De Georgische oppositie kampeert voor het parlement

Tbilisi – ‘We hebben hem zo het land uitgeschopt’, zegt Kakha Kvekveskiri met een flikkering in zijn ogen. De leider van de oppositiebeweging Movement for Georgia was een van de honderden woedende demonstranten die rauwe eieren tegen de ramen van een hotel in de hoofdstad Tbilisi gooiden. Ze waren gericht op de Russische journalist Vladimir Pozner, die met Pasen veertig gasten uit Rusland met een privé-jet invloog om zijn 87ste verjaardag te vieren, en bewust de avondklok en andere corona-preventieregels brak.

Een provocatie, vindt Kvekveskiri. Pozner is een van Ruslands bekendste tv-presentatoren en deed eerder opruiende uitspraken over Abchazië – een betwiste post-sovjetrepubliek in het westen van het land, die zich in 1992 met hulp van het Kremlin autonoom verklaarde en slechts door enkele landen ter wereld wordt erkend. Pozner verkondigde dat Abchazië nooit weer tot Georgië zou behoren, en daarom beschuldigen de demonstranten hem van propaganda voor de ‘Russische bezetting’ van Georgische en Oekraïense gebieden.

Het ei-incident illustreert de spanning tussen de pro-Europa-oppositie en de heersende regeringspartij De Georgische Droom, gecontroleerd door de pro-Russische oligarch Bidzina Ivanisjvili – een miljardair met sterke Moskou-connecties. Zijn partij eiste in november de overwinning in de parlementsverkiezingen op. Transparency International hekelt de corruptie van het regime en stelt dat Ivanisjvili belangrijke Georgische openbare instellingen, waaronder openbaar aanklagers en staatsveiligheidsdiensten, in dienst heeft weten te stellen van zijn particuliere zakelijke belangen.

‘Poetins vriend is onze vijand’, zegt Kvekveskiri. Hij staat midden in een tentenkamp pal voor het parlementsgebouw in Tbilisi. Amerikaanse en Georgische vlaggen wapperen in de wind, en een sticker met Putin Huilo – ‘Poetin is een lul’, een populaire slogan ontstaan in Oekraïne tijdens de Russische annexatie van de Krim in 2014 – prijkt op een tent. Hier kampeert Kvekveskiri sinds november samen met honderden activisten en oppositieleiders in protest tegen de volgens hen ‘gestolen verkiezing’.

Het osce, dat als onafhankelijke waarnemer optrad, concludeerde dat de fundamentele vrijheden over het algemeen werden gehandhaafd, maar ook dat kiezers onder druk werden gezet en dat de grens tussen de regerende partij en de staat lijkt te zijn vervaagd.

De Europese Unie heeft al meerdere diplomaten gestuurd om de maandenlange politieke impasse te doorbreken – zonder succes. Op de vraag hoelang ze nog blijven kamperen, zegt Kvekveskiri vastberaden: ‘We gaan niet weg totdat de boeven uit ons parlement zijn!’


Aanvulling 21/04/21: Sinds de publicatie van dit artikel hebben de regerende Georgische Droom-partij en oppositieleiders na diplomatieke tussenkomst van Charles Michel, de President van de Europese Raad, een overeenkomst getekend. Het akkoord belooft de vrijlating van twee gevangengenomen oppositieleiders en zet een reeks electorale en gerechtelijke hervormingen uiteen. Na een boycot van zes maanden zal de oppositie naar verwachting haar parlementaire werk weer oppakken.