De Franse beschaving na Louis XVI

Parijs – Fransen houden van hun geschiedenis; Parijzenaars van hun metro. De acteur en amateur historicus Lorànt Deutsch combineerde de twee en schreef met Métronome: l’Histoire de France au rythme du métro parisien (2009) een onverbiddelijke bestseller.

Hij schetst de geschiedenis van Frankrijk aan de hand van de metrostations van Parijs. In drie jaar tijd verkocht hij bijna twee miljoen exemplaren. Hier en daar mopperde een professionele historicus over feitelijke onjuistheden, maar over het algemeen werd Métronome, dat notenapparaat noch bibliografie bevat, lovend onthaald. Tot televisiezender France5 dit voorjaar een goed bekeken serie van het boek op het scherm bracht met Deutsch als presentator.

Sindsdien slijpt men de messen, vooral bij metrohalte Hôtel de Ville. Hier eiste een aantal communistische raadsleden onlangs dat het gemeentebestuur onmiddellijk de promotie van Métronome staakt. Deutsch treedt met regelmaat op voor Parijse schoolklassen en kreeg van de (socialistische) burgemeester Bertrand Delanoë de eremedaille van de stad Parijs uitgereikt. Volgens Alexis Corbière, de man die het grote publiek afgelopen jaar leerde kennen als sparringpartner van de uiterst linkse presidentskandidaat Jean-Luc Mélenchon, bevat het boek echter een ‘ideologisch geladen’ visie op de Franse geschiedenis, waarin de monarchie wordt opgehemeld en de Franse revolutie wordt gebasht.

Die kritiek is niet helemaal ten onrechte: op France5 heeft Deutsch het herhaaldelijk over ‘de grandeur van de monarchie’ en reserveert voor de revolutionairen termen als ‘verbeten’, ‘bruut’ en ‘vervolgers’. Ook warmt hij de oude mythe op dat de revolutionairen met zwavel het interieur van de Parijse kerken trachtten te vernietigen. ‘Het is een wonder dat de kerk van Saint-­Germain-des-Prés vandaag nog overeind staat.’

In interviews deed Deutsch zich eerder al kennen als een onvervalste royalist. Weliswaar noemde hij zich ‘kind van de Republiek’, maar dat nam niet weg dat hij verklaarde dat de Franse beschaving wat hem betrof bij Louis XVI was geëindigd. ‘Wat me royalist maakt’, stelde hij begin 2011, ‘is de wetenschap dat we komend jaar weer een heel jaar zullen verliezen eer we weten wie er zijn hoofd in het Paleis te ruste mag leggen.’ Voor de goede orde: Deutsch had het hier over de presidentsverkiezingen.

Le Figaro sprong inmiddels voor Deutsch in de bres. Volgens het conservatieve dagblad toont de aanval van de communisten in de eerste plaats de penibele staat waarin hun gedachtegoed verkeert. Ooit kozen ze immers nog tegenstanders van formaat: Raymond Aron (l’Opium des intellectuels, 1955), François Furet (Penser la révolution, 1978) of Stéphane Courtois (Le livre noir du communisme, 1997). ‘Nu wordt de aanval ingezet op een onschuldig boekje afkomstig van een potsenmaker. Als de communisten werkelijk vrezen dat _Métronome_het standbeeld van Robespierre serieus kan ondermijnen, zegt dat genoeg.’