Mode

De Franse slag

Kunst: Achttiende-eeuwse mode op En vogue!

Bijzonder vrolijk oogt het allemaal niet: schaars verlichte zalen vol achttiende-eeuwse japonnen die gemaakt lijken te zijn voor kindvrouwtjes met wespentailles. Het plezier is ver te zoeken op En vogue! – een sobere, statische en met tekstuitleg overladen expositie waar de bezoeker hard moet werken om een indruk te krijgen van waar het hier nu eigenlijk om gaat. Het is jammer dat de tentoonstelling zo onaantrekkelijk is opgezet, want zij heeft wel degelijk interessante ideeën te bieden. Met het samenbrengen van Ne derlandse en Franse modieuze kleding uit de achttiende eeuw verkent de expositie de reikwijdte van de Franse mode in het Europa van toen, en maakt zij de invloed van Franse mode op Nederlandse kleedstijlen zichtbaar. Verrassend genoeg blijkt de Franse invloed niet ondubbelzinnig. Hoewel Pa rijs, net als nu, toonaangevend was voor Europese mode, werd de Parijse mode in het Nederland van de late achttiende eeuw allerminst klakkeloos gekopieerd. Door Pa rijs geïnspireerde Nederlandse ja ponnen kenden aanzienlijke verschillen met de originele ontwerpen: Nederlandse fabrikaten toonden een voorkeur voor blauwe stoffen in plaats van veelkleurige dessins, en waren voorzien van minder in het oog springende borduursels dan de tierlantijnen van de Franse ontwerpen. In de garderobe van de Nederlandse vrouw werden ook aanpassingen aangebracht uit zuinigheidsoverwegingen: een «robe tunique», een in na volging van negligés ontwikkeld eenvoudig ka toenen gewaad, werd bijvoorbeeld voorzien van een rugplooi die afkomstig was uit een afgedragen Franse japon.

De tentoonstelling stelt de vermeende hegemonie van Frankrijk in de achttiende-eeuwse Europese mode ter discussie. De Engelse mo de, die soberder en minder kleurig was dan de Franse, was in Nederland uitermate populair. In de twee de helft van de achttiende eeuw werd de rol van Engeland op de internationale modemarkt steeds groter, en raakte zelfs Parijs beïnvloed door de Britse eenvoud. De Engelse jurken waren wat be treft snit, decoratie en stoffen zo ingetogen dat een jurk werd uitgevoerd in een enkele kleurstelling en zonder broderie, rugplooi en rugkleed. Hoewel deze stijl de Franse robes met hun uitbundige kleuren en versiersels niet verving, hadden zij er wel een geduchte concurrent bij.

Voor iedereen die is opgegroeid met het idee dat Parijs van oudsher modestad nummer één is (en wie is dat niet?) levert En vogue! dus welkome nuanceringen. En passant wordt bovendien de nieuwsgierigheid gewekt naar de macht van de Franse mode van nu en in hoeverre die zich handhaaft in het huidige tijdperk, een thema dat binnenkort in een modetentoonstelling in het Utrechtse Centraal Museum aan bod komt. De schoolmees ter achtige expositie in het Gemeentemuseum speelt helaas weinig in op de verrassende ideeën en mogelijke actualiteit van haar boodschap. De zeven creaties van Eric Frenkens afstudeercollectie uit 2002, die wor den getoond om de invloed van historische modes op hedendaagse ontwerpen te laten zien, zijn wat dit betreft niet erg behulpzaam. De heupverbreding in de rokken is de enige in het oog springende parallel met vroeger, terwijl zich verder vooral overeenkomsten met twintigste-eeuwse Nederlandse mode opdringen. Het is extra jammer dat de vuistdikke catalogus niet be paald bedliteratuur is.

En vogue!

Mode uit Frankrijk en Nederland in de achttiende eeuw

Gemeentemuseum Den Haag, tot en met 4 december