De heilige olie van van mierlo

Zelfs president Clinton reageerde positief op Nelson Mandela’s oproep tot een olieboycot van Nigeria. Zoniet onze regering. Het kamerdebat naar aanleiding van de moord op Ken Saro-Wiwa en de zijnen was een schijnvertoning. Het was aangevraagd door de PvdA, die luidkeels aandrong op ‘harde acties’, maar bij wijze van draconische maatregel niets beters kon bedenken dan een sportboycot. Woordvoerster Verspaget maakte wel gewag van handelssancties, maar ‘niet als Nederlandse bedrijven en burgers hiervan de dupe worden’. Sinds de herijking van het buitenlandbeleid mag het leven van een paar zwartjes kennelijk geen cent meer kosten. Ook verwachtte zij veel heil van verwijdering van Nigeria uit de Veiligheidsraad, maar helaas voorziet het VN- Handvest daar niet in. Kortom, de sociaal- democraten wilden geen harde actie, maar gratis publiciteit.

De VVD had bij monde van Bolkestein, de Haagse zetbaas van Shell, al laten weten niets in een olieboycot te zien. D66 had weer eens geen mening, zodat Van Mierlo het partijstandpunt moest verwoorden. Welnu, de minister verklaarde dat hij elke actie van harte wilde steunen, behalve uitgerekend een olieboycot, die hij ‘om technische en juridische redenen onhaalbaar’ achtte. Klinkklare onzin. De wereld houdt al jaren een olieboycot in stand tegen Libie, dat nota bene dezelfde lichte, zoete olie produceert als Nigeria. Zo'n boycot is juridisch zeer wel mogelijk en de betreffende oliesoort is ook na raffinage nauwkeurig te traceren, zodat de technische bezwaren uit de lucht zijn gegrepen.
Maar neen: 'Het reisverbod dat de Europese Unie overweegt in te stellen tegen de Nigeriaanse elite doet de machthebbers veel meer pijn’, orakelde de minister. Hij verwees naar een mededeling van de Shell- top dat het bedrijf gaat bemiddelen tussen de Nigeriaanse regering en de Ogoni’s en besloot met de woorden: 'Dat is ook de wens van de zoon van Saro-Wiwa.’
Een perfide uitspraak, die de suggestie moest wekken dat Ken Wiwa het werk van zijn vader voortzet en dat diens nagedachtenis dus bij Shell in goede handen is. Van Mierlo hoort te weten dat Ken Wiwa om persoonlijke redenen niet in de voetsporen van zijn vader wil treden en zich daarom niet voor of tegen een olieboycot uitspreekt.
De jongere broer van Saro-Wiwa doet dat wel. Owens Wiwa vertelde afgelopen zondag in The Observer onder meer dat hij deze zomer drie gesprekken had gevoerd met de Shell-directeur in Nigeria, waarin deze had beloofd zijn invloed te zullen aanwenden om Saro-Wiwa vrij te krijgen, mits de protestbeweging tegen Shell werd beeindigd. Regelrechte chantage dus, waaruit tevens blijkt hoeveel druk Shell desgewenst op de Nigeriaanse leiders kan uitoefenen. Onafhankelijke deskundigen, onder wie Britse diplomaten en onderzoekers van het Transnational Institute van de Verenigde Naties, bevestigen desgevraagd dat Shell op het allerhoogste niveau samenwerkt met het Nigeriaanse regime. Het aangewezen middel om aan deze weerzinwekkende symbiose een einde te maken is een maatregel die zowel Shell als de Nigeriaanse leiders in het hart treft, namelijk een olieboycot.