Toneel

De geur van biestpannenkoeken

Toneel: Biest

Als kind sliep ik op onze boerderij boven de stal. Wanneer een jonge koe op punt van kalveren stond hoorde ik een geloei dat door merg en been ging, de angstkreet van een dier dat op het punt staat iets te gaan meemaken dat het nog niet kent. Soms mocht ik komen kijken bij de bevalling. Dan zag ik mijn vader in een rol waar hij meester in was: de liefdevol opererende verloskundige aan het kraambed van een koe. Hij aaide en praatte en als het moest kon hij op het juiste moment verwoed trekken, bijna wreed, maar met een goeie timing. Als het kalf een veilig plekje had gekregen, begon pa de jonge moeder te melken. Het resultaat was een halve emmer biest, een zeldzaam romige melk, waarover de raarste verhalen de ronde deden. Zo zou er bloed in zitten, je mocht het nooit drinken – allemaal onzin. Mijn moeder bakte biestpannenkoeken, zonder appels of spek, pure biestpannenkoeken. Het waren op afstand de lekkerste pannenkoeken die ik ooit gegeten heb.
Biest heet de voorstelling van de Brabantse toneelformatie De Wetten van Keppler, de tekst is van Herman van Wijdeven, de regie van Jos van Kan. Marlies Hamelynck speelt de moeder, Wendell Jaspers de dochter, de tenor Jan Kullmann dwaalt zingend door het boerenlandschap: een decor bestaand uit de zuignappen van melkmachines. In mijn kindertijd werden koeien «op de hand» gemolken, een erotiserende handeling trouwens, kundig ritmisch trekken aan de spenen van die enorme uiers, waar het geluid bij hoorde van vocht dat stroomt in een tintelfris geboende emmer. Die melk werd gegoten in een eveneens schoongeboende melkbus en als die vol was rolden we de bus naar de straat, waar de vrachtwagen van de Coöperatieve Melk Centrale cmc hem kwam ophalen. De introductie van de melkmachine maakte het melken mechanisch, alles werd naar een reservoir gepompt dat door de cmc steriel werd leeggezogen. De zuignappen van de melkmachine staan voor mij voor het definitieve einde van de boerderij uit mijn jeugd. Biest is een voorstelling over dat einde van de ambachtelijke boerderij, lang voordat het «biologisch boeren» werd uitgevonden, dat trouwens weer een antwoord was op de mechanische «intensieve veehouderij». Biest is een tragikomedie over onze agrarische historie. Het stuk vertelt de geschiedenis áchter de tranen van de boer, wiens vee tegenwoordig geregeld wordt «geruimd».

Een stugge boerin zit gekluisterd aan haar stoel, ziek, verlamd, autistisch, blind en doof voor de acute problemen. Die door haar dochter ook bekwaam worden verzwegen. Zwijgen, daar waren (en zíjn) de boeren en boerinnen meesters in. Zwijgen over ophanden zijnde saneringen, ruilverkaveling (een soort stalinistische herverdeling van weilanden in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw), grote schulden, het wegkijken als er griezelig uitziende enveloppen bij de post zitten. Het zit allemaal in Biest. De voorstelling zingt zichzelf los van de streekromananekdote. Ze gaat over opgekropte haat, de hel van het rauwe boerenleven. Maar niet een-op-een, geen plat sociaal-realisme, geen Merijntje Gijzen. De scènes zijn hard op elkaar gesneden, de troost zit in het gezongen commentaar van de tenor, een Orpheus die is verdwaald in een stinkende, dampende stal vol stro en schijt en pis. En vol koeien.

Biest is goed toneel – en goed toneel, dat is voor mij ordening van wat voor het individu ooit chaos leek. Herinneringen aan liefdeloosheid en dreigende ondergang, dat zijn de tekens van chaos waar ieder mens zijn eigen angstvisioenen over heeft. Deze voorstelling zit er boordevol mee. Die angsten worden hier kundig geordend, behendig als puzzelstukken naast, achter en door elkaar heen gelegd. Als de boerenzoon Loek Zonneveld werd ik tot ver achter mijn hartkleppen geraakt door Biest. Als de geoefende toneelkijker Loek Zonneveld zag ik een prachtige tragedie over Nederland als afgeschreven boerenland.

Thuisgekomen zat in mijn neusvleugels de geur van biestpannenkoeken.

Biest door De Wetten van Kepler, op 5, 6 en 7 september in het Nieuwe Theaterfestival van Nederland en Vlaanderen (26 augustus tot en met 13 september, www.tf-1.nl). Daarna nog in Den Bosch, Purmerend en Roosendaal. www.wettenvankepler.nl