De grens is bereikt: geef zorg en onderwijs meer lucht

De politie heeft de handen zo vol aan de opvang van verwarde mensen op straat dat ruim driekwart zich vaak ‘machteloos’ voelt, zo blijkt uit onderzoek van Investico. Agenten verliezen regelmatig de controle over de situatie, maar dat zijn ze nog wel gewend. Wat hen eerder tot ‘wanhoop’ drijft zit in iets anders: het zijn grotendeels steeds dezelfde mensen met psychische problemen die voor overlast zorgen. Zij jojoën de ggz in, en weer uit, wat het gevolg is van, al weer, nieuwe wetgeving – en daar wordt het toch al krap bemeten ggz-personeel radeloos van.

Dezelfde noodkreten hoor je onder leraren, verpleegkundigen en artsen. Met dezelfde diepere oorzaak. De publieke sector is in de greep geraakt van reorganisatie, schaalvergroting, bestuurlijke decentralisatie en, ten dele, privatisering. Een efficiencyslag vanuit ‘Den Haag’ die gepaard ging met bezuinigingen en het verschuiven van geldstromen, met uitdijende bureaucratie en dito administratielast voor de dienstverleners op de werkvloer tot gevolg. Dit riedeltje is inmiddels overbekend, net als het netto resultaat.

Rutte en co wordt het aangerekend, maar ‘Paars’ zette al de bijl in de verzorgingsstaat

De ‘economisering en pedagogisering’ heeft het onderwijs in de ellende gestort, zegt een gepensioneerde lerares over dertig jaar ineffectief onderwijsbeleid. Het verlies van kwaliteit komt onder meer tot uiting in een dramatische daling van leesvaardigheid en leesplezier bij leerlingen – en dat levert laaggeletterde volwassenen op. Docenten op hun beurt zuchten onder pedagogen en managers die voor hen bepalen hoe ze moeten lesgeven, inclusief aan leerlingen die om extra aandacht en expertise vragen en die via het ‘passend onderwijs’ in het basisonderwijs zijn beland. Door het aantasten van de autonomie in het klaslokaal haken velen af, de passie voor het vak ten spijt.

De gezondheidszorg is de aanjager geworden van een systeemimplosie. Zorgverzekeraars en bestuurders hebben sinds de invoering van de Zorgverzekeringswet (2004) ‘zorg’ zo krap ingekocht dat er geen marge is voor een calamiteit. Te weinig capaciteit van ic- en high care-bedden en verplegend personeel legt de hele economie lam. In ‘de beste zorg ter wereld’ wordt tot wanhoop van cardiologen, oncologen en kinderartsen de reguliere zorg opnieuw uitgesteld. Ook hier geldt: de trend is er al langer. De zorg moest ‘betaalbaar’ blijven door een combinatie van marktwerking en bezuinigingen. Er kwamen managers op de werkvloer waar niet alleen verpleegkundigen onder lijden. Ook artsen ervaren te weinig autonomie en ‘lucht’ in hun spreekkamer.

Ggz-personeel, docenten, verpleegkundigen – zij hebben een hoge burn-outscore, ondanks de liefde voor het vak. Terecht wordt dat het neoliberalisme van Rutte & co aangerekend. Maar het begon al eerder, in de jaren negentig zette ‘Paars’ op de vleugels van een mondiale beweging de bijl in de verzorgingsstaat. Daar zat toen wel wat in, de overheid was te vet, te log, te paternalistisch. De doorgeschoten slingerbeweging heeft door de corona-epidemie een precaire grens bereikt. De prijs van wat kostbaar is – de publieke sector – wordt nu duur betaald.

Voorlopig zegt de overheid in reactie op de razendsnelle toename van het aantal covidbesmettingen: sociale contacten beperken en nog eens beperken. De nieuwe maatregelen drijven iedereen tot wanhoop. Maar er is een klein lichtpuntje: het aantal aanmeldingen bij de pabo’s en de verpleegopleidingen neemt rap toe. Natuurlijk, het is maar een deeltje van de oplossing, die ligt dieper: in een systeem met meer marge en lucht.