De dribbelpasjes van gorris

Er is een element aan de ingedikte en samengevatte familiekroniek Antonia van Marleen Gorris dat me erg bevalt. Dat zijn de fantastische visioenen van Antonia’s artistieke dochter. Als zij de lerares van haar dochterje binnen ziet komen, verandert die in de Venus van Botticelli. Een kruisbeeld en een lijk komen in de kerk tot leven en een stenen engel slaat een hypocriete pastoor tegen de grond. Het zijn leuke Fremdkorper binnen een verder tamelijk realistische film. Ze geven even de indruk dat in deze film alles mogelijk is, maar dan neemt een dwingende chronologie weer snel het heft in handen. Want Antonia heeft een lang en volledig verhaal te vertellen. Antonia wil vooral een film zijn over (het verstrijken van) de tijd. Het verhaal omspant maar liefst vier generaties (of zelfs vijf, als je de aan het begin van de film stervende moeder van Antonia meetelt) die onze helft van de eeuw worden gevolgd vanaf het einde van de oorlog tot de dag van vandaag. Een heuse familiekroniek met een in aanleg negentiende-eeuwse lengte, breedvoerigheid en diepgang.

Om die ambitie te onderstrepen is de figuur van Kromme Vinger in het verhaal geschreven. Kromme Vinger leeft in onmin met zijn tijd, met zijn omgeving en met zichzelf. Hij komt zijn huisje niet uit, maar voor de eigenzinnige Antonia, haar artistieke dochter Danielle, haar wonderkleinkind Therese en achterkleindochter Sarah is het een zoete inval. Kromme Vinger citeert weemoedig Schopenhauer en Nietzsche, verklaart de aarde tot een tranendal en beschouwt de tijd als een wrede uitvinding. Buiten zijn kluizenaarswoning valt het met de treurigheid van tijd en wereld wel mee. Antonia loopt opgewekt zaaiend als een Barbizon-boerin van Millet van seizoen naar seizoen en iedere grote of kleine tegenslag wordt nuchter en met ferme hand opgelost. In tegenstelling tot de visie van de gekoesterde Kromme Vinger leeft Antonia in een waar Arcadie. De vrucht van eerlijke landarbeid nuttigt men in de openlucht aan lange tafels alsof het noordelijke niemandsland is gezegend met een mediterraan klimaat.
Tussen de maaltijden en het zaaien rijgen zich in een hoog tempo de anekdotische en enerverende belevenissen van de protagonisten aaneen. Geheel in de stijl van een klassieke kroniek vertelt een stem off-screen wat er in het komende hoofdstuk staat te gebeuren, waarna in bondig gesneden beelden de aangekondigde gebeurtenissen worden getoond. In tegenspraak met de opzet en de thematiek van het verhaal heeft Gorris merkwaardig veel haast bij het verbeelden van haar kroniek. Soms lijkt de film eerder op de trailer van een epische film dan het verfilmde epos zelf. Kennelijk mocht haar film niet te lang worden. Er was stof genoeg voor een lange film in delen, zoals Novecento, of in vele afleveringen, zoals Heimat. Gorris had in grote stappen door haar verhaal kunnen gaan, maar ze koos ervoor om het in snelle dribbelpasjes te doen. En zo komt alles eventjes tot heel eventjes aan bod, van de verkrachting van een achterlijk buurmeisje door haar broer, de gewenste zwangerschap zonder vader van Danielle, de academische escapades van Therese, tot de candlelight-poezie van Sarah. Overal lijkt Gorris bij te willen zijn geweest in het volgen van de levenswandel van haar matriarchale dynastie. Des te vreemder is het als ze opeens een cruciale gebeurtenis overslaat. De verkrachting van de kleine Therese wordt onvolledig en elliptisch in de kroniek geweven. Het lijkt of Gorris hier even een bochtje moest afsnijden om nog net genoeg tijd over te houden om de gewapende wraak van Antonia in enkele shots te kunnen vangen.
Een epische kroniek die een volledig leven in beeld wil brengen heeft zelf ook adem en tijd nodig. Het ontbreekt Antonia vooral aan lengte, zoals ook Nouchka van Brakels portret van een vrouwenleven in Aletta Jacobs lijdt aan kortademigheid. Beide films gebruiken het op zich geoorloofde middel van de vertelstem om de sprongen in het verhaal te overbruggen, maar tussen de sprongen zijn de beelden te vaak illustraties en vertellen ze niet zelf iets.