De groene kanselier tegen shell

Wat een bleke bedoening, dat protest van de Nederlandse regering tegen de voorgenomen dumping van het boorplatform Brent Spar in de Atlantische Oceaan. Hans Wijers kwam niet verder dan de met doodsverachting uitgesproken mededeling dat de minister zijn chauffeur ‘niet zou ontraden om het tanken bij Shell voorlopig maar even te staken’. Nee, dan de Duitse bondskanselier. Hoewel de actie van de regering-Kohl ook niet vrij is van rare Groot-Duitse sentimenten - het gemak waarmee de Noordzee en de daarboven gelegen regionen tot een Duitse mare nostrum werden benoemd - siert het Kohl dat hij zich zonder al te veel diplomatieke hoofdbrekens posteerde als woordvoerder van de allergroenste Grunen.

Het is zeker niet de eerste keer dat de Duitse regering zich op Europees niveau doet kennen als de koploper in de zorg voor het milieu. Tijdens de mondiale top over de desastreuze gevolgen van chemisch gestuurde klimaatswisselingen, eerder dit jaar in Berlijn, nam de Duitse delegatie ook onomwonden het voortouw met het proclameren van radicale maatregelen. Aan dat soort lef ontbreekt het in het politieke middenveld van de Lage Landen eigenlijk nog geheel, alle verkiezingsretoriek ten spijt. Vermoedelijk speelde de traditionele schatplichtigheid van de politieke mainstream van Nederland aan de Koninklijke Olie een rol in de gedemptheid van het politieke protest in de Brent- Sparaffaire. Dat Frits Bolkestein zich afgelopen maandag voorstander verklaarde van de veel milieuvriendelijkere en dito duurdere variant van de sloop van het platform aan land siert hem als oud-Shell- werknemer natuurlijk zeer. Echt applaus had de liberale fractieleider echter pas verdiend als hij zijn minister Jorritsma had aangespoord om die optie naar het opperste vermogen te verdedigen. Nu droop Jorritsma na een treffen met haar Britse collega wel heel snel af.
Interessant zijn de scheuringen die in het Shell-bolwerk ontstaan als gevolg van de steeds massaler wordende boycotactie. Hoewel Shell-Nederland het publiek eerst nog via paginagrote verklaringen in de dagbladen probeerde te overtuigen van de rechtmatigheid van de dumping, distantieerde de vaderlandse tak van het concern zich later van het plan van de Britse tak die verantwoordelijk is voor de Brent- Sparoperatie. Het begrip multinationaal krijgt er een extra dimensie van.
Ondertussen laat Greenpeace weer eens een staaltje zien van haar vermogen om de wereldopinie per spektakelstuk te regisseren. Jammer alleen dat de organisatie Esso geheel ongemoeid laat, terwijl die firma toch ook voor de helft eigenaar is van het vermaledijde platform. Beschuldigingen als zouden de milieuridders zich bezondigen aan zakelijke partijdigheid, die steeds vaker de kop opsteken, krijgen zo meer betekenis. Niettemin verdient de actie tegen de dumping enige bewondering. De aanklevende gevaren zijn uiteindelijk evident. Een van de twee Franse geheime agenten die verantwoordelijk waren voor de aanslag op de Rainbow Warrior, viert momenteel triomfen met haar memoires. Met dergelijke tegenstanders zijn de paardemiddelen van Greenpeace nog maar kinderspel.