21 vragen aan Alfred Birney

De hoed en de vos

In 2017 won Alfred Birney (Den Haag, 1951) de Libris Literatuur Prijs voor zijn magnum opus, De tolk van Java. Hij heeft geen romans op zijn nachtkastje liggen, maar valt wel in slaap bij de Griekse klassieken.

‘Ik schrijf op gevoel en soms kom ik een analyse tegen waar ik wat van leer’ © Eddo Hartman

Welk boek ligt naast uw bed?

‘Er ligt geen boek naast mijn bed. Ik lees nooit in bed. Ik lees nu wel De eerste keer dat ik mijn hoed verloor van Colette. Hierin beschrijft ze eens een kat… Ik sloeg dat open en weet je wat ik dacht? Ik kan niet schrijven! Ik schrijf al dertig jaar, maar zíj is geweldig. Ik lees óók Het hoofdkussenboek van Sei Shonagon. Onlangs heeft Jos Vos de eerste Nederlandse vertaling gemaakt – direct uit het Japans. Ik mocht daar dus een voorwoord voor schrijven. Niet dat ik het dáárom lees, maar ik ben erg benieuwd naar de verschillen tussen de vertalingen (tussen de oude vertaling via het Engels en de directe vertaling vanuit het Nederlands – ai).’

Als u iets zou kunnen veranderen aan wat u heeft geschreven door de jaren heen, wat zou dat zijn?

‘Er wordt nogal flink gemoord in het vierde hoofdstuk van De tolk van Java. Dat zou ik wel willen veranderen. Ik heb dertien romans geschreven, ik denk dat ik ze allemaal wel zou willen veranderen. Je kan beter vragen welke ik niet hoef te herschrijven! Rivier de Lossie is volgens mij het enige boek dat ik niet zou hoeven herschrijven. Alle andere boeken zou ik wel willen aanpassen.’

Welk boek, geschreven door iemand anders, zou u zelf geschreven willen hebben?

‘Vroeger was dat altijd Honderd jaar eenzaamheid van Gabriel García Márquez. Maar wat ik nu zelf zou schrijven? O ja, ik vind The Road van Cormac McCarthy wel goed. Toen ik dat een paar jaar geleden las, dacht ik: “Hé, die zou ik wel willen schrijven!” – maar dan natuurlijk wel beter.’

Wie van uw tijdgenoten wordt over honderd jaar nog steeds gelezen?

‘Hahaha, nou, niemand. Mijn hemel, over honderd jaar? Wat een moeilijke vraag… Het is toch allemaal rotzooi. Mijn oude boeken in ieder geval niet. We hebben wel goede schrijvers, maar of ze over honderd jaar nog worden gelezen? Ik denk dat Sei Shonagon nog wordt gelezen. Ze wordt al duizend jaar gelezen dus waarom over honderd jaar niet meer? Maar dat is geen tijdgenoot. Het spijt me, maar ik denk niemand.’

Wie zijn uw favoriete dichters?

‘Toen ik jong was heb ik bijna alles gelezen van Shelley. Ik lees ook graag J.C.J. van Schagen. Ik heb wel losse gedichten die ik steeds herlees, zoals het Egidiuslied. Dat is een mooie. Maar ik heb geen echte dichters die ik lees.’

Welke schrijver is naar uw idee het meest overschat?

‘Dit is een lelijke, zo krijg ik ruzie. Het zijn er veel! Ik denk Salman Rushdie. Hij kreeg de fatwa over zich heen omdat hij de profeet Mohammed had beledigd. Doe mij maar Colette.’

Welke film is naar uw idee het meest overschat?

‘Al die Amerikaanse shit is overschat. Het is allemaal rotzooi. Als Meryl Streep op de rol staat, kijk ik al niet. Ik ben een beetje gefocust op Japanse, Koreaanse en Chinese cinema. Ken je Spring, Summer, Fall, Winter… and Spring? Die heb ik laatst voor de zesde keer gekeken. Het leven is herhaling hè en je ziet in deze film een hele levenscyclus. Je ziet iemand geboren worden, een leven leiden, een kind krijgen en vervolgens ook het kind een leven leiden. Ik vind het echt prachtig.’

Heeft een recensent ooit iets kritisch over u geschreven waarvan u dacht: hij heeft een punt?

‘De tolk van Java kreeg natuurlijk veel recensies. Vooral met die recensies was ik het eens. Recensenten schreven dat er wel iets minder geweld in had gemogen. Een paar bladzijden minder had wel gekund, ja. Ik had wel de ruimte nodig om de ontwikkelingen in het boek te verduidelijken. Ergens hebben zij wel een punt, maar ook weer niet omdat het gaat over wat oorlog precies inhoudt. Dat geweld beïnvloedt de kinderen. Geweld, oorlog en lijken zien op de televisie voelt anders. Het is iets waar je lekker naar kijkt. Als je De tolk van Java leest en écht in het boek zit – dat ervaar je gewoon anders. Het is heel ongewoon om pure oorlogsagressie te beschrijven in de Nederlandse literatuur. Twintig pagina’s minder was oké geweest, maar het moest er per se in. Ik heb soms ook dat ik een recensie lees en denk: “O, daar gaat mijn boek over!” Ik schrijf op gevoel en soms kom ik een analyse tegen waar ik wat van leer.’

Wat is qua lezen uw guilty pleasure? En daarbuiten?

‘Weet je wat leuk is? Ik ga wel eens naar YouTube en dan tik ik “why we love the russians so much” in. Dan kom je filmpjes tegen waarin Amerikanen maffe beelden van Russen hebben gemonteerd. Ongelukken en mensen die van gebouwen af springen. Ik lig dan helemaal in een deuk! Ik heb vroeger aan martial arts gedaan en ik kan ook wel lang naar bokswedstrijden kijken. Mijn favoriet blijft toch wel die filmpjes met rare Russen.’

Met welk van uw boeken heeft u de diepste band?

‘Ik denk weer Rivier de Lossie. Ik kan dat boek lezen alsof een ander het heeft geschreven. Heel raar. Ik heb waarschijnlijk met De tolk van Java een erg diepe band, maar daar ben ik nog niet overheen. Het schrijven van het boek is erg zwaar geweest. Het heeft mij mijn gezondheid gekost en ik ben er na twee jaar nog niet van bijgekomen. Daar heb ik vermoedelijk mijn diepste band mee. Daar zit al mijn shit in, hè.’

Heeft u verborgen talenten? Als u geen schrijver zou zijn, wat zou u dan zijn?

‘Ik geloof dat ik goed kan koken! Maar kok hoef ik niet te zijn, veel te stressvol. Ik schijn ook goed te kunnen acteren.’

Er staat een tafeltje langs de Seine klaar, met een roodgeblokt laken, twee wijnglazen, een kaars. Obers in jacquet staan paraat.

a) Welk personage uit de wereldliteratuur zou u voor een diner uitnodigen?

‘Patrick Modiano.’

b) Waar zouden jullie het over hebben?

‘Hij heeft een rare relatie met zijn vader, ik ook. Hij schrijft vooral over zijn verleden of een verder verleden, ik ook. En natuurlijk over het schrijven. Ik ben wel fan van hem, ja.’

Wat is het interessantste dat u onlangs van een boek geleerd heeft?

‘Het interessantste boek? Dat zou Witte onschuld van Gloria Wekker moeten zijn, maar die heb ik helaas nog niet gelezen. De I Tjing blijft interessant. Ik blijf het ook lezen. Ik heb al veel jaren over (post)kolonialisme gelezen. Daar probeer ik een beetje van weg te rennen, dus nu lees ik over racisme en seksisme, haha. Om dáár van weg te rennen, vlucht ik in de oude Chinese klassiekers. Of toch misschien Het verhaal van Genji van Murasaki Shikibu. Het beschrijft het leven aan een hof van duizend jaar geleden. Wat er zo interessant aan is, is dat je toch ziet dat de mens eigenlijk niet is veranderd. Het gaat over liefde, bedrog, jaloezie en hebzucht. Het verandert niet.’

Welk boek zou iedereen op zijn of haar achttiende gelezen moeten hebben?

‘Van den vos Reynaerde.’

Welke klassieker heeft u, tot uw grote schaamte, nooit gelezen?

‘Die Griekse drama’s! Daar val ik zo snel bij in slaap. Ik vind er niks aan.’

Haruki Murakami of Philip Roth?

‘Murakami.’

Larry David of Jerry Seinfeld?

‘Ken ik niet.’

Jane Austen of Charlotte Brontë?

‘Charlotte Brontë.’

Leo Tolstoj of Fjodor Dostojevski?

‘Dostojevski.’

Harry Mulisch of Willem Frederik Hermans?

‘Willem Frederik Hermans.’