FILM Knowing

De grenzen van genre

Wie halverwege Alex Proyas’ sciencefictionfilm Knowing de bui al ziet hangen, kan zich maar beter overgeven aan de tenenkrommende ontwikkelingen die de plot vanaf dat moment ontsieren. Dat is jammer, want de climax van het verhaal bevat een paar uitstekende scènes en sommige waarlijk angstwekkende momenten.
Nicolas Cage speelt de rol van John Koestler, een wetenschapper wiens zoontje Caleb op school een mysterieuze brief in handen krijgt, vijftig jaar geleden geschreven door een meisje dat met cijfercombinaties allerlei rampen voorspelde. Wanneer John zich realiseert dat de voorspellingen zijn uitgekomen, en nog steeds uitkomen, stelt hij een onderzoek in. Hij komt in aanraking met de dochter van de brievenschrijfster, Diana Wyland (Rose Byrne), en haar dochtertje, Abby. Dan wordt zowel Abby als Caleb zich bewust van fluisterende stemmen, die alleen zij kunnen horen.
Deze verhaalelementen laten zien dat Proyas, werkend met een origineel script, de grenzen van genre probeert te verkennen, en dat is een interessante benadering. Wat gebeurt er als je verschillende conventies met elkaar vermengt? Knowing is hard science fiction, fantasy, horror, spirituele thriller en apocalyptische rampenfilm in één. Vooral in deze laatste vorm is de film spannend. De scène waarin een vliegtuig naast een snelweg neerstort terwijl Koestler toekijkt, is adembenemend. Hier komt bij dat de hoofdrolspelers hun taak doen: Nicolas Cage speelt voor het eerst in jaren weer eens een goede rol, en Rose Byrne, die voorheen uitblonk in nog een apocalyptische thriller, 28 Weeks Later (2007), lijkt een superster-in-de-maak.
Maar het gaat mis, het gaat vreselijk mis met Knowing. Vooral in de tweede helft van de film. Je kunt je hier overheen zetten (vertellen hoe je dat precies zou kunnen doen, zou te veel weggeven van de plot) maar dan nog is de vraag waarom je dat überhaupt zou moeten doen. Immers, geloofwaardigheid staat op het spel. Dat is ook wel vaker het geval in dit voor velen controversiële genre. Margaret Atwood, bijvoorbeeld, gebruikt de term ‘speculative fiction’ om te proberen de literaire sciencefiction te onderscheiden van het meer platvloerse soort, boeken met andere woorden waarin ‘raketten, chemicaliën en pratende octopussen in de ruimte’ voorkomen, zoals zij ooit zei. Wat Atwood bedoelt, is dat sciencefiction geloofwaardig moet zijn, een reflectie van herkenbare werkelijkheden. Nu is ook dat contentieus; raketten, chemicaliën en pratende weekdieren komen immers voor in het werk van de beste schrijvers van het genre, van Jules Verne tot H.G. Wells, van Michael Crichton tot Kim Stanley Robinson. Zelf schrijft Atwood ironisch genoeg aan de lopende band sciencefiction. Later dit jaar komt haar postapocalyptische roman The Year of the Flood uit, waarin de aarde is verwoest en de grenzen tussen religie en wetenschap verdwijnen.
In welke categorie valt Knowing? Er zit veel pulp in deze film, bijvoorbeeld de scènes waarin duidelijk wordt dat de aarde zal worden vernietigd, maar deze zijn ook te weinig om echt opwindend te zijn. En er zijn serieuze ideeën, maar net iets te veel om tot een spannend, met conflict beladen verhaal te leiden. Uiteindelijk wreekt de genrevermenging zich en valt Knowing precies tussen de twee polen van Atwoods paradigma in. En is de film vlees noch vis. Tijdens de aftiteling is het overheersende gevoel: met dit verhaal en deze regisseur, die immers eerder de genreklassieker Dark City (1998) maakte, had de film veel interessanter en beter kunnen zijn.

Te zien vanaf 9 april