Menno Hurenkamp

De gehaktmolen

De regering is vast van plan in het ambtenarencorps te snijden. De aanleiding is niet veel meer dan dat het land minder geld moet uitgeven. De overtuiging dat je bepaald werk eigenlijk met minder mensen kunt doen wordt in elk geval in het regeerakkoord nauwelijks uitgewerkt. Ook het idee dat ambtenaren niet deugen en daarom moeten verdwijnen speelt geen rol. Wat de reden ook moge zijn, over de domheid van dit plan heeft inmiddels iedereen die een toetsenbord kan vasthouden alweer de staf gebroken.

Twee types argumenten zetten daarbij de toon. Het ene argument is praktisch: dat je ze niet kunt wegbezuinigen. Elke regering probeert het, maar het ambtenarenapparaat is eigenlijk een gehaktmolen. Die kun je ook niet in zichzelf vermalen. De dienaren van de staat plegen vruchtbaar obstructie zodra hun eigen positie op het spel staat. Ze zorgen voor vertraging of creëren elders nieuw en ogenschijnlijk noodzakelijk werk. Het andere argument is organisatorisch. Naarmate je minder ambtenaren aan het werk hebt, besteed je meer werk uit. Dat kost vaak veel geld omdat consultants duur zijn. Bovendien zijn commerciële adviseurs maar moeilijk verantwoordelijk te houden voor de resultaten van hun werk. Dat laatste geldt ook voor semi-publieke organisaties die het werk van de ambtenaren kunnen overnemen.

Bezuinigen op ambtenaren, niet doen dus. De Volkskrant van afgelopen zaterdag bevatte een heel katern dat de bureaucratie tegen het licht hield. De krant heeft tenslotte een substantieel deel ambtenaren onder zijn lezers. De conclusie is dat de ambtenaren van hoog tot laag trouw zijn aan hun politieke baas, loyaal tot op het saaie af. Het is de politiek die voor de fouten in het systeem zorgt door geen keuzes te maken — zo speelt de krant de bal terug naar de regering namens het verzamelde ambtenarencorps en de vakbonden. Als de politiek zou durven zeggen: dit willen we wel, en dit niet, dan zou er niet zo veel beleid gemaakt worden waar eigenlijk iedereen ontevreden over is. Als afweer tegen de bezuinigingsoperaties schikt de ambtenarij zich tijdelijk in het sluimerende machtsconflict. Is de ambtenaar nog wel loyaal aan de politiek? Het antwoord (ja) betekent eigenlijk dat dan dus ook niet gezeurd mag worden door die politici.

Over de vele manieren om het werk van die overheid anders te organiseren, hoor je de ambtenaren in verzet niet. Dienstverlening aan burgers, toezicht op burgers en op uitvoering van beleid, besluitvorming over de meest uiteenlopende lokale politiek kun je opener en sneller organiseren. Dat blijkt uit voorbeelden uit landen als Engeland, Denemarken en Finland. Door de conflicten die de afgelopen jaren speelden tussen ambtelijke top en politiek is het wel verklaarbaar dat hier de strijd tussen politieke baas en ambtelijke hond nog altijd een prominente plaats op de agenda heeft. Maar in plaats van in het aangezicht van een paar stevige klappen horigheid te belijden zou de ambtenarij er beter aan doen de noodzaak tot innovatie van de publieke sector uit te dragen. Daar krijg je als staatsdienaar vast af en toe gedonder mee. Dat risico slikken heeft niets schokkends maar is deel van de modernisering van de verhoudingen tussen ambtenaren en politiek.