De gekwelden van arizona

Rhonda Zwillinger, The Dispossessed Project. Kunstruimte Witzenhausen, Laurierstraat 41, Amsterdam; t/m 16 maart.
Wie bekend is met het werk van de Amerikaanse kunstenaar Rhonda Zwillinger, denkt waarschijnlijk aan uitbundige decoratie, aan kleurrijke vertrekken vol pracht en praal. Haar zorgvuldig geensceneerde interieurs en meubelstukken, samengesteld uit ontelbare kralen, edelstenen, bijouterieen op satijn, getuigen van vele uren ateliervlijt. Haar oeuvre is oververzadigd van kleur en rijkdom. Vergiftigd snoepgoed.

En nu is ze zelf vergiftigd. Zwillinger lijdt aan MCS (Multiple Chemical Sensitivities), een nauwelijks erkende, ongeneeslijke chronische kwaal. De enige verlichting wordt gevonden door te emigreren naar de laatste stukjes schone aarde. Voor Amerikanen is dat de hete droge lucht van Arizona. Daar woont ze nu, in een aangepast huis dat als een filter om haar heen staat. Want ook daar zijn de PCB’s met hun talloze neefjes allang aan het oprukken.
Of het komt door het jarenlang werken in de scherpe lijmlucht zullen we niet weten. Ze moet al die tijd heel wat plaksel hebben gebruikt om haar horror vacui te bezweren. Maar de ontmoeting met lotgenoten in en rond Tucson heeft haar tot het inzicht gebracht dat eigen schuld niet de ware oorzaak van haar lijden kan zijn. Arizona blijkt een hele kolonie hyperallergische mensen te kennen, die om de meest uiteenlopende redenen hun huis en haard hebben moeten verlaten: oorlogsveteranen, vrouwen met silico nen-borstimplantaten, industriearbeiders, boeren, slachtoffers van zieke gebouwen of gewoon inwoners van grote steden. Al met al duizenden vluchtelingen voor de consequenties van de vooruitgang, mensen die op een of andere manier een onverdraagzaamheid hebben ontwikkeld ten aanzien van de tienduizenden chemicalien die sinds de Tweede Wereldoorlog in omloop zijn gebracht. Slechts enkele van deze stoffen zijn toxicologisch onderzocht; van de overige mag je alleen hopen dat ze meevallen.
Voor een toenemend aantal mensen vallen ze niet mee. Berooid, niet in staat om te werken of contact te hebben met medemensen, wonen ze als nomaden in tenten of oude trucks. Ze lijden aan hoofdpijn, slapeloosheid, permanente misselijkheid, depressies, beverigheid en zo door. Het enige wat ze nog hebben is ook meteen wat ze in leven houdt: redelijk frisse lucht.
De omvang van de groep gekwelden is zo groot dat Zwillinger haar lijmvergiftiging als een teken ging zien van een kosmisch drama: de vergiftiging van de planeet. Ten teken van nood is ze begonnen al deze zieken te fotograferen. Dit is haar nieuwe werk. Waarschuwingskunst. En het hangt gewoon in een galerie in de Laurierstraat. Alsof er niets aan de hand is… Wat ze er in de eerste plaats mee wil bereiken is ‘bewustwording’. Ik leen me graag voor deze wens: Ga kijken!
Vervolgens rijzen de bekende vragen. Is het ook kunst? Natuurlijk niet omdat het toevallig bij Jaap Witzenhausen in de galerie hangt. Ook wordt weer eens duidelijk dat een artistieke kwalificatie niet wordt verkregen door het mooie plaatje. De grote zwart-witfoto’s blinken alleen uit door hun dwingende oproep tot empathie met de geportretteerde, niet met het medium. Het is onmogelijk uit te maken of hun indrukwekkendheid nu wordt veroorzaakt door het sterke beeld of door het sterke onderwerp.
Het doet er ook bijzonder weinig toe. Zwillinger maakte voorheen intense beelden van zaken waar ze vol van was. Die beelden zijn nu net zo intens, alleen is het nu een heel andere zaak, die, inderdaad, ver boven het artistieke domein uitstijgt. De vraag naar de grenzen van dat domein is daarmee ook irrelevant geworden.
Waar ik wel aan twijfel is of de behoefte om beschavingskritiek in concrete gevallen te medicaliseren, uiteindelijk niet het paard achter de wagen spant. Het lijkt slim een ziekte te emanciperen. Maar alleen bij epidemische omvang worden we daar ook echt bang van. Het is de terugkerende bedenking bij 'bewustzijnsbevordering’.