Profiel Sjarel Ex

De ideale museumdirecteur

Kort voordat de chaos bij het Stedelijk Museum in Amsterdam in volle glorie aan het licht kwam, verklaarde toenmalig directeur Rudi Fuchs dat zijn ideale museum vervuld moest zijn van stilte. Volgens Fuchs moest een museum de laatste plaats zijn van rust en contemplatie, te midden van een wereld vol rumoer en onevenwichtigheid. Deze opvatting stond haaks op die van zijn collega Sjarel Ex. In Utrecht haalde Ex vanaf 1988 juist doelbewust het rumoer binnen de muren van het gemeentelijke Centraal Museum. Met succes: in vijftien jaar tijd verbouwde hij een zieltogend en tuttig museum tot een cultureel bolwerk met een mix van disciplines en stijlen. Het museum werd bekend om tentoonstellingen waar het grote publiek én de kenners op afkwamen. Sindsdien is wonderkind Sjarel Ex de gedoodverfde opvolger van iedere prestigieuze directeurspost die vrijkomt. Vorig jaar werd hij genoemd voor zowel het Van Abbe in Eindhoven als het Stedelijk Museum en museum Boijmans van Beuningen te Rotterdam. Het wordt Rotterdam.

Vervelen hoeft Ex zich daar niet. Het Boijmans van Beuningen heeft een zware periode achter de rug, met een grootscheepse fraude in eigen huis en een duurder uitgevallen verbouwing dan begroot. De frau derende medewerker was al voordat hij bij het museum in dienst kwam veroordeeld voor financiële malversaties. Toch wist hij 3,3 miljoen euro uit de culturele instelling weg te sluizen. Slechts de helft is terug gevonden. De eindeloze verbouwing van het museum viel 1,9 miljoen euro duurder uit dan gepland. En dat is misschien nog wel een serieuzer probleem. Het resultaat is er namelijk niet naar. Omdat de nieuwe aanbouw als een schil rond de oudbouw is gelegd, wordt het de bezoeker niet makkelijk gemaakt. Ook de manier waarop direct daglicht het zicht op de schilderijen ontneemt, is ongelukkig. Directeur Wim Pijbes van de Kunsthal, de buurman van het Centraal Museum, is duidelijk: «Die nieuwe vleugel moeten ze zo snel mogelijk afbreken.»

Behalve deze beslommeringen was ook het directeurschap van Chris Dercon niet onomstreden. Dercon, die afgelopen mei naar het Haus der Kunst in München is vertrokken, botste met zijn conservatoren. Rond 2000 vertrok een groot deel van de staf, wat zijn tol eiste van de consistentie van het museumbeleid. Dercon werd gezien als de man die streefde naar intellectuele inhoud, en niet in het gevlij van het publiek wilde komen. De bezoekersaantallen bleven ver achter bij die van de publieksvriendelijke Kunsthal, die zonder subsidie of collectie meer publiek wist te trekken. Afgelopen jaar bezochten 190.000 mensen de Kunsthal, terwijl er 165.000 naar het Boijmans kwamen. In 2002 was dat 176.000 tegen 115.000.

Sjarel Ex (46) weet waar hij aan begint. Omdat hij de enige kandidaat was, heeft hij ook eisen kunnen stellen. Van de gemeente verlangt hij dat vóór zijn aantreden het Boijmans financieel is gesaneerd. Het college van b. en w. heeft dat toegezegd, de gemeenteraad moet nog beslissen. Tweede voorwaarde is dat hij hoofddirecteur wordt. Het Boijmans heeft altijd twee directeuren gehad: één voor de zakelijke kant, en één voor de kunst. Ex wordt nu verantwoordelijk voor beide.

«Een uitstekende keus», zegt conservator oude kunst van het Boijmans, Jeroen Giltaij, die in het verleden hard botste met Dercon. «Het museum heeft heel hard iemand nodig bij wie het om de kunst gaat.» Ook Wim Pijbes is opgetogen over de nieuwe buurman: «De beste aankoop sinds jaren. Het Boijmans heeft de afgelopen jaren er niet uitgehaald wat erin zat.»

Unaniem wordt erkend dat Ex dat bij het Centraal Museum wél heeft gedaan. Bij zijn aantreden in 1988, als jongste museumdirecteur van Nederland, trof hij een verstoft museum met een vervallen depot aan. De koffiejuffrouw zette her en der plantjes neer om de boel wat gezelliger te maken. Onder Ex’ bewind kwam er een grootscheepse verbouwing, een kindermuseum (Kids Centraal) en kregen alle medewerkers een spijkerpak, ontworpen door het modeduo Viktor & Rolf. Ex vond ongebruikelijke wegen om kunst onder de aandacht te brengen, zowel binnen als buiten het museum. Met de tentoonstelling Panorama 2000 maakte hij van de stad zelf een kunstwerk, dat het best te bewonderen was vanaf de Domtoren.

Frans Haks, ex-directeur van het Groninger Museum, deelt de waardering voor Sjarel Ex: «Ex is goed in het bedenken van onconventionele oplossingen.» Zoals de nieuwe «depotservice» die hij instelde: tegen een kleine vergoeding kan iedere bezoeker een object uit het depot laten halen.

Sjarel Ex had succes. Sinds de heropening in 1999 trekt het Centraal Museum jaarlijks ruim honderdduizend bezoekers, tegen 61.000 in 1990. Bovendien heeft Ex zich in de vijftien jaar als directeur ook bewezen in traditionele museumtaken. Hij heeft een nieuw depot laten bouwen en de gehele collectie in kaart gebracht en ontsloten — een taak waar menig museum in Nederland nog aan moet beginnen.

Intussen liet hij ruim driehonderd uiteenlopende tentoonstellingen organiseren, variërend van een overzicht van de zes tiende-eeuwse meester Jan van Scorel tot multimediaal spektakel FFF in 2002. FFF was een soort pretpark. De bezoeker hoefde niet alleen te kijken, maar moest ook ruiken en voelen. Wie de zaal «female» betrad, moest eerst door een gigantische vagina van stof die als toegangspoort fungeerde en werd daarna bedwelmd door de lucht van Opium. In een zwembad kon men naakt «floaten». Alle zintuigen werden aangesproken.

Voor sommigen is Ex’ onorthodoxe stijl te veel van het goede. Maar zijn beleid heeft de benadering van tentoonstellen wel degelijk opengebroken. «Hij is iemand die buiten de kaders stapt, die je perspectief verandert», zegt Meta Knol, conservator moderne kunst van het Centraal Museum. Bovendien heeft Ex ook verstand van geld en weet hij waar hij dat kan vinden. De kosten van de verbouwing van het Centraal Museum bedroegen 37 miljoen gulden, waarvan dertig miljoen uit particuliere fondsen kwam.

Achter de lof voor dit commerciële talent schemert niettemin het verwijt dat Ex geen inhoudelijk directeur zou zijn. De publieksvriendelijkheid van het museum zou ten koste gaan van de identiteit. «Hij is een wondermens op het gebied van de poen», beaamt Frans Haks, «maar het is kletskoek dat hij alleen commercieel zou zijn.» Meta Knol: «Geld is bij hem altijd een middel. Men vergeet dat hij het geld ook gebruikt voor wetenschappelijke doeleinden.» En Wim Pijbes: «Het is vooral de gereformeerde kunstkerk die zeurt dat Sjarel er alleen voor de financiën is en niet inhoudelijk zou zijn.»

Sjarel Ex lijkt een buitenbeentje. Maar hij was eigenlijk de jongste kunstbobo van Nederland. Ex is kunsthistoricus, die cum laude afstudeerde en daarna aan de Vrije Universiteit onderzoek deed naar De Stijl. Tegelijkertijd maakte hij freelance tentoonstellingen. Samen met twee studiegenoten organiseerde hij Century 87, waarbij werk van internationale moderne kunstenaars op ongebruikelijke locaties in de Amsterdamse binnenstad werd geëxposeerd. Dat was Ex’ doorbraak. Een jaar later kreeg hij op 31-jarige leeftijd het directeurschap van het Centraal Museum aangeboden. Daarbij bleef het niet. Eindeloos veel bestuursfuncties volgden: bij de Mondriaanstichting, de Rijksacademie, het Theaterinstituut, het Fonds voor de Kunsten en Stichting Kunst en Openbare Ruimte. Ex was de ideale museumdirecteur naar de maatstaven van Rick van der Ploeg, de staatssecretaris in het laatste paarse kabinet, en deel van het establishment.

Wat gaat Sjarel Ex nu doen in Rotterdam? Niemand wil speculeren. Net als het Centraal Museum beschikt het Boijmans van Beuningen over een gevarieerde collectie oude en moderne kunst en veel kunstnijverheid. Maar er zijn ook grote verschillen. De collectie van het Boijmans is van internationaal belang. De staf is groter, en de problemen ook. Frans Haks, die in Groningen in conflict raakte met de gemeente en het bestuur van het museum: «Ex komt met een pakket bewezen kwaliteiten, maar de vraag is of de combinatie met de staf ook zal lukken.» Een andere vraag is of de gemeente Rotterdam met het binnenhalen van Ex niet te veel mikt op het publiek van de buurman. Met hun hippe en frisse uitstraling lijken de Kunsthal en het Centraal Museum op elkaar. Pijbes is niet bang: «Waar veel is, kan meer.»