatah in groten getale werden gedood of gevangen gezet. Pas na een jaar ging Israël ertoe over ook sjeik Ahmed Yassin en zijn collega’s te arresteren.
Sinds die tijd is door Israël het roer helemaal omgegooid. Nu is Hamas de satan geworden en wordt de PLO door velen in Israël bijna als een tak van de zionistische organisatie beschouwd. De logische conclusie voor een vredelievende Israëlische regering zou zijn om verregaande concessies te doen aan de leiding van Fatah: beëindiging van de bezetting, het tekenen van een vredesverdrag, de stichting van een Palestijnse staat, terugtrekking tot de grenzen van 1967, een redelijke oplossing voor het vluchtelingenprobleem, vrijlating van alle Palestijnse gevangenen. Dat zou zeker de opkomst van Hamas tot staan hebben gebracht.
Maar logica heeft weinig betekenis voor de politiek. Niets hiervan gebeurde. Integendeel. Na de moord op Arafat verklaarde Ariel Sharon, destijds Israëls eerste minister, dat Mahmoed Abbas, die Arafats plaats innam, een ‘geplukte kip’ was. Hem werd nog niet het minste politieke resultaat gegund. De vredesonderhandelingen, onder Amerikaans toezicht, werden een grap. De meest authentieke leider van Fatah, Marwan Bargoeti, kreeg levenslange gevangenisstraf en zit nog altijd vast. In plaats van een grootscheepse vrijlating van gevangenen waren er alleen piepkleine en beledigende ‘gebaren’.
Abbas werd systematisch vernederd, Fatah leek niet meer dan een lege dop en Hamas won dus met een klinkende overwinning de Palestijnse verkiezingen – de meest democratische die er ooit in de Arabische wereld waren gehouden. Israël boycotte de door de Palestijnen gekozen regering. Tijdens de interne strijd die daarop volgde, greep Hamas de macht in de Gazastrook. En nu, na dit alles, heeft de Israëlische regering besloten ‘het bestuur van Hamas in Gaza te elimineren’ – met bloed, vuur en kolommen van rook.

De officiële naam van deze oorlog tegen Gaza is ‘Gegoten lood’ – woorden uit een kinderliedje over een tolletje waarmee op Chanoeka wordt gespeeld (zie kader) – maar het zou juister zijn het ‘de Verkiezingsoorlog’ te noemen. Ook in het verleden waren er Israëlische militaire acties tijdens verkiezingscampagnes. De rechtse leider Menachem Begin bombardeerde de kernreactor van Irak tijdens de verkiezingscampagne van 1981. Volgens de leider van de Arbeidspartij Shimon Peres was dat een verkiezingstruc, maar Begin riep tijdens de daaropvolgende verkiezingsbijeenkomst: ‘Joden, zouden jullie geloven dat ik onze dappere jongens de dood in zou sturen of, nog erger, gevangen zou laten nemen door menselijke beesten, alleen maar om een verkiezing te winnen?’ Begin won de verkiezingen.
Peres is geen Begin. Toen hij tijdens de verkiezingscampagne van 1996 bevel gaf tot de invasie van Libanon (de operatie ‘Druiven der gramschap’) was iedereen ervan overtuigd dat hij dat alleen deed om de verkiezingen te winnen. De oorlog was een mislukking, Peres verloor de verkiezingen en Benjamin Netanyahu kwam aan de macht.
Minister van Defensie Ehud Barak, de leider van de Arbeidspartij, en Tzipi Livni, de leider van Kadima, nemen nu hun toevlucht tot dezelfde oude truc. In de verkiezingsonderzoeken kreeg Barak binnen 48 uur vijf zetels meer in de Knesset, het Israëlische parlement. Dat zijn tachtig Palestijnse doden per parlementszetel. Maar het is moeilijk lopen op stapels dode lichamen. Het succes kan in een minuut vervluchtigen als de oorlog straks door de Israëliërs als een mislukking wordt gezien. Bijvoorbeeld als de raketten de zuidelijke Israëlische stad Beersheba blijven bereiken of als de grondaanval leidt tot zware Israëlische verliezen.
Ook vanuit een ander gezichtspunt was het moment van deze oorlog zorgvuldig gekozen. De aanval begon twee dagen na Kerstmis. Dan zijn de Amerikaanse en Europese leiders op vakantie tot Nieuwjaar. De gedachte was dat zelfs als iemand de oorlog had willen proberen te stoppen, niemand daarvoor zijn vakantie op zou geven. Dat betekende enige dagen zonder druk van buitenaf.
En er was nog een reden voor het gekozen tijdstip: het zijn de laatste dagen van George Bush in het Witte Huis. Van deze bloeddorstige debiel kon je verwachten dat hij deze oorlog enthousiast zou ondersteunen, zoals ook gebeurde. Barack Obama is nog niet in functie en had een goed argument om zijn mond dicht te houden: ‘Er is maar één president.’ Die stilte lijkt geen goed voorteken voor de toekomstige ambtstermijn van president Obama.
In de Israëlische media werd eindeloos herhaald dat het belangrijk was niet de fouten van de Tweede Libanonoorlog van september 2006 te herhalen. Dat neemt niet weg dat de oorlog tegen Gaza bijna het exacte evenbeeld is van de Tweede Libanonoorlog. Het strategisch concept is hetzelfde: de burgerbevolking terroriseren met ononderbroken aanvallen vanuit de lucht, die dood en vernietiging zaaien. Dit levert geen gevaar op voor de piloten, omdat de Palestijnen in het geheel geen luchtafweer hebben. Het idee is: als de complete infrastructuur in de Gazastrook is vernietigd en er vervolgens enkel totale anarchie heerst, zal de bevolking in opstand komen en het Hamasbestuur omverwerpen. Mahmoed Abbas kan dan terugkeren naar Gaza boven op een Israëlische tank.
In Libanon werkte deze berekening helemaal niet. De gebombardeerde bevolking, inclusief de christenen, stond massaal achter Hezbollah en Hezbollah-leider Hassan Nasrallah werd de grote held van de Arabische wereld. Iets dergelijks zal waarschijnlijk ook dit keer gebeuren. Generaals mogen misschien veel weten van wapentechniek en troepenverplaatsingen, op het gebied van massapsychologie zijn ze nu eenmaal niet zo deskundig.

De blokkade van Gaza heb ik vroeger al eens een wetenschappelijk experiment genoemd, waarbij het erom gaat uit te vinden hoe ver je kunt gaan met het uithongeren van een bevolking en haar het leven tot een hel te maken. Dat experiment werd uitgevoerd met de genereuze hulp van Europa en de Verenigde Staten. Tot nu toe was het geen succes. Hamas werd sterker en het bereik van de Qassam-raketten werd groter. De huidige oorlog is een voortzetting van het experiment met andere middelen.
Het is goed mogelijk dat het leger zal denken dat er ‘geen ander alternatief is’ dan de Gazastrook te heroveren, omdat er geen andere manier is om de raketten te stoppen – behalve een overeenkomst sluiten met Hamas, wat nu eenmaal tegen de regeringspolitiek is. In de grondoorlog hangt alles af van de motivatie en de capaciteiten van de Hamasstrijders tegenover de Israëlische soldaten. Niemand kan bij voorbaat weten wat er gaat gebeuren.
Dag na dag, nacht na nacht, laat de Arabische televisiezender Al Jazeera de afschuwelijke beelden zien: hopen verminkte lichamen, huilende familieleden die zoeken naar hun dierbaren tussen tientallen lijken die over de grond verspreid liggen, een vrouw die haar dochtertje onder het puin uit trekt, dokters die zonder medicijnen de levens van gewonden trachten te redden. (De Engelstalige zender van Al Jazeera heeft een vreemde verandering ondergaan. Die toont alleen een afgezwakt beeld en geeft ruim baan aan de Israëlische regeringspropaganda. Het zou interessant zijn te weten wat daar is gebeurd.)
Miljoenen zien deze verschrikkelijke scènes, beeld na beeld, dag na dag. De beelden worden voor altijd in hun geesten geprent: ze zien een verschrikkelijk Israël, een walgelijk Israël, een onmenselijk Israël. Een hele generatie van haters. Dat is de vreselijke prijs die we gedwongen zijn te betalen, nog lang nadat de andere gevolgen van deze oorlog in Israël zullen zijn vergeten.
Maar er is nog iets dat in de geesten van deze miljoenen wordt geprent: het beeld van de ellendige, corrupte, passieve Arabische regimes. Vanuit Arabisch gezichtspunt steekt één ding boven alles uit: een muur van schaamte. Voor anderhalf miljoen Arabieren in Gaza, die zo verschrikkelijk lijden onder de oorlog, is de grens met Egypte de enige opening naar de wereld die niet wordt beheerst door Israël. Alleen daarvandaan kunnen voedsel en medicijnen aankomen. Deze grens blijft echter dicht. Het Egyptische leger heeft deze enige toegang afgesneden, zodat chirurgen gewonden zonder verdoving moeten opereren.
In de hele Arabische wereld echoën de woorden van Hezbollah-leider Hassan Nasrallah: de leiders van Egypte zijn medeplichtig aan de Israëlische misdaad, ze collaboreren met de ‘zionistische vijand’ om het Palestijnse volk te breken. Hij bedoelde daar niet alleen de Egyptische president Mubarak mee, maar ook alle andere Arabische leiders, van de koning van Saoedi-Arabië tot de Palestijnse president.
Dat zal historische consequenties hebben. Een hele generatie Arabische leiders, een hele generatie die doordrenkt is van de ideologie van het niet-godsdienstige Arabisch nationalisme, de opvolgers van Gamal Abd-al-Nasser, Hafez al-Hassad en Jasser Arafat, zou wel eens van het toneel geveegd kunnen worden. In de Arabische wereld is het enige levensvatbare alternatief de ideologie van het islamitisch fundamentalisme.
Deze oorlog schrijft een teken op de muur: Israël mist een historische kans vrede te sluiten met het niet-godsdienstige Arabische nationalisme. Dat betekent dat Israël morgen kan komen te staan tegenover een Arabische wereld die in zijn geheel fundamentalistisch is, een duizendvoudig Hamas.

Vertaling: Max Arian
Met dank aan Maarten Jan Hijmans